Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#691 Helen en het horen van de Stem

Wanneer je Een cursus in wonderen beoefent, is het een uiterst belangrijke, maar erg dubbelzinnige kwestie om de Stem van de Heilige Geest te onderscheiden. Helen hoorde deze Stem duidelijk en ondubbelzinnig. Ik ben geneigd te denken dat veel Werkboeklessen rekening hielden met deze bekwaamheid van Helen. De korte oefenperiode (een jaar) die daarvoor ontwikkeld is, versterkt mijn mening. Een jaar lijkt te kort om het denksysteem van een gemiddelde persoon radicaal omver te werpen. Hoe kwam het dat Helen zo gevoelig was voor deze Stem en er op afgestemd was? Kunnen we hulp krijgen om dit verder uit te diepen zodat we deze bekwaamheid ook kunnen ontwikkelen?

Antwoord: Kenneth spreekt in zijn biografie over Helen, Absence from Felicity (Een leven geen geluk), over het vermogen van Helen om te ‘horen’. In het begin was haar horen wat ‘roestig’, zo beschrijft hij, maar dan werden de storingen die er in het begin waren, opgehelderd en van toen af werd de Stem in al zijn zuiverheid gehoord. De werkboeklessen begonnen ongeveer 3½ jaar nadat het neerschrijven in 1965 was begonnen. Wat Helen ‘zo gevoelig voor en afgestemd op deze Stem’ maakte, was haar bereidwilligheid haar ego volledig opzij te zetten en in een juiste staat van denken te zijn. Ze beschouwde dit niet als iets uitzonderlijks dat zij alleen kon. Ze zei altijd tegen degenen die geneigd waren haar als spiritueel gezegend te zien, dat die precies hetzelfde konden doen als zij; het enige vereiste was de bereidwilligheid hun ego opzij te zetten, al was het maar voor één ogenblik. De abstracte aanwezigheid van liefde maakt deel uit van ieders denkgeest, en de Stem horen is maar één vorm waarin die liefde ervaren kan worden. Elk van ons zal die ervaren in de vorm waarmee we het beste overweg kunnen en die we zonder overdadige angst kunnen aanvaarden. De vorm is illusoir en zal verdwijnen wanneer er genoeg angst is weggeëbd om toe te laten dat die liefde in ons bewustzijn volledig wordt ervaren. Het is daarom niet zinnig om van de vorm iets belangrijks te maken.

Bovendien kunnen we op geen enkele manier weten waar wij ons op ons Verzoeningspad bevinden, of waar iemand anders zich bevindt. Je hebt er spiritueel waarschijnlijk geen baat bij om vergelijkingen te maken. Het leren en beoefenen van deze Cursus wordt uitgevoerd in de context van de relatie tussen de student en de Heilige Geest of Jezus. De gebeurtenissen en omstandigheden in ons leven hebben dus alleen maar betekenis in de mate waarin ze naar ons terugspiegelen of we het ego of Jezus als onze leraar hebben gekozen.

Tenslotte nog dit: er zijn zeker lessen en gedeelten daarvan die uitgaan van een gevorderde spirituele toestand; maar er zijn er ook vele andere die heel nadrukkelijk verwijzen naar een leer- en oefenproces dat vele jaren, en zelfs levens in beslag kan nemen. Helemaal aan het einde van het Werkboek zegt Jezus ons dan ook: “Deze cursus is een begin, niet een einde” (WdII.Nw.1:1). Op dezelfde manier zegt Jezus in principe tegen Helen aan het einde van het Tekstboek, in het begin van hoofdstuk 30 en 31, dat ze goed vooruitgaat, maar het einde van haar proces nog niet heeft bereikt. Het vermogen om de Stem van de Heilige Geest te horen is gewoon het proces van het leren loslaten van je ego, zoals Jezus zo duidelijk zegt in deze passage, een van de vele gelijkaardige: “Je kunt je speciaalheid verdedigen, maar nooit zul je daarnaast de Stem namens God horen. Ze spreken verschillende talen en treffen verschillende oren” (T24.II.5:1-2). Dat was de essentie van Helens proces, en eveneens van het onze.