Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#597 Hoe bracht de opstanding de Verzoening tot stand?

Een cursus in wonderen stelt: “Niet de kruisiging bracht de Verzoening tot stand, de opstanding deed dat.” Ik begrijp dat de Verzoening het besef is dat er niets is gebeurd, dat er geen splitsing is geweest en dat we nog altijd deel van God zijn. Het is makkelijk in te zien dat de opstanding toonde dat het lichaam zonder betekenis was en te allen tijde kon worden ‘vertoond’. Ook het feit dat God zijn eniggeboren zoon zou willen geven als een offer voor de zonden van de wereld is zó belachelijk dat het de denkgeest van zijn stuk brengt te moeten geloven dat een intelligent persoon 2000 jaar lang kan denken dat dit een liefhebbende God is.

Wat ik niet begrijp is hoe de opstanding de Verzoening tot stand bracht. Liet Jezus, met al zijn wonderen, niet aan veel mensen zien dat het lichaam niets is, vooral met de opwekking van Lazarus?

Antwoord: Zoals je uiteen zet leert het traditionele Christendom dat Jezus’ dood aan het kruis de verzoening voor onze zonden bracht, en de poorten van de Hemel heropende. God wekte hem op uit de dood als bewijs dat Jezus de Zoon van God was, en dat zijn offer de kloof overbrugde die ontstaan was tussen God en Zijn kinderen toen Adam en Eva in de hof van Eden gezondigd hadden. Het Evangelie verhaalt over de opstanding van het lichaam, en voor vele Christelijke sekten vormt dat feit een fundamentele overtuiging. In de Cursus herinterpreteert Jezus zowel de kruisiging als de opstanding. Hij leert niet alleen dat het lichaam niets is, maar dat ook de dood niets is. Als de dood van het lichaam niets is, dan kon de kruisiging niets tot stand brengen. Het is, zoals Jezus ons in het Tekstboek vertelt, uitsluitend een leermiddel (T6.I.2).

De zin die jij aanhaalt moet begrepen worden volgens de principes die de Cursus leert over de Verzoening naar de inhoud, niet naar de vorm van de historische opstanding. In dit licht is de wezenlijke boodschap van zowel de kruisiging als de opstanding dat er ‘niets is gebeurd!’ Ze leren beide: “Er is geen dood” (WdI.163), “Er is geen zonde” (T26.VII.10:5), “een aanval heeft geen gevolg” (T12.V.2:2). In deze zin is Jezus’ opstanding, alsook die van ons, een ontwaken tot het bewustzijn van onze ware Identiteit als Gods onschuldige Zoon. De Cursus leert dat dit de Verzoening is. In de uitspraak die jij aanhaalt geeft Jezus ons de boodschap die hij bedoelde met zijn opstanding. Het is de boodschap van de Verzoening, prachtig tot uitdrukking gebracht met Paassymbolen in de paragraaf van het Tekstboek over de Heilige Week: “Deze week begint met palmtakken en eindigt met lelies, het witte en heilige teken dat Gods Zoon onschuldig is. Laat geen duister teken van kruisiging tussen de reis en het reisdoel komen, tussen de aanvaarding van de waarheid en de uitdrukking daarvan. Deze week vieren we het leven, niet de dood. En we eren de volmaakte zuiverheid van Gods Zoon, en niet zijn zonden” (T20.I.2:1-4).

Het is belangrijk te bedenken dat het Christendom de opstanding van Jezus’ lichaam leert, terwijl Jezus ons in de Cursus zegt dat het de toestand van de denkgeest is, wanneer de Verzoening wordt aanvaard: “Heel simpel: de opstanding is het overwinnen of te boven komen van de dood. Het is een herontwaken of een wedergeboorte, een verandering van denken over de betekenis van de wereld. Het is het aanvaarden van de interpretatie die de Heilige Geest van het doel van de wereld heeft, het aanvaarden van de Verzoening voor jezelf” (H28.1:1-3).