Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#624 Is de Cursus niet gewoon de zoveelste zienswijze?

Zijn alle filosofieën, het geloof in de bijbel, Een cursus in wonderen, de koran, enz. niet gewoon zienswijzen? Wat brengt iemand ertoe of motiveert hem om christen, boeddhist of een Cursus-student, enz. te worden? Er is vast niemand zo arrogant dat hij beweert de absolute waarheid in pacht te hebben. Waarom zou iemand dan een bepaalde religie willen volgen, als het volslagen onmogelijk is de waarheid te kennen? Waarom zou je een leven doorbrengen met het bestuderen van Een cursus in wonderen als het alleen maar een andere zienswijze is? Ik mediteer gewoon elke dag en vraag om leiding op de meest nederige en eerlijke manier die ik ken.

ii: Hoe zijn we in de eerste plaats ooit hier terecht gekomen? Hoe komt het dat we op de bodem geworpen zijn? Alles wat geen volmaakte liefde, volmaakte gelukzaligheid is, is een probleem. Vergeef me de uitdrukking, maar ik denk dat de uitleg die in Een cursus in wonderen wordt gegeven over de droom, een uitvlucht is. Als niet gezegd kan worden dat God de oorzaak van de droom was, dan moet Jezus die tot stand gebracht hebben. Wordt ons gevraagd te geloven dat Jezus deze droom uit het niets te voorschijn heeft getoverd om zichzelf en het hele mensdom tot deze verschrikkelijke en ongelooflijke slachtpartij te veroordelen? Te midden van zuivere goedheid doemt deze droom uit het niets op. Dat kan ik niet aanvaarden. Een cursus in wonderen is gewoon een andere zienswijze. Ik heb er geen aanmerkingen op, maar op dit punt in mijn leven ben ik ook niet bereid hem te aanvaarden.

Antwoord: We kunnen ons niet uitlaten over andere spirituele wegen, maar heel veel studenten van Een cursus in wonderen hebben gezegd dat toen de Cursus in hun leven kwam (en dat gebeurde onder heel erg uiteenlopende omstandigheden), ze het gevoel kregen dat ze eindelijk gevonden hadden waar ze naar zochten – en sommigen voegden eraan toe dat ze zelfs niet wisten dat ze naar iets op zoek waren. Anderen hebben gezegd dat ze er juist door aangetrokken werden, omdat de Cursus een alternatief bood voor de traditionele op de bijbel gebaseerde religies; sommigen verklaren uitdrukkelijk dat de Cursus onderwijst dat God niet de schepper van de wereld is, en dat Hij evenmin verantwoordelijk is voor het kwaad erin. De Cursus zelf kwam als reactie op de gezamenlijke verbintenis van twee psychologen uit New York om een manier te vinden om zonder vijandigheid en strijd met elkaar en met hun collega’s om te gaan. Heel belangrijk om te noteren dat ze nederig toegaven dat ze niet wisten wat die manier was, maar ze zouden zich met elkaar verbinden om die te vinden. Met andere woorden, Een cursus in wonderen kwam niet zomaar uit het niets als een volwaardige theologische verhandeling. Het was een antwoord op een roep om hulp. De theologie, metafysica en psychologie van de Cursus zijn de theoretische grondslag voor de praktische leringen over vergeving, het antwoord-in-één-woord van de Cursus op de zoektocht naar een betere manier om met anderen – en, zo blijkt, ook met jezelf – om te gaan. En zoals je zelf terecht opmerkt, lijkt het nutteloos om te wachten tot er iets opdaagt dat het kenmerk van de absolute waarheid draagt.

Een cursus in wonderen doet zich niet voor als de absolute waarheid. Hij zegt over zichzelf dat het maar één van de vele duizenden wegen naar God is (H1.4:2). Hij is echter geworteld in het Platonisme, gnosticisme en de non-dualistische Veda’s, evenals in andere tradities die over de fysieke wereld spreken als een schaduw van de werkelijkheid, of als een illusie. Hele boekdelen zijn er geschreven over het probleem van het onvolmaakte dat uit het volmaakte is voortgekomen. Het antwoord van de Cursus is dat dit onmogelijk is; vandaar dus het absolute non-dualisme ervan en de daaruit voortvloeiende noodzaak zijn toevlucht te nemen tot mythologische en symbolische uitdrukkingen (de droom, de ladder van de afscheiding, de loper van de tijd, enz.). De wetenschappelijke studie van de Cursus vanuit dit gezichtspunt heeft Kenneth vastgelegd in zijn boek: Love Does Not Condemn: The World, the Flesh, and the Devil According to Platonism, Christianity, Gnosticism, and A Course in Miracles. (Liefde veroordeelt niet: De wereld, het vlees en de duivel volgens het platonisme, het christendom, het gnosticisme en Een cursus in wonderen). Jezus legt hierover uit: “Deze cursus blijft binnen het kader van het ego, waar hij nodig is. Hij houdt zich niet bezig met wat voorbij alle dwaling ligt, omdat hij alleen ontworpen is om de richting daarnaar aan te geven. Daartoe gebruikt hij woorden, die symbolisch zijn en niet kunnen uitdrukken wat achter symbolen schuilgaat. … Het ego vraagt misschien: ‘Hoe heeft het onmogelijke plaatsgevonden?’, ‘Waaraan heeft zich het onmogelijke voltrokken?’, en kan dit in vele vormen vragen. Maar er is geen antwoord, alleen een ervaring. Zoek die alleen, en laat theologie je niet ophouden” (VvT.In.3:1-3; 4:3-5).

Als weerklank van de klaaglijke smeekbede van talloze anderen, roept Sint Augustinus uit: “Rusteloos is ons hart, oh God, totdat het rust vindt in U”. Ook de psalmist drukt de pijn van zijn ziel uit: “Zoals een hinde smacht naar stromend water, zo smacht mijn ziel naar U, o God”. Er ontbreekt iets; iets dat daar thuishoort, is afwezig. Op de een of andere manier delen we allen deze diepe droefheid. Nogmaals, Een cursus in wonderen is niet meer dan een reeks symbolen die in communicatie staat met het verzoek om waarheid en vergeving, dat uitgaat van onze denkgeest en ons hart. Als je het antwoord niet vindt door het pad van de Cursus te volgen, hopen we dat je het op een andere manier zult vinden. Ga met God!

Tenslotte dit: het gezichtspunt van Jezus die in je vraag besloten ligt, komt niet echt overeen met het gezichtspunt van de Cursus. Je lijkt Jezus gelijk te stellen met de Zoon van God. In de Cursus wordt Jezus op een andere manier voorgesteld. Het deel “Jezus – Christus” in de Verklaring van termen definieert Jezus als: “iemand die mens was, maar in al zijn broeders het gelaat van Christus zag, en zich God herinnerde. Zo werd hij met Christus vereenzelvigd…” (VvT5.2:1-2). Christus is de Zoon van God in de Hemel.

V#526 gaat over dezelfde soort verwarring waar jij over spreekt; verder legt V#566 het gebruik van metaforen en symbolen uit, en de twee verschillende niveaus waarop die worden uitgedrukt; en V#010 behandelt vanuit verschillende hoeken de vraag hoe de afscheiding ooit kon gebeuren.