Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#789 Als ‘waarneming projectie is’, hoe zag Jezus zijn eigen kruisiging dan?

“Projectie maakt waarneming. De wereld die jij ziet is wat jij haar gegeven hebt, niets meer. Maar ook al is ze niets meer, ze is ook niets minder. … Ze getuigt van de staat van jouw denkgeest, de uiterlijke weergave van een innerlijke toestand. Zoals een mens denkt, zo neemt hij waar” (T21.In.1-3,5-6). Mijn vraag: Getuigde de kruisiging van Jezus van de staat van zijn denkgeest, de uiterlijke weergave van zijn innerlijke toestand? Of betekent bovenstaande passage iets anders dan wat er staat?

Antwoord: Een cursus in wonderen leert ons dat waarneming altijd een interpretatie is, die voortvloeit uit het feit dat we ons in onze denkgeest, hetzij met schuld (het ego) of met liefde (de Heilige Geest) vereenzelvigen. Waarneming is niet eenvoudig een feit gebaseerd op wat onze fysieke ogen zien (T21.V.1:7; H17.4). Het cruciale punt met betrekking tot de kwestie die jij aan de orde stelt, is dat er geen schuld in Jezus' denkgeest was – geen aanvalsgedachte – en daarom beschouwde hij zijn kruisiging gewoon als een roep om hulp van zijn broeders. Met alleen liefde in zijn denkgeest kon hij alleen een roep om liefde of een uitbreiding van liefde waarnemen. Er is geen enkele andere interpretatie mogelijk wanneer er in iemands denkgeest alleen liefde is. Dat blijkt duidelijk wanneer hij de kruisiging in Hoofdstuk 6 van het Tekstboek bespreekt. Als Jezus spreekt over onze vrije keuze om onszelf waar te nemen alsof we worden vervolgd, raadt hij ons aan: “Maar wanneer jij ervoor kiest op die manier te reageren, wil je misschien bedenken dat ik naar het oordeel van de wereld werd vervolgd, en deze beoordeling zelf niet deelde. … Ik heb dan ook een andere interpretatie van het fenomeen aanval aangereikt …” (T6.I.5:3,5). Hij legt verder uit: “Ik heb er omwille van jou en mij voor gekozen te laten zien dat de meest buitensporige gewelddaad, zoals het ego dat ziet, niets te betekenen heeft. Zoals de wereld deze zaken beoordeelt, maar niet zoals God ze kent, werd ik verraden, verlaten, geslagen, uiteengereten en tenslotte gedood. Het was duidelijk dat dit alleen geschiedde op grond van de projectie van anderen op mij, aangezien ik niemand kwaad had gedaan en velen had genezen” (T6.I.9). En tot slot: “De boodschap van de kruisiging is volmaakt duidelijk: Onderwijs louter liefde, want dat is wat jij bent. Als je de kruisiging op enige andere manier interpreteert, gebruik je haar eerder als een aanvalswapen dan als de oproep tot vrede waarvoor ze was bedoeld” (T6.I.13:1-2; 14:1).

Nogmaals, Jezus nam zichzelf dus niet waar als mishandeld of vervolgd hoewel er spijkers in zijn lichaam werden geslagen, enzovoort. Zijn “innerlijke toestand” was er een van liefde en onkwetsbaarheid, en daarom was de “uiterlijke weergave” voor hem angstige broeders die om liefde riepen. Wat de ogen van het lichaam zien, is slechts vorm, en dat is niet de basis van waarneming volgens Een cursus in wonderen.