Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#758 Onderwijst de Cursus dat we niet moeten plannen?

Ik werk als secretaresse. Organiseren en ‘vooruit plannen’ is een belangrijk deel van mijn baan. Een cursus in wonderen stelt dat we de toekomst niet moeten plannen. Hoe kan ik de Cursus volgen zonder, om het drastisch te stellen, mijn baan op te geven?

Antwoord: De essentie van deze lering is dat we geen plannen vanuit onszelf moeten maken, wat vrijwel altijd betekent met het ego. Eender bedoelt Jezus, als hij in het Tekstboek zegt “Ik hoef niets te doen” (T18.VII), dat vóór we handelen of plannen maken, onze waarnemingen naar zijn liefdevolle aanwezigheid in onze denkgeest moeten brengen, of naar de Heilige Geest, zodat we ze kunnen zuiveren van egodoelen. Dit blijkt duidelijk uit de bewering die volgt nadat Jezus zegt: “Een genezen denkgeest maakt geen plannen” (WdI.135.11:1). Merk op dat hij spreekt over een genezen denkgeest; die voert simpelweg “de plannen uit die hij ontvangt door te luisteren naar wijsheid die niet van hemzelf is. … Hij verlaat zich in niets op zichzelf behalve in zijn geschiktheid om de hem toegewezen plannen te volvoeren” (WdI.135.11:2,4). Dit is het ideaal waar we naartoe groeien. Jezus zegt dus echt niet dat we geen plannen moeten maken. Niemand kan functioneren zonder op de een of andere manier plannen te maken. Het punt is dat onze plannen normaliter gebaseerd zijn op niet-onderzochte aannames over wie we zijn en wat we met ons leven behoren te doen. We onderzoeken zelden hoe we onze problemen en hun oplossingen definiëren. Die aannames zijn bijna altijd deel van de egostrategie om ons, buiten de denkgeest om, gebonden te houden aan zijn plan de afscheiding van God in stand te houden. Dat is waar Jezus op doelt. Hij helpt ons onze waarneming te bevrijden van de onderworpenheid aan het ego, en maakt ons zo vrij over te stappen naar het doel van de Heilige Geest voor ons leven. Misschien maken we dan precies dezelfde plannen als tevoren, maar het doel zal veranderd zijn, en we zullen wat we doen niet meer zo serieus nemen.

Dit is een kwestie waar veel studenten mee worstelden; zie ook V#090, V#289, V#293 en V#305.