Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#507 Is alle woede en ieder oordeel een roep om liefde?

Heb ik het juist als ik zeg dat ieder oordeel, ieder geval van woede… elke keer als we ons tot het ego wenden (de onjuist- gerichte denkgeest), een roep om pijn en lijden is, en evenzo een dekmantel over een roep om liefde?

Antwoord: Ja, woede, oordeel, en kiezen voor de onjuist-gerichte denkgeest zijn allemaal aanvallen; en ja, elk is een roep om liefde. Ze zijn het gevolg van de keuze voor de afscheiding en identificatie met het ego, dat de ultieme aanval op de Zoon van God is omdat het onze ware Identiteit ontkent. Hierop volgt onvermijdelijk een diep gevoel van verlies en leegte. Het bewustzijn van de aanwezigheid van liefde is verloren gegaan. Dit verlies wordt ervaren als gevoelens van ontbering, schaarste, tekort en onvolledigheid. Die liggen aan de wortel van iedere aanval, waarbij we erop uit zijn van een ander te nemen wat we zelf denken te missen. Het is een wanhopige poging de liefde terug te krijgen die bij de keuze voor afscheiding verloren ging. Die keuze wordt vergeten en ontkend, terwijl de schuld voor die keuze begraven wordt en naar buiten geprojecteerd, en wel op een ieder die nu waargenomen wordt als degene die de liefde en heelheid, die ons rechtmatig toekomen, heeft gestolen. Vanuit een diep gevoel van gemis denken we dat aanval de enige manier is om te krijgen wat we nodig hebben van iedereen en alles buiten onszelf. In deze zoektocht – in de vorm van speciale liefde of speciale haat – probeert het ego de leegte te vullen die de afscheiding achterliet. Aanval is een uiting van de angst dat wat verloren ging nooit meer gevonden zal worden.

Door aanval zo te herinterpreteren leert Een cursus in wonderen ons een nieuwe manier van waarneming ervan. Nu kan het gezien worden als ‘zoeken naar liefde op alle verkeerde plaatsen’, zoals het lied gaat. De aanvaller is wanhopig op zoek naar de ‘verloren liefde’. Maar ongeacht hoe pervers de aanval lijkt, het deel van de denkgeest dat de herinnering van Gods liefde bevat is er niet door vernietigd. Als we bereid zijn het oordeel van het ego te laten varen en de interpretatie van de Heilige Geest accepteren, dan erkennen we de juist-gerichte denkgeest van de aanvaller, en kan de Heilige Geest met liefde reageren. Zo wordt de onjuist-gerichte denkgeest niet versterkt, de aanval niet gecontinueerd, en de liefde die werd gezocht wordt op de juiste plaats gevonden: in het deel van de denkgeest van de aanvaller dat zich liefde herinnert, zodra hij of zij bereid is haar te aanvaarden.

Zoals Jezus ons in het Tekstboek zegt: “Dit is wat angst herkennen in wezen betekent. Als jij die niet beschermt, zal Hij [de Heilige Geest] die herinterpreteren. Dat is uiteindelijk de waarde wanneer je een aanval als een roep om liefde leert zien” (T12.I.8:8-10).