Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#946 Als we niet bestaan, hoe kunnen we dan collectief iets doen?

Ik begrijp dat Jezus in Een cursus in wonderen tot onze denkgeest spreekt en niet tot onze hersenen. Ik begrijp ook dat er maar één denkgeest is. Dus hoe kunnen we collectief iets doen als er slechts één denkgeest is en wij niet bestaan? Hoe dromen wij bijvoorbeeld collectief een tsunami of een andere ramp zoals een oorlog?

Antwoord: Laten we, in antwoord op je vraag, eerst eens kijken hoe een nachtelijke droom werkt. In nachtelijke dromen lijken verschillende mensen met elkaar in interactie te zijn. Maar als je wakker wordt, besef je dat het zich allemaal in je hoofd heeft afgespeeld. Alle karakters in de droom werden gecreëerd, uitgewerkt en geregisseerd door jouw verbeelding. Ongeacht hoeveel karakters er verschenen, of hoe werkelijk ze leken, als je ’s morgens wakker wordt merk je dat er nog steeds maar één ‘jij’ is.

Op dezelfde manier maakt Een cursus in wonderen duidelijk dat we in werkelijkheid, buiten deze droom van tijd en ruimte, in de Hemel blijven als een “Eenheid die als Eén verbonden is” (T25.I.7:1). Helaas hebben we deze waarheid bedekt met verschillende lagen illusies, die het zo goed als onmogelijk maken dit te begrijpen. Maar de Cursus helpt ons het te begrijpen door uit te leggen dat het allemaal begon met één gedachte van afscheiding. Die gedachte leek een denkgeest in het leven te roepen die afgescheiden was van zijn Schepper – een staat die de denkgeest zowel spannend als beangstigend vond. Deze gevoelens brachten de ene denkgeest dieper in slaap en lieten hem ogenschijnlijk fragmenteren in miljarden deeltjes om uiteindelijk terecht te komen in deze wereld van veelheid. Maar ieder fragment, geboren uit een enkele gedachte, behield het hele denksysteem van de ene denkgeest waar het uit voortkwam. En dus kunnen we, als fragment, individuele (en heel verschillende) ervaringen hebben in deze wereld. Nochtans, vanuit dezelfde Bron gefragmenteerd, delen we een ervaring over de werking van deze wereld en de gebeurtenissen die erin plaatsvinden.

Je hebt gelijk als je zegt dat Jezus in de Cursus zich richt tot onze denkgeest en niet tot onze hersenen. Maar hij spreekt niet de ene denkgeest aan, die de boodschap van de Cursus niet nodig heeft, omdat hij al één is. In plaats daarvan spreekt Jezus tot onze individuele gespleten denkgeest. Zoals de Cursus duidelijk maakt, bestaat de denkgeest van elk van ons uit drie delen: het ego, de Heilige Geest en de keuzemaker die tussen deze twee kiest. Jezus’ doel met het schrijven van zijn Cursus is ons eraan te herinneren dat we kunnen overstappen van het ego naar de Heilige Geest als onze innerlijke Leraar. En dus spreekt hij in werkelijkheid tot het keuzemakende deel van onze denkgeest omdat dát deel de omslag kan maken. Evenals de ene denkgeest, bevindt de keuzemaker zich buiten tijd en ruimte. Maar de keuze van de keuzemaker bepaalt of we deze droomwereld gebruiken als een gevangenis of als een klaslokaal waarin we ontwaken tot ons ware thuis in de Hemel.

Wanneer de keuzemaker de Heilige Geest kiest, beginnen we automatisch de eenheid van de Hemel te weerspiegelen in onze gedachten, woorden, en daden. Dit komt omdat, zoals de Cursus zegt: “Het is de functie van de Heilige Geest jou te leren hoe deze eenheid ervaren wordt, wat jou te doen staat om dit te kunnen ervaren, en waarheen je moet gaan om dat te doen” (T25.I.6:4). En dus is het proces dat de Cursus ons laat zien er een van geleidelijk ontwaken tot onze eenheid. Aan het uiterste einde van de reis zullen we merken dat zelfs de ene denkgeest een illusie is, als we uiteindelijk aanvaarden: “nergens eindigt de Vader en begint de Zoon als iets afzonderlijk van Hem” (WdI.132.12:4).

Voor een verwante bespreking over de paradox van één denkgeest en afzonderlijk bewustzijn zie: V#127 Als er slechts één Denkgeest is, waarom neem ik mijzelf dan als uniek waar?