Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#845 Waarom zou je je druk maken over de Cursus? Die lijkt toch geen praktische waarde te hebben.

In een van jouw uitspraken zeg je: stel je voor dat je door deze wereld gaat en iedereen liefhebt die je tegenkomt, wat een staat van volledige vergeving zou zijn. Maar ik ken niemand of heb nog nooit over iemand gehoord die deze toestand ooit bereikt heeft, ongeacht hoe lang ze Een cursus in wonderen al bestuderen. Ik lees in feite over mensen die de Cursus al twintig jaar bestuderen en nog altijd aan het beginpunt staan, nog haatgevoelens hebben en jaloezie voelen jegens iemand, enzovoort. Ik kom voortdurend in aanraking met Cursus-studenten die de Cursus al jaren bestuderen, en ze lijken totaal niet te verschillen van anderen. Deskundiger op het gebied van de Cursus, ja – meer vergevingsgezind, nee. Ik ken geen enkele Cursus-student die in welke werkelijke betekenis ook hogerop gekomen is op de ladder. Waarom zou je doorgaan met de studie van de Cursus als je na 15 of 20 jaar nog altijd je kalmte verliest, niet in staat bent om te vergeven, nog altijd om hulp smeekt om deze moeilijke levensomstandigheden door de ogen van Jezus te zien? Wat heeft het voor nut als de Cursus ons leert dat alles al voorbij is en niemand wordt achtergelaten? Waarom zouden we zoveel tijd besteden aan iets dat zo moeilijk te begrijpen is, als je er niets mee opschiet? De Cursus is prachtig, maar lijkt geen enkele praktische waarde te hebben.

Antwoord: Zo te horen heeft de ervaring met de Cursus je behoorlijk gefrustreerd. Jezus zegt nooit dat het een gemakkelijk pad is, en het vergt enorm veel geduld met onszelf (en anderen!) terwijl we de verschillende aspecten van het ego-denksysteem aan het licht brengen. We worden ons dan steeds meer bewust van het verband tussen onze overtuigingen over onze oordelen en aanvallen, en onze behoefte om het zelf te behouden dat we denken te zijn.

In zekere zin zijn we altijd terug bij ons beginpunt wanneer we ons met het ego vereenzelvigen. Dit omdat het ego een totaal denksysteem is, dat op zich door onze studie en de beoefening van de Cursus niet in het minst gematigd of gewijzigd wordt. Het ego is zuivere onvervalste haat, aanval en moord, en dit verandert niet, ongeacht hoe lang we al met de studie van de Cursus bezig zijn. Wat hopelijk wel verandert, is hoe lang we het ego in leven blijven houden, voor we bereid zijn om ons tot een andere Leraar te wenden. Want ook de Heilige Geest is een totaal denksysteem – een van zuivere onvervalste liefde.

Het is dus niet zo dat we ophouden met kwaad worden en oordelen en haten, maar de periodes dat we tegen die woede en haat kiezen worden geleidelijk langer, naarmate we sneller beginnen in te zien dat we voor het ego hebben gekozen, en erkennen wat dat ons kost aan verlies van vrede en vreugde. En ja, uiteindelijk, aan de top van de ladder, zullen we niet langer kwaad worden, haten of oordelen. Maar van onszelf – en van anderen – verwachten dat we vrij van oordeel en woede zijn naarmate we vorderen op de ladder, is geen realistische verwachting. Nergens zegt Jezus in de Cursus ons trouwens dat we niet woedend mogen worden – hij vraagt ons alleen te aanvaarden dat dit nooit gerechtvaardigd is (zie bijvoorbeeld T30.VI.1:1; H17.8:6).

Het is behulpzaam om in gedachten te houden dat we gewoon niet in een positie zijn om te oordelen over iemands vorderingen met de Cursus, met inbegrip van die van onszelf (T18.V.1:5-6). Wanneer we over anderen oordelen, baseren we ons op uiterlijk gedrag – de vorm – en we weten gewoon niet hoe iemand anders misschien weifelt tussen een juiste of een onjuiste gerichtheid van zijn denken. Als we mededogen kunnen voelen voor anderen die angst en de weerstand ervaren bij dit proces van loslaten van oordelen, zullen we eveneens in staat zijn milder voor onszelf te zijn, wanneer we veel weerstand voelen. Nogmaals, het kan helpen om in gedachten te houden dat oordeel en haat een doel dienen: zelfbehoud van het ego en dus van het zelf dat we denken te zijn. En dus is de weerstand enorm en lijkt de voortgang bij tijden een slakkengangetje. Maar nogmaals, we zijn niet in een positie om iemands vorderingen, met inbegrip van de onze, op dit pad te beoordelen.

