Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#617 (iii) Waarom moet een leraar in de leerlingen geloven?

Wat “Juist onderwijzen en juist leren” betreft, had ik graag wat opheldering over het volgende: “Een goede leraar…. moet aan nog een andere voorwaarde voldoen: hij moet in de leerlingen geloven aan wie hij de ideeën presenteert”. Op een bepaald niveau begrijp ik wel dat Jezus zegt dat hij in ons gelooft. Hoe moet ik dat zien bij iemand die de Cursus onderwijst? Verwijst dit naar een niet-oordelende houding?

Antwoord: De Cursus zegt dat we in al onze relaties zowel onderwijzen als leren, zowel leraar als leerling zijn. De passage die je aanhaalt verwijst niet uitsluitend naar een leraar die de Cursus daadwerkelijk aan leerlingen onderwijst. Ze is van toepassing op alle ontmoetingen die we met anderen hebben. Een van de meest belangrijke doelstellingen van de Cursus is ons te onderwijzen dat we denkgeest zijn met de macht om te kiezen, en dus verantwoordelijk zijn voor onze keuze. Er wordt ons gevraagd deze les voor onszelf te leren en op allen toe te passen, ongeacht of ze student van de Cursus zijn. Dit is de basis van het vergevingsproces, waarbij we inzien dat iedere ervaring in de droom, net als elk oordelen over anderen, het resultaat is van een keuze in de denkgeest om of naar de stem van het ego, of naar de Stem van de Heilige Geest te luisteren. Het ego zegt ons dat we een lichaam zijn, en schuldige zondaars die straf verdienen omdat ze dit geloven. De Heilige Geest zegt ons dat we Gods onschuldige Zoon zijn. Wat we kiezen, bepaalt wat we over onszelf en anderen geloven. Vervolgens onderwijzen we dat, louter omdat we dit geloven. “Onthoud altijd dat je zult onderwijzen wat je gelooft. Deel mijn geloof en we zullen als leraar gelijkwaardig worden” (T6.I.6:10-11).

Wanneer we anderen zien als minder dan wat Gods Liefde en de onze totaal verdient, komt dat doordat we de leugen van het ego geloofd hebben over onze identiteit, onszelf als zondig beoordeeld hebben, en hetzelfde geloven over ieder ander. We geloven in leerlingen [anderen] door in te zien dat ze geen slachtoffers zijn die in een lichaam gevangen zitten; ze zijn denkgeest met de macht om te kiezen, net als wij.