Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#995 Is iedereen bang voor het verlies van individualiteit?

Je hebt gezegd dat als we de boodschap van de Cursus dat we niet bestaan werkelijk zouden begrijpen, we paniek zouden voelen. Maar ik voel geen paniek, alleen ongemak en soms angst. Ik heb een vriendin die ook Een cursus in wonderen doet, en zij zegt dat ze geluk voelt als ze denkt aan het verliezen van haar individualiteit en vereniging met God. Ik vermoed dat er tot op zekere hoogte in ons allebei een blokkade zit, en misschien wel in ons allemaal. Dit is onze ontkenning, ons niet-aanvaarden van de waarheid. Is dat waar?

Antwoord: Ja, iedereen die gelooft dat hij of zij hier is, ontkent de waarheid. Als we eraan toe waren de waarheid volledig te accepteren, zouden we deze droom niet langer nodig hebben en zouden we ontwaken tot ons werkelijke thuis in de Hemel, waar we nog steeds één zijn met onze Schepper. Het feit dat we dat niet doen zegt ons dat we een motivatie moeten hebben om deze wereld van afscheiding en pijn te verkiezen boven de vrede van God.

Een cursus in wonderen laat ons weten wat die motivatie is. Hij stelt dat wij deze wereld van moord en aanval hebben verzonnen, omdat het een beeld is van wat wij denken dat we zijn. Wij geloven dat we moordenaars zijn, die de dood verdienen voor wat we gedaan hebben (T20.III.4). En waar we onszelf van beschuldigen, is dat we ons de plaats van God toe-eigenen; dus in wezen, Hem doden. Tegelijkertijd geloven we dat God niet werkelijk dood is en terug zal komen om ons onze straf te geven. Dus, de enige voorstelling die het ego van God heeft, is als een boze vader die zijn schuldige zoon achtervolgt (H17.7:10). Deze angstaanjagende dynamiek motiveert ons om naar het ego te blijven luisteren, en te blijven dromen dat we in deze wereld van individualiteit en afscheiding verkeren, waar God niet binnen kan gaan (WdII.3.2:4). Met andere woorden: hoe slecht deze wereld ook kan zijn, wij geloven dat hij onze bescherming is.

Echter, een ander deel van onze denkgeest – in de Cursus gesymboliseerd als de Heilige Geest – behoudt de herinnering aan de ware Liefde van God. Het weet dat de boze, wraakzuchtige God een verzinsel van het ego is. En dus hebben we twee concurrerende denksystemen in onze denkgeest: dat van het ego, waardoor we letterlijk doodsbang zijn onze individualiteit te verliezen, en dat van de Heilige Geest, waardoor we weten dat we niets te vrezen hebben en dat onze erkenning van dit feit en het daaruit voortvloeiende ontwaken ons alles geeft wat we werkelijk willen. De Cursus is gericht op het deel van onze denkgeest dat kiest tussen deze twee denksystemen. Aan de ene kant vraagt hij ons naar de paniek te kijken, waarvoor we een hele wereld miscreëerden om te vermijden haar onder ogen te zien. Aan de andere kant vertelt hij ons dat deze angst verzonnen is, en geeft hij ons een methode om haar uiteindelijk los te laten en in vrede te zijn.

Het is dus niet verwonderlijk dat wij waarschijnlijk vele wisselende en conflicterende emoties ervaren als we met de Cursus werken. Bovendien, omdat onze paniek diep begraven ligt, hebben we wellicht geen directe emotionele ervaring hiervan, en zeker niet consequent. De Cursus leert ons: “Wat ik ‘mijn’ gedachten noem, zijn niet mijn werkelijke gedachten” (WdI.51.4:3). Hij zou hetzelfde beweren over gevoelens. Gevoelens liegen omdat ze zo goed als altijd het resultaat zijn van gedachten over een of ander aspect van ons illusoire bestaan als individu binnen deze fysieke wereld.

Natuurlijk, gevoelens kunnen behulpzaam zijn indien ze ons motiveren de Heilige Geest te vragen met ons naar onze gedachten erachter te kijken en, in dat proces, Zijn Liefde de plaats van de schuld van het ego te laten innemen. Als we alleen dat maar met onze gevoelens kunnen doen – leren ze simpelweg te bekijken zonder ze te beoordelen, te veel te analyseren, of er bezorgd over te zijn – zullen ze geleidelijk in intensiteit en ogenschijnlijk belang afnemen, terwijl ons vermogen om de vrede van God te voelen toeneemt.