Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#643 Hoe kan ik troost vinden als God niet weet dat ik besta?

Ik heb het de laatste tijd erg moeilijk en heb er ‘behoefte’ aan te geloven dat God mij hier doorheen helpt en me verzekert dat alles goed komt. Maar ik realiseer me dat dit niet is wat Een cursus in wonderen onderwijst, want God weet niet eens dat we bestaan. De Cursus zegt dat we anders naar onze situatie kunnen kijken zodat we innerlijke vrede ervaren. Ik vind het moeilijk om in vrede te zijn met alles wat er gebeurt en wil graag geloven dat God helpt. Hoe vind ik de geruststelling dat alles goed komt? Ik heb er behoefte aan te weten dat ik er niet alleen voor sta bij het oplossen van mijn problemen en het aangaan van de uitdagingen van het dagelijkse leven.

Antwoord: Er zijn waarschijnlijk heel weinig studenten van de Cursus die niet op enig punt ditzelfde ervaren wanneer ze een moeilijke periode meemaken in hun leven. Het is volkomen normaal om de zekerheid te willen hebben dat alles goed afloopt en om getroost te willen worden in moeilijke tijden. In feite zou je de Cursus niet nodig hebben als je niet op die manier zou reageren.

Aan het begin van de brochure Het lied van het gebed spreekt Jezus over gebed als een ladder. De onderste sporten vertegenwoordigen de stadia in ons leven waarin wij op een of andere manier gefocust zijn op onze fysieke en psychologische behoeften als een lichaam in de wereld. En hij zegt nooit dat dit verkeerd is of spiritueel schadelijk. We hoeven alleen maar eerlijk te zijn en toe te geven dat we spirituele kinderen zijn en nog niet bovenaan de ladder staan. Zo ervaren we Gods Liefde in een vorm die het beste bij ons past. Door onze angst om onze Identiteit ten volle te aanvaarden, ervaren wij dan nog niet de volledige liefde. Maar dat wil niet zeggen dat we niet de troost en geruststelling kunnen ervaren van Jezus of de Heilige Geest in onze denkgeest: de weerspiegeling van de Hemel. Jezus maakt ons door de gehele Cursus heen duidelijk dat hij weet waar wij doorheen gaan en dat zijn leiding en troost altijd aanwezig zijn. Je vertrouwen dat God een en al liefde is en Zijn scheppingen nooit straft of aanvalt, is een belangrijke stap voorwaarts. Dat leidt steeds meer tot de geruststelling dat alles goed afloopt omdat Zijn onveranderlijke Liefde onze enige realiteit is.

Het is een zeer vergevorderde staat om met totale acceptatie het leven te nemen zoals het komt. We hoeven alleen maar te aanvaarden waar we ons bevinden op onze spirituele reis en onszelf niet te veroordelen omdat we nog niet volledig datgene in onze ervaring geïntegreerd hebben, waarvan we intellectueel weten dat het mogelijk is. Het is een geleidelijk en zachtaardig proces en ontvouwt zich naarmate onze angst vermindert om Jezus’ antwoord zonder compromis te aanvaarden. Terwijl we reizen langs ons spirituele pad hoeven we ons slechts zijn liefdevolle belofte te herinneren: “Je gaat niet alleen. Gods engelen zweven dichtbij en overal om jou heen. Zijn Liefde omringt jou, en wees hiervan overtuigd: ik zal jou nooit zonder troost achterlaten” (WdII.Nw.6:6-8).

Zie V#538 voor een verdere uiteenzetting over dit onderwerp