Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#988 Beschouwt de Cursus karma als iets buiten zijn kader?

Ik heb een vriendin die ‘vrijgemaakt’ is van haar karma en in mijn ogen enorme resultaten boekt, zoals het vermogen anderen te genezen. Kun je toelichten wat Jezus hierover te zeggen heeft? Beschouwt Een cursus in wonderen dit onderwerp als iets dat buiten zijn kader valt?

Antwoord: Je vraag werpt twee kwesties op: wat is het standpunt van de Cursus over karma, en welk standpunt neemt hij in over het vermogen anderen te genezen. Het klopt dat geen van deze onderwerpen een aandachtspunt van de Cursus is. Dus laten we onderzoeken waarom dat zo is:

Misschien kan de meest overtuigende beschrijving van Jezus’ standpunt over genezing gevonden worden in de volgende passage: “Wie jij aanvalt kun je niet willen genezen. En wie jij genezen wilt hebben, moet wel degene zijn die jij verkozen hebt van aanvallen te vrijwaren. En wat is deze beslissing anders dan de keuze hem ofwel door de ogen van het lichaam te zien, ofwel hem door visie aan jou geopenbaard te laten worden? Hoe deze beslissing tot haar gevolgen leidt is niet jouw probleem. Maar wat jij wilt zien moet wel jouw keuze zijn. Dit is een cursus in oorzaak, niet in gevolg” (T21.VII.7:3-8).

We zullen de laatste zin van die passage eerst bekijken: “Dit is een cursus in oorzaak, niet in gevolg.” Met oorzaak bedoelt Jezus de denkgeest – in het bijzonder dat deel van de denkgeest dat de macht heeft naar het ego of naar de Heilige Geest te luisteren. Wanneer we naar het ego luisteren (die ons zegt dat we ten koste van God bestaan), vult onze denkgeest zich met schuld en angst, met als gevolg dat we woede en aanval projecteren. Deze dynamiek heeft ons ertoe gedwongen in slaap te vallen en in de eerste plaats een wereld te dromen van afgescheiden lichamen. Dit is onze onfortuinlijke reactie op de listige verkondiging van het ego dat we alle schuld uit onze denkgeest zouden kunnen verwijderen als we maar lichamen vonden waarop we die schuld kunnen projecteren. Met gevolg bedoelt Jezus de wereld, die niets meer is dan een nachtmerrie, die we hebben omdat we er voortdurend voor kiezen te dromen met het ego in plaats van te ontwaken met de Heilige Geest.

Voor Jezus is lichamelijke ziekte dus niets anders dan nog een element in onze droom, die de schuld in onze denkgeest weerspiegelt. Aangezien ziekte niets meer dan een gevolg is, houden Jezus en zijn cursus zich dus niet bezig met fysieke genezing. In plaats daarvan wil hij ons helpen de omslag in onze denkgeest te maken die “de schuld weg[neemt] die de ziekte mogelijk maakt” (WdI.140.4:5). Dit is de omslag waar Jezus in de hierboven aangehaalde passage naar verwijst als hij spreekt over de keuze om een ander “door de ogen van het lichaam” (de schuldige ogen van het ego) te zien, ofwel hem “door visie (de liefdevolle visie van de Heilige Geest) geopenbaard te laten worden”. Wanneer we de ogen van het lichaam kiezen, zal het onderliggende motief altijd aanval zijn. Wanneer we met de Heilige Geest kijken, zullen we de onschuld zien die we met onze broeder delen en die verborgen blijft in de denkgeest, voorbij onze ogenschijnlijk afgescheiden fysieke identiteit. Dit zal er automatisch toe leiden dat we liefde uitbreiden, waardoor we onze broeder tegen een aanval beschermen door zijn schuldige waarneming van zichzelf af te wijzen in plaats van die te versterken.

Jezus zegt ons dat het niet ons probleem is hoe deze beslissing tot gevolgen leidt. Maar die keuze maken is dat wél. Met andere woorden: we hoeven ons geen zorgen te maken over hoe de staat van onze denkgeest in deze droom weerspiegeld wordt. We hoeven ons alleen maar bezig te houden met het veranderen van innerlijke leraar zodat we de Liefde van de Heilige Geest kunnen ervaren ongeacht wat er in de fysieke wereld lijkt te gebeuren.

Wanneer we dat bereiken, zullen we in staat zijn bij anderen te zijn met een schijnbaar ziek lichaam, en te weten dat hun lichamelijke ziekte geen effect kan hebben op de werkelijkheid waartoe zij behoren. Er kunnen ogenblikken zijn waarop onze kennis van hun onschuld maken dat anderen de angst loslaten die hun behoefte aan fysieke symptomen veroorzaakt. Er zullen zeker ook ogenblikken zijn waarop noch hun angst noch hun ziekte door onze liefde beïnvloed lijkt te worden. Nogmaals, dat is onze zorg niet. Onze zorg betreft alleen onze eigen denkgeest en het denksysteem waarbij we ons verkiezen aan te sluiten. (Zie voor meer uitleg hoofdstuk III van de Aanvullingen Het lied van het gebed).

Deze focus op de huidige staat van onze denkgeest is de reden waarom de Cursus niet over karma spreekt. Vanuit Jezus’ standpunt is wat we levens geleden of vijf minuten geleden deden allemaal het zelfde: deel van de droom waaruit we dienen te ontwaken. Wat er toe doet is niet ons verleden, maar de innerlijke leraar die we op dit moment kiezen. Dat sluit echter niet uit dat het aanpakken van kwesties uit een vorig leven voor sommige mensen heel nuttig kan zijn. En als jouw vriendin een methode heeft gevonden die het loslaten van schuld makkelijker maakt, dan is dat heel nuttig. Maar vanuit het standpunt van de Cursus komt dit niet echt doordat haar karma is vrijgemaakt. Maar het is het gevolg van het feit dat ze een symbool heeft gevonden dat haar uiteindelijk vergeving liet aanvaarden, en deze vergeving de ingebeelde schuld van haar ingebeelde zonden in haar ingebeelde verleden weg liet wassen.