Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#866 Mijn vrouw gaat bij me weg en ik ben bang

Ik ben tien jaar getrouwd en we hebben vier jongens onder de tien. Mijn vrouw gaat bij me weg en wil een echtscheiding. Uit wrok heb ik haar in gedachten bedrogen, maar ik zou dat in werkelijkheid nooit doen, want ik houd verschrikkelijk veel van haar. Ik ben bang dat mijn vrouw niet van me houdt en dat ze mij zal bedriegen door van iemand anders te gaan houden. Ik heb mijn leven gewijd aan haar en aan onze kinderen, aan ons gezin, en ik wil haar niet verliezen!

Is het huwelijk niet een heilig contract waaraan men zich moet houden? Een Heilige Relatie waarvoor men geloften heeft afgelegd voor het oog van God in de Kerk? Ik heb Jezus en de Heilige Geest gevraagd om naar mijn gedachten, gevoelens, daden en woorden te kijken om me te helpen mezelf vergeven en alle vergissingen die ik heb begaan, die ik nu nog diep van binnen voel, ongedaan te maken. Ik heb Jezus en de Heilige Geest gevraagd mijn denkgeest binnen te gaan om mij vrede, licht, vreugde, vergeving, liefde en begrip te brengen. Maar ik voel me nog steeds ellendig en bang. Hoe kan ik me in vrede gaan voelen en vreugdevol, en mijn vrouw zien zonder gevoelens van pijn, schuld, verraad, en jaloezie?

Hoe maken wij of de Heilige Geest de vergissingen die we hebben begaan ongedaan? Probeer ik mijn vrouw alles te vertellen wat ik herken? Aan het eind van de paragraaf “Het heilig ogenblik oefenen” (T15.IV), zegt Een cursus in wonderen dat we alle zuivere en onzuivere gedachten moeten communiceren, zodat de zuiverheid van de Heilige Geest ze weg kan schijnen. Betekent dit het communiceren van mijn gedachten naar de Heilige Geest in mijn denkgeest, of naar de persoon waarover de gedachten gaan, mijn vrouw, zodat zij beseft dat ik geleerd heb van mijn vergissingen? Ik wil zo graag dat onze relatie een succes is, omdat ik echt voor altijd deel wil uitmaken van mijn gezin. Ik vind het jammer dat onze kinderen misschien niet bij hun moeder en hun vader samen zullen wonen, zoals ik vroeger. Is er hoop voor onze relatie?

Antwoord: Er is altijd hoop voor iedere relatie, als je kijkt vanuit het perspectief van Jezus. In feite staat de uitkomst vast (WdII.292.1), want uiteindelijk wordt iedere relatie genezen. Maar de vorm van de relatie is misschien niet zoals we dat graag willen en denken nodig te hebben, als wij ons blijven identificeren met het ego en bezorgd zijn over onze eigen speciale belangen. Want genezing vindt plaats in de denkgeest, op het niveau van onze gedachten. Dat kan worden weerspiegeld in iets dat in de wereld lijkt plaats te vinden tussen twee lichamen. Maar dat kan net zo goed niet het geval zijn. Alleen in de denkgeest kan werkelijk hoop gevonden worden.

De pijn die je voelt, omdat je geconfronteerd wordt met een belangrijke verandering in de relatie met je vrouw, klinkt heel duidelijk door in je woorden, evenals je wens om er alles aan te doen om het huwelijk in stand te houden. Echter, vanuit het perspectief van de Cursus, heb je het probleem en de oplossing in je denkgeest op een dusdanige manier bedacht dat je verzekerd bent van conflict en pijn, ongeacht de afloop. Want je maakt je vrede en vreugde afhankelijk van iets waar je geen controle over hebt, namelijk de beslissing van je vrouw om je al dan niet te verlaten. Dit is nu juist de manier waarop de wereld onze ervaring van liefde en geluk ziet: afhankelijk van iets buiten onszelf en dat is tot mislukken gedoemd (T29.VII.1). Ook je pleidooien voor hulp van Jezus of de Heilige Geest zijn pogingen om verandering tot stand te brengen, zodat je vrouw zal besluiten bij je te blijven.

De relatie die je met je vrouw hebt is, net zo als alle zogenaamde liefdesrelaties in de wereld, een speciale liefdesrelatie of een ruilhandel zoals de Cursus dat noemt (T16.V.6,7,8; T21.III.1). We gaan zulke relaties aan vanuit een gevoel van gemis of leegte (T16.V.9:2). En nooit trekken we de werkelijkheid van dit gemis in twijfel. We lijken als mensen voorbestemd te zijn naar liefde te moeten zoeken. Als we genoeg geluk hebben vinden we een relatie die in onze behoeften voorziet, en dan doen we wat we kunnen om eraan vast te houden zodat we niet opnieuw het gemis en de leegte ervaren. Maar vanwege de wederzijdse afhankelijkheid liggen ambivalentie en rancune onder al dit soort relaties. Dus is conflict, zoals dat in de loop van de jaren in jouw relatie met je vrouw ontstaan is, haast onvermijdelijk. Maar zo richten we allemaal ons leven in. Wanneer we dus, zoals jij, geconfronteerd worden met de mogelijkheid zo’n relatie te verliezen, dan kunnen de gevoelens van wanhoop, verlies, pijn, schuld en woede behoorlijk heftig lijken.

