Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#554 Wie kiest, wie beslist om te kiezen en wie vraagt om hulp bij het kiezen?

Op een cd van een van zijn workshops hoorde ik Kenneth zeggen: “Wanneer je onvrede voelt, bid dan tot jezelf dat je hulp zult vragen aan de juiste leraar (de Heilige Geest).” Ik veronderstel dat ‘jezelf’ verwijst naar de beslisser, maar naar wie verwijst elk ‘je’?

Antwoord: “Alleen de denkgeest communiceert.” (T7.V.2:1) zodat elke ‘je’ naar de denkgeest verwijst. Net zoals Jezus in Een cursus in wonderen altijd tot de denkgeest spreekt, spreekt in de workshop ook Kenneth tot de denkgeest, omdat geen andere communicatie mogelijk is. Echter, omdat wij geloven dat we in een lichaam zitten, wordt het lichaam als middel gebruikt voor communicatie die in de denkgeest plaatsvindt. De ervaring van onvrede is de weerspiegeling van een keuze in de denkgeest om naar het ego te luisteren. De correctie is dan dat de denkgeest zich herinnert dat hij de macht heeft te kiezen, en ervoor kiest naar de Heilige Geest te luisteren. Dat wordt bedoeld met “bid tot jezelf dat je hulp zult vragen aan de juiste leraar”.

Omdat we ons vereenzelvigen met het lichaam, begaan we de vergissing te denken dat het lichaam (de hersenen) het vermogen hebben te kiezen, te vragen of te beslissen. Wat er eigenlijk gebeurt is dat de denkgeest ervoor kiest zich met het ego te identificeren, zich afsplitst van zijn ware Identiteit, en vervolgens zichzelf met het lichaam verwart. Het lichaam is het gevolg van het verkiezen van het ego; het ‘denkt’ alleen maar dat het de oorzaak is van wat er in de droom schijnt te gebeuren. Wij ervaren dan elke ‘je’ als verschillend. Deze verwarring van oorzaak en gevolg, van denkgeest en lichaam, is de op-z’n-kop-waarneming waarover Jezus het in het Werkboek heeft: “Jouw op-z’n-kop-waarneming is voor je innerlijke vrede rampzalig geweest. Jij hebt jezelf in een lichaam, en de waarheid buiten je gezien, afgesloten voor je bewustzijn door de beperkingen van het, lichaam.” (WdI.72.8:3-4) Hierin ligt de werkelijke bron van elke onvrede. In de Cursus leert Jezus ons om ons tot hem of de Heilige Geest te wenden, voor het corrigeren van onze waarneming. Alles in de droom zien als het gevolg van de keuze voor het ego of de Heilige Geest als leraar, is de eerste stap in het genezen van de denkgeest van verkeerde waarneming, en is op zichzelf het gevolg van de instemming het onderricht van de Heilige Geest te aanvaarden. De denkgeest heeft dan de gelegenheid te doen waartoe Jezus uitnodigt: “Bij iedere moeilijkheid, elke verwarring en in alle nood, roept Christus jou en zegt Hij liefdevol: ‘Mijn broeder, kies opnieuw.’” (T31.VIII.3:2)