Het kan ook helpen het genezingsproces dat de Cursus probeert te stimuleren in een bredere context te zien, en tegelijk in te zien dat het gebruik van een lineair tijdskader enigszins misleidend kan zijn. De Cursus is zo’n 35 tot 40 jaar beschikbaar. We doen een poging een denksysteem ongedaan te maken waar we gedurende duizenden en zelfs miljoenen jaren in geïnvesteerd hebben en dat we tot werkelijkheid hebben gemaakt (T2.VIII.2:5). Daarbij vergeleken is twintig jaar niets om het ego-denksysteem te proberen te begrijpen, en ook niet om het denksysteem van de Cursus ter correctie daarvan te begrijpen, en om vervolgens zijn principes toe te passen. Naarmate ons begrip van de Cursus verdiept zal de toepassing van de principes ervan veranderen.

Wat onze vooruitgang bepaalt, is natuurlijk niet de werkelijke hoeveelheid tijd die besteed wordt aan de studie en de beoefening van de Cursus, maar het niveau van schuld en angst dat we in ons bewustzijn toelaten om ongedaan te laten maken. Voor de meesten van ons, is de angst om het zelf dat we als werkelijk koesteren te verliezen onze geheime motivatie om te blijven oordelen, haten en aanvallen en die waarnemingen te rechtvaardigen. En vanwege de vele niveaus waarop de Cursus is geschreven, die een afspiegeling zijn van de correcties voor de vele lagen van het ego-denksysteem, kunnen we onszelf voor de gek houden en geloven dat we zijn principes beoefenen terwijl we heel subtiel ons ego versterken.

En dus moet elk van ons die de Cursus als zijn of haar spiritueel pad ziet zich eerlijk afvragen: breng ik de principes van de Cursus in praktijk of bestudeer ik de Cursus gewoon als – in de eerste plaats – een intellectuele oefening? Het kan vele jaren van studie vergen voor ons niveau van angst voldoende verminderd is om onszelf toe te staan te horen wat Jezus werkelijk zegt. Het doel van de Cursus is niet ons alleen te leren hoe we moeten ophouden met oordelen en haten, maar om op steeds diepere niveaus te leren inzien wat de oordelen en de haat ons kosten. Want dat motiveert ons om onze oordelen en haat los te laten en ons van de angst te bevrijden die beweert dat vergeving tot zelfvernietiging zal leiden.

Jouw ervaring met de Cursus en studenten ervan klinkt tamelijk negatief, maar ook al beweren ze niet dat ze de hoogste sport van de ladder hebben bereikt, toch zeggen heel wat mensen dat ze belangrijke verschuivingen ervaren in de manier waarop zij anderen en zichzelf waarnemen, en dit als gevolg van het toepassen van de vergevingsprincipes van de Cursus. En vele studenten hebben ook verteld dat anderen – vrienden en familie – grote veranderingen in de Cursus-student opgemerkt hebben zonder precies te weten hoe dat is gekomen. Alleen het ego zal elke verschuiving willen ontkennen die wegleidt van trouw aan het ego en leidt naar de Heilige Geest.

Je zou ook nog kunnen overwegen of Een cursus in wonderen wel het spirituele pad is dat specifiek voor jou is bestemd, en ook dat moet helemaal OK zijn. Misschien is er een andere vorm van spiritualiteit die je kan helpen je eigen woede en oordelen los te laten en de stappen te nemen die je terug naar huis zullen leiden, waar we allemaal heen gaan. Onderweg zullen we ongetwijfeld struikelen en vallen, maar we zullen zeker voortgaan naar dat onvermijdelijke resultaat, wanneer we waarlijk zullen weten dat ‘alles al voorbij is en niemand wordt achtergelaten’.