Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#402 Hoe ga ik om met schuld over het feit dat ik niet mijn uiterste best doe?

Mijn vraag betreft enkele gebeurtenissen in heden en verleden van mijn leven. Ook heb ik vragen over andere vragen die hier zijn gesteld. Bij V#215, V#195 en V#3 komt aan de orde dat het belangrijk is ‘je best te doen’. Als ik terugkijk op bepaalde gebeurtenissen in mijn verleden, is er een stem in mij die deze beoordeelt en zegt dat ik niét mijn best heb gedaan, en dat ik daarom de voorspoed die mij in het heden ten deel valt niet verdien. Het lukt me wel om deze oordelen te zien als een roep om liefde, maar toch is er iets dat me tegenhoudt om de intense schuld die ze oproepen los te laten. Wanneer ik hier bij deze Vraag- en Antwoord service, waartoe ik mijn toevlucht heb genomen, de woorden ‘doe je best’ zie staan, vraag ik me af of die uitspraak bedoeld is om mij ervan bewust te maken dat ik niét mijn best doe. Houdt het vergevingsproces in dat ik deze voorbije gebeurtenissen weer op moet halen en opnieuw beleven, maar nu met ‘het beste wat ik kan doen? Wat als ik het ergste wil doen waartoe ik in staat ben? Sluit mij dat uit van de voorspoed die ik in mijn leven zoek?

Antwoord: Schuldgevoel over voorspoed, of over wat dan ook dat succes in de wereld symboliseert, komt meestal voort uit een diep in onze denkgeest begraven geloof dat we gestolen hebben wat we bereikt hebben, en dat dit daarom onrechtmatig is. We geloven dat alleen al ons bestaan als individu in de wereld onrechtmatig is, omdat het is voortgekomen uit de diefstal van Gods macht, en het doden van Hem in dit proces. Daarom worden succes en voorspoed in de wereld geassocieerd met deze (uiteraard illusoire) ‘misdaad’, waarvan we onszelf beschuldigen. Het automatische gevolg daarvan is een vreselijk gevoel van schuld en onwaardigheid. Daarom leert Een cursus in wonderen ons op veel verschillende manieren dat onze enige verantwoordelijkheid het aanvaarden van de Verzoening is – het principe dat de afscheiding van God nooit heeft plaatsgevonden. Wanneer onze zelfbeschuldigingen als niet gerechtvaardigd worden gezien, zal alle schuld eenvoudig verdwijnen, en als er totaal geen schuld meer is in onze denkgeest, dan zijn we instrumenten voor de uitbreiding van liefde, ongeacht onze financiële situatie.

De stem die je voortdurend herinnert aan je onwaardigheid is de stem van het ego, want schuld is zijn levensbloed: geen schuld, geen ego. De eerste blokkade voor vrede is de aantrekkingskracht van schuld (T19.IV.A.i). En aangezien zelfhaat een andere naam is voor schuld, zijn de beschuldigende kreten dat je niet je best doet zelfveroordelingen. Ze achtervolgen je vanwege jouw (en ons aller) domheid en verdorvenheid om te denken dat je weg kunt komen met het doden van God en jezelf kunt geven wat Hij je niet wil geven. Dit ligt altijd aan de basis van onze schuldgevoel. Kritisch zijn over onze minder-dan-volmaakte inspanningen in de wereld is een rookgordijn, bedoeld om onze aandacht af te houden van de werkelijke oorzaak van onze doodsangst: onze beslissing om de voorkeur te geven aan een speciaal, afgescheiden bestaan, los van God en de eenheid van het Zoonschap.

De correctie van deze waanzin begint door alles in de wereld – inclusief alles wat het lichamelijk bestaan betreft – als neutraal te beschouwen, en vervolgens onze aandacht te richten op het doel waarvoor we alle dingen gebruiken: het versterken van de afscheiding (door de leiding van het ego te volgen), of het ongedaan maken daarvan (door de leiding van Jezus of de Heilige Geest te volgen). In deze zin is rijkdom heilig noch onheilig. Alleen het doel waarvoor we het willen gebruiken geeft er betekenis aan. Het maken van deze omslag in onze denkgeest is gewoonlijk een lang en geleidelijk proces vanwege onze verdedigingen en weerstand, die beide niet direct zichtbaar zijn in onze angstige denkgeest. In die zin doen we eenvoudig ons uiterste best. Onze ontkenning is zo enorm, en de angst achter de ontkenning is zo hevig, dat het een wonder is dat we überhaupt nog vooruitgang boeken in onze pogingen ons los te maken uit het kwaadaardige egoweb. Om een ervaring te gebruiken die ieder van ons kent: Als je 's morgens slaperig wakker wordt, kun je wat wankel op je benen staan en een beetje wazig zien. Je doet je uiterste best om helemaal wakker te worden en je weer normaal te voelen. Je kunt niet méér doen dan dat, en niemand die vriendelijk en zachtmoedig is verwacht ook meer van je. Jezus, onze vriendelijke en zachtmoedige leraar, kent de versufte, angstige staat van onze denkgeest en onze wazige visie, en hij weet dat we ons uiterste best doen om dit te veranderen. Hij zal ons nooit verwijten dat we niet ons best doen, want dat zou de vergissing werkelijk maken. En bovenal helpt hij ons herinneren dat we, samen met hem, de eeuwige zondeloze Zoon van God zijn.