Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#821 Hoe moet ik omgaan met ernstige twijfels en angsten over mijn huwelijk?

Op dit moment sta ik op een punt in mijn leven waar ik overweldigende angst ervaar. Mijn man en ik zijn een paar jaar getrouwd en 9 jaar samen. De uiterlijke drama’s zijn in de loop der tijd minder geworden en nu er in mijn huwelijk een zeker besef van uiterlijke stabiliteit is, lijk ik aan alle kanten door angsten bestormd te worden: is dit een situatie waarin ik kan groeien? Ontken ik een deel van mezelf door in deze relatie te blijven? Vind ik dat ik beter af zou zijn alléén, met iemand anders, of met een vrouw? Al deze vragen komen op. Meer dan ooit lijkt het alsof ik een punt heb bereikt waarop ik nu gedwongen word verantwoordelijkheid voor mijn eigen gedachten te nemen – dat ik met mijn schaduwzijde word geconfronteerd. Ik wil vluchten. Is er in Een cursus in wonderen misschien iets te vinden dat over dit niveau van angst gaat en over specifieke stappen die je kunt nemen om hiermee om te gaan?

Antwoord: Zolang we ons nog steeds nauw met het ego vereenzelvigen kan dat, zoals je beschrijft, een gevoel geven alsof we gedwongen worden verantwoordelijkheid te nemen voor onze gedachten. Het is waar, de Cursus moedigt ons aan om deze verantwoordelijkheid als essentieel te accepteren voor de vooruitgang op ons vergevingspad. Maar als er ook maar enig gevoel van dwang is, dan is het ego in het proces mee gaan doen, in een poging het te ondermijnen en te laten ontsporen. Dat gevoel van dwang vergroot op zich alleen maar de bezorgdheid en de angst. Dus is de eerste stap in het aanpakken van de angst, het onderkennen en accepteren dat elk gevoel van druk alleen uit jezelf komt. En als de overweldigende angst aanhoudt, dan adviseert Jezus vriendelijk: “Vecht niet tegen jezelf”. (T30.1.1:7) Het is oké te wachten tot je er klaar voor bent.

Het ego zwelgt in de gedachte dat er binnenin ons iets verschrikkelijks zit en dat we onszelf moeten dwingen dit te onderzoeken. Want dat versterkt het geloof dat het ego – en de afscheiding – werkelijk is. Om deze reden nodigt Jezus ons dus uit, wanneer we bereid zijn naar binnen te kijken, om dat samen met hem te doen, want hij deelt niet onze vreselijke zelfveroordeling en neemt beslist het ego niet serieus. Een van zijn duidelijkste uitnodigingen aan ons, die ook onze angst onderkent, vinden we aan het begin van “De ‘dynamiek’ van het ego” waarin hij ons eraan herinnert dat naar binnen kijken iets is wat we samen doen: “Niemand kan ontsnappen aan illusies tenzij hij ernaar kijkt, want door er niet naar te kijken worden ze beschermd. Het is niet nodig voor illusies terug te deinzen, want ze kunnen niet gevaarlijk zijn. We zijn klaar om het denksysteem van het ego nader te bekijken, want samen hebben we de lamp die het zal verdrijven, en aangezien je beseft dat jij het niet wilt, moet je wel klaar zijn. Laten we heel gerust zijn wanneer we dit doen, want we zoeken slechts eerlijk naar de waarheid. De ‘dynamiek’ van het ego zal een tijd onze les zijn, want we moeten hier eerst naar kijken om erdoorheen te kunnen zien, aangezien jij het werkelijkheid hebt verleend. We zullen deze dwaling samen in stilte ongedaan maken, en vervolgens naar de waarheid kijken die erachter ligt” (T11.V.1).

Je bent al zo verstandig te onderkennen dat het voor het echte probleem van je angst nodig is je eigen gedachten te bestuderen, maar je geeft ook toe dat je gedachten hebt over weglopen uit de relatie met je man. Nu zijn dit geen verrassende gedachten als je, zoals je zegt, in je uiterlijke leven minder drama en conflicten ervaart, wat heel goed een weerspiegeling kan zijn van een innerlijke verschuiving van het ego naar de innerlijke vrede die Jezus aanbiedt. En je kunt er zeker van zijn dat het ego niet van plan is deze verandering van trouw over zijn kant te laten gaan. Uiterlijk drama en conflict zijn heel geschikt voor het doel van het ego om onze aandacht naar buiten te richten, weg van de denkgeest waar de enige hoop voor het vinden van blijvende vrede ligt. Als het ego gaat begrijpen dat onze huidige relatie niet langer zijn doel dient, zal het ons adviseren onze biezen te pakken en op zoek te gaan naar iemand of iets anders – alles liever dan in vrede blijven en naar binnen kijken.

Er zijn twee passages in de tekst die de ambivalentie beschrijven die we kunnen ervaren rond dit tweeledige proces waarbij we ons naar het licht begeven en tegelijkertijd dat licht gaan gebruiken om dieper naar de duisternis van het ego te kijken en er uiteindelijk aan voorbij te zien. De angst die oprijst als we het licht naderen, alsmede het proces van samen met Jezus naar de duisternis kijken, worden treffend beschreven in de volgende passage:

“Wanneer het licht dichterbij komt zul je de duisternis insnellen omdat jij terugdeinst voor de waarheid, waarbij je soms je toevlucht neemt tot lichtere vormen van angst, en soms tot hevige paniek. Maar jij zult voortgang boeken, omdat jouw doel de voortgang is van angst naar waarheid. Het doel dat je hebt aanvaard is het doel van kennis, waarvoor jij jouw bereidwilligheid te kennen hebt gegeven. Angst lijkt in duisternis te leven, en wanneer je bang bent, heb je een stap achteruit gedaan. Laten we ons dan snel in een ogenblik van licht verbinden, en dit zal volstaan om jou eraan te herinneren dat licht jouw doel is” (T18.III.2).

En de angst die gepaard gaat met het blootleggen van de lagen van schuld en zonde van het ego in de denkgeest, alsmede het proces van het onderkennen van de onwerkelijkheid ervan, wordt in het navolgende krachtig beschreven:

“Hoe dichter je bij het fundament van het egodenksysteem komt, des te donkerder en onduidelijker wordt de weg. Maar zelfs het vonkje in jouw denkgeest is voldoende om die te verlichten. Breng dit licht onbevreesd met je mee, en houd het onverschrokken omhoog bij het fundament van het egodenksysteem. Wees bereid het in alle eerlijkheid te beoordelen. Leg de donkere hoeksteen van verschrikking bloot waarop het rust, en breng het naar buiten in het licht. Daar zul je zien dat het op zinledigheid rustte, en dat alles waar je angst voor had op niets was gebaseerd” (T11.In.3:5-10).

Nog meer passages uit het Tekstboek die je kunnen helpen een helderder beeld te krijgen van waar de angst allemaal over gaat en wat het proces van loslaten van angst met zich meebrengt, in de context van relaties met onze broeders, verenigd met Jezus, zijn te vinden in “Licht in de droom” (T18.III) en “De angst om naar binnen te kijken” (T21.IV).