Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#768 Is mijn denkgeest onjuist gericht als ik juridische stappen tegen mijn ex-man onderneem?

Een magistraat en een advocaat hebben me aangeraden een verzoek in te dienen om mijn ex-man psychologisch te laten evalueren, omdat zijn woede over onze scheiding uit de hand blijft lopen. We zijn niet in staat om met elkaar over onze dochter te communiceren en zijn, vanwege huiselijk geweld, al naar de rechtbank en naar verschillende hoorzittingen geweest, waar mijn ex-man blijft proberen zijn bezoekrecht zodanig te verhogen dat ze nagenoeg bij hem zou gaan wonen. Bij het bestuderen van Een cursus in wonderen heb ik geleerd voor mezelf te bidden en in te zien dat we allemaal kinderen van God zijn en dat er een goddelijke geest in ieder van ons aanwezig is, maar toch ben ik bang voor mezelf, mijn dochter en mijn ex, vanwege zijn onverwachte woede-aanvallen. Handel ik juist door juridische stappen tegen hem te ondernemen?

Antwoord: De leringen van Een cursus in wonderen zijn erop gericht onze denkgeest te veranderen, en verschaffen daarom geen specifieke gedragsrichtlijnen. Hoewel Jezus ons uitnodigt om de zienswijze van het ego achter ons te laten en te laten vervangen door die van de Heilige Geest, zegt hij ons niet onze ervaringen op het niveau van de vorm te ontkennen. Wij verzorgen ons lichaam dan ook op de normale manier en houden het gezond en veilig. Dit betekent vaak het nemen van maatregelen om te voorkomen dat iemand zichzelf en/of anderen pijn doet, wat soms bereikt wordt door middel van juridische stappen. Het is zeker mogelijk om vergeving toe te passen zoals de Cursus dat leert en toch met gerechtelijke procedures te beginnen, als je denkt dat je dat moet doen. Aangezien het geloof in het ego-denksysteem van aanval en tegenaanval het fundament van de wereld uitmaakt, is alles en iedereen in deze wereld tot op zekere hoogte bezig met destructief gedrag. Zo geeft de afgescheiden Zoon onvermijdelijk uiting aan zijn wanhopige roep om hulp. Wat ons wordt gevraagd, is kijken naar elke oordeel dat we jegens een persoon hebben, en dan in hem de projectie zien van onze eigen wanhopige roep om hulp. Zodra we inzien dat het onze angsten zijn die weerspiegeld worden in die ander, krijgen we de kans om onszelf te vergeven door de Heilige Geest te vragen om onze oordelen jegens onszelf en onze broeder door die van Hem te vervangen. Dit proces zorgt ervoor dat wat we al dan niet doen met betrekking tot iemands gedrag geleid zal worden door de Heilige Geest en niet door het ego. Het nemen van juridische stappen is in bepaalde omstandigheden gepast, maar dat betekent daarom nog niet dat de tegenpartij een schuldige zondaar is, die straf van God verdient, zoals het ego ons wil doen geloven. De keuze is niet in welke richting we moeten handelen, maar wiens raad we zoeken: die van het ego of van de Heilige Geest. In dit licht bezien kunnen we de vaak geciteerde regel uit het Tekstboek parafraseren: "probeer dan ook niet je broeder te veranderen, maar kies ervoor je denken over je broeder te veranderen " (T21.In.1:7).

Iemands onstabiele gedrag als een roep om hulp herkennen, betekent niet dat er geen aandacht moet worden besteed aan de vorm van die roep. Dat geldt voor iedereen die bij je gezinscrisis betrokken is. Zoals Jezus ons zegt in het Tekstboek: "... angstige mensen kunnen kwaadaardig zijn" (T3.I.4:2). Ook al tref je maatregelen om jezelf, je kind, en je man op het niveau van de vorm te beschermen, het is dan goed dat je niet vergeet dat deze maatregelen de uitdrukking zijn van jouw roep om hulp die je richt aan de Heilige Geest. Het is belangrijk de angst niet te ontkennen die aan de vermeende behoefte aan bescherming of enige andere behoefte ten grondslag ligt. Wat niet wordt ontkend, kan door de Heilige Geest worden getransformeerd, zodat je – wat er ook gebeurt – vrede in je denkgeest ervaart. De Heilige Geest leidt ons naar deze vrede, in plaats van naar een of andere vorm van specifiek gedrag.