Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#859 Het aanroepen van Gods Naam

Werkboekles 183 vraagt ons Gods Naam aan te roepen, en in stilte Zijn Naam te herhalen. Ik heb een Naam nodig om deze les te doen.

Antwoord: Het is niet zonder bedoeling dat Gods Naam nergens in deze les voorkomt, hoewel ons gevraagd wordt hem herhaaldelijk aan te roepen. Dit helpt ons om iets te beseffen dat we niet willen missen in Jezus’ onderricht: alles in deze wereld van specifieke vormen symboliseert op een of andere manier de inhoud die we gekozen hebben om ons mee te identificeren in de denkgeest Dit is ofwel het denksysteem van het ego of dat van de Heilige Geest. Toegepast op deze les betekent dit dat De Naam van God aanroepen of Zijn Naam herhalen, het denksysteem aanroept dat Zijn Liefde weerspiegelt. En voor ons als studenten van Een cursus in wonderen wordt die Liefde gesymboliseerd door Jezus. Sprekend in de derde persoon bespreekt Jezus in het handboek het aanroepen van zijn naam:

“De naam van Jezus Christus als zodanig is slechts een symbool. Maar het staat voor liefde die niet van deze wereld is. Het is een symbool dat veilig gebruikt kan worden ter vervanging van de vele namen van al de goden tot wie jij bidt. Het wordt het stralende symbool van het Woord van God, zo dicht bij waar het voor staat dat de geringe ruimte tussen de twee verdwijnt, zodra de naam in herinnering wordt geroepen” (H23.4:1-4).

Het aanroepen van Gods Naam verschuift ons perspectief van speciaalheid, specifieke vormen en het aanbod en de eisen van de wereld, naar het perspectief van onze gedeelde belangen en onze eenheid als Gods Zoon – en dat al het andere geen waarde of betekenis heeft.

Jezus wil niet dat het aanroepen van Gods Naam verandert in een of andere rituele of magische aanroeping, of dat het gebruikt wordt als een mantra of succesformule. In de context van de hele Cursus kan “het aanroepen van Gods Naam” geen andere betekenis hebben dan van een middel ons te helpen alles van ons ego naar de liefdevolle aanwezigheid in onze denkgeest te brengen, voorbij de wereld en het lichaam, en terug naar onze identiteit als uitdrukking van die Liefde.