En toch verzekert Jezus ons dat niets van dit alles zo hoeft te zijn (T4.IV.1-6), als we bereid zijn ons denken over onszelf te veranderen. Dat doen we door Jezus of de Heilige Geest als onze Leraar en Gids aan te nemen en samen met Hem te kijken naar ons leven en onze relaties, in plaats van met het ego (T4.IV.7,8). Want het ego is de arbiter van de voorwaarden in alle speciale liefdesrelaties. En speciale rituelen en ‘heilige contracten’ maken allemaal deel uit van het aanbod van het ego om de schuld, angst en leegte te verduisteren die de kern van zijn gaven vormen (T16.V.11:4-8; 12:1-3). Nu is er niets mis met speciale rituelen en heilige contracten. Er kan grote waarde liggen in het aangaan van een verbintenis door een huwelijks-contract. Maar vanuit het perspectief van de Cursus, is er niets heiligs aan zo’n overeenkomst. Het enige wat iets heilig maakt is het doel, en het enige doel dat aan de symbolen van de wereld heiligheid verleent is vergeving, en deze moet echt bij onszelf beginnen. Of jij en je vrouw nu bij elkaar blijven of niet, de relatie kan altijd heilig gemaakt worden door er in jouw denkgeest het doel vergeving aan te geven. Dit betekent simpelweg dat je bereid bent je oordeel over en je beschuldiging van jullie beiden terug te nemen en jezelf te vergeven omdat je haar op de een of andere manier verantwoordelijk acht voor jouw geluk. Ware liefde en geluk kan alleen gevonden worden door ons in de denkgeest te verbinden met Jezus of de Heilige Geest, en onze investering in schuld en gebrek – waar het ego in gelooft – los te laten.

Zo worden, met de Heilige Geest, al onze kleine vergissingen ongedaan gemaakt. Want de enige vergissing die ooit ongedaan moet worden gemaakt is onze keuze voor het ego, ongeacht hoe deze keuze in een relatie wordt uitgedrukt. De specifieke vergissingen en zelfveroordelingen kunnen naar de Heilige Geest of Jezus gebracht worden voor genezing, waar ze gewoon gezien worden als een verkeerde keuze, en niet als een zonde die straf verdient (T19.II.6; T19.III.4). Als je eenmaal de onderliggende schuld die samenhangt met je zelf-veroordeling losgelaten hebt, kun je er al dan niet toe geleid worden om enkele specifieke feiten met je vrouw te delen. Maar het is niet nodig om iets hiervan te gebruiken om te proberen de aard van je relatie met haar te veranderen. Want als je doorgaat met het beoefenen van vergeving, word je in je denkgeest er in toenemende mate van bewust dat je de liefde reeds hebt, waarvan je dacht dat je ze van haar moest krijgen. En als je je geroepen voelt om iets tegen je vrouw te zeggen, dan is dat alleen omdat het haar kan helpen. Want wij zijn nooit degenen die kunnen beoordelen wat werkelijk behulpzaam is voor iemand, inclusief voor onszelf (H29.2).

En dus verzekert Jezus ons dat iedere relatie heilig kan worden, ongeacht de vorm van de relatie in de wereld. En dat hangt niet af van wat die andere persoon zegt, doet of denkt, maar alleen van welke leraar we in onze eigen denkgeest gekozen hebben. En gegeven de gaven die de Heilige Geest ons voorhoudt, hoe kunnen we iets anders willen?

“Ten overstaan van een heilige relatie is er geen zonde. De vorm van de dwaling wordt niet langer gezien en de rede, verbonden met de liefde, kijkt kalm naar al die verwarring, en stelt slechts vast: ‘Dit was een vergissing’. En dan corrigeert dezelfde Verzoening die jij in je relatie hebt aanvaard de dwaling en legt er een deel van de Hemel voor in de plaats. Hoe gezegend ben jij die toelaat dat deze gave wordt gegeven! Elk deel van de Hemel dat jij brengt wordt jou gegeven. En iedere lege plaats in de Hemel die jij opnieuw vult met het eeuwige licht dat jij brengt, straalt nu op jou. De middelen van de zondeloosheid kunnen geen angst kennen, want ze brengen louter liefde met zich mee” (T22.VI.5).