Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#883 Als ik eenmaal een gedachte heb gehad, hoe kan ik die dan ooit vergeten?

i. Een cursus in wonderen zegt dat de illusoire wereld verdwijnt zodra we ons realiseren dat we God nooit hebben verlaten. Hoe is dit mogelijk? Als ik een gedachte heb gehad blijft deze voorgoed bij me. Hij kan op de achtergrond raken, maar hij verdwijnt nooit helemaal en kan elk moment door een bepaalde impuls worden opgeroepen. En dit is van toepassing op alle gedachten die ik ooit heb gehad in deze illusie.

ii. We projecteren onze angst op iemand anders en worden dan bang voor wat die persoon ons zal aandoen. Er zijn enkele miljarden mensen op deze wereld en wie weet wat er nog meer bestaat in andere illusies buiten ons universum. Maar niets bestaat in een illusie. Betekent dit dat ik mijn angsten heb geprojecteerd op de miljarden mensen op deze planeet?

Antwoord: i. Het zelf dat de gedachte heeft gehad zal eveneens verdwijnen, want dat is even illusoir als de wereld. Dat is voor ons moeilijk te begrijpen, om nog maar niet te spreken over de paniek die we voelen wanneer we met dit feit worden geconfronteerd. Maar, zoals Jezus zegt wanneer de sluier is opgelicht en de wereld is verdwenen: “Niets van wat jij je nu herinnert, zul jij je dan herinneren” (T19.IV.D.6:6). En ook: “Je zult in de Hemel geen herinnering hebben aan verandering en omslag. Alleen hier heb je contrast nodig (T13.XI.6:1-2). In God is geen bewustzijn, geen individueel zelf met herinneringen of individuele gedachten: “Wat Hij schept staat niet los van Hem, en nergens eindigt de Vader en begint de Zoon als iets afzonderlijks van Hem” (WdI.132.12:4).

Wanneer we onze vergevingslessen beoefenen en onze waarnemingen van afgescheidenheid en verschillen steeds minder nuttig en aantrekkelijk beginnen te vinden, zullen we steeds meer aangetrokken worden tot datgene wat ons met elkaar verbindt. Geleidelijk aan verliezen we onze belangstelling voor alles wat ons herinnert aan de afscheiding en tegenstrijdige belangen. Dit is wat Jezus bedoelt met “de aantrekkingskracht van liefde tot liefde” (T12.VIII) wanneer de visie van Christus, die ons allen ziet als één, onweerstaanbaar wordt. Dit zal in ons bewustzijn groeien, tot we op een dag ontwaken en ons dankbaar realiseren dat er nooit iets anders is geweest. De gedachten die we als individu koesterden zullen verdwenen zijn in het niets waaruit ze waren voortgekomen. Dit is een proces dat natuurlijk en geleidelijk plaatsvindt wanneer onze focus de hele dag door uitsluitend is gericht op vergeving.

ii. Dit proces vindt volledig plaats in de denkgeest, buiten tijd en ruimte. Dat maakt het voor ons moeilijk om het denksysteem van de denkgeest te begrijpen. Wij denken altijd in termen van lineaire tijd en ruimte. Jezus benadrukt echter dat de wereld niets anders is dan “de uiterlijke weergave van een innerlijke toestand” (T21.In.1:5); “Het is nog steeds waar dat daarbuiten niets is. Maar op niets worden alle projecties gemaakt. Want het is de projectie die dit ‘niets’ alle betekenis geeft die het heeft” (T20.VIII.9:7-9).

Het punt is dat de denkgeest zo in angst verkeert over zijn schuld – dankzij zijn beslissing om naar het ego te luisteren in plaats van naar de Heilige Geest – dat hij een wereld verzint, vol van objecten waarop hij zijn schuld kan projecteren. Dit gebeurt echter alleen in de denkgeest. Er is niet eerst een wereld en vervolgens een denkgeest die zijn schuld en angst op die wereld projecteert. Sterker nog, de strategie van projectie vereist het verbreken van deze verbinding, zodat we ons alleen bewust zijn van een wereld van dingen. Dit blokkeert het feit dat deze dingen zijn voortgebracht door een denkgeest die een manier zoekt om zich van zijn schuldenlast te ontdoen. Vanuit deze dynamiek kunnen we onze angst overal op projecteren. Gewoonlijk roepen echter alleen bepaalde personen een reactie in ons op. Onthoud dat Een cursus in wonderen waarneming definieert als interpretatie. Niet wat we fysiek zien vormt onze waarneming, maar hoe we reageren op wat we zien. Als we dus sterk op iemand reageren – en die persoon hoeft niet eens lichamelijk aanwezig te zijn – kunnen we dat zien als een kans om terug te keren naar het moment in onze denkgeest waarop we een beslissing hebben genomen en om hulp vragen, zodat we met Jezus of de Heilige Geest naar onze schuld en angst kunnen kijken. Wanneer we dat steeds vaker doen, zullen we steeds minder projecteren. En tenslotte zullen we schuld en angst helemaal laten varen.