Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#524 Als ik hard genoeg denk over wat ik wil, zal zich dat dan manifesteren?

Ik ben nu bijna een jaar werkloos en het lukt me maar niet om werk te vinden. Een cursus in wonderen zegt dat alles gebeurt als gevolg van een gedachte en niet van een handeling. Ik geloof dat mijn roeping iets is waarvan ik altijd heb gehouden en dat mij nooit heeft losgelaten! Kan het zijn dat ik geen ‘vast werk’ kan vinden omdat het de bedoeling is dat ik mijn ‘droomwerk’ ga doen? Dat als ik er gewoon maar mee begin en op de leiding van Heilige Geest vertrouw, dat het gemanifesteerd zal worden? Ik voel me eerder verloren en gefrustreerd en een verliezer, omdat er tot nu toe niets tot stand gekomen is, maar vele kleine dingen met betrekking tot wat ik werkelijk wil doen, hebben zich gemanifesteerd. Les 64 zegt dat God alleen maar wil dat ik gelukkig ben, omdat dat mijn functie is. Ik veronderstel dat de vraag is: als ik blijf denken aan wat ik wil, zal het zich dan uit zichzelf manifesteren?

Antwoord: De Cursus onderwijst: “Al het denken produceert vorm op een of ander niveau (T2.VI.9:14)”. Maar het doel ervan is niet ons te leren hoe we ons denken moeten gebruiken om de vormen die we denken te willen, te kunnen beheersen of voort te brengen. De Cursus heeft eerder tot doel een hulp te zijn bij het leren dat er in de wereld niets is dat ons werkelijk gelukkig kan maken (T31.IV). Maar als je je aangetrokken voelt tot een bepaald soort werk, en gebeurtenissen de richting die je neemt lijken te ondersteunen, doe dat dan gerust, want je verliest er niets bij door je dromen na te jagen. Wat ermee gewonnen kan worden, zou wel eens iets anders kunnen zijn dan jij denkt. In tegenstelling tot wat de meeste mensen geloven over wat ze in de wereld ervaren, is het het standpunt van de Cursus dat er niets in de wereld is dat ons gelukkig of ongelukkig kan maken. En tot welke dromen we ook aangetrokken worden, het is meer dan waarschijnlijk dat ze de een of andere vorm van speciaalheid voorstellen die ons zal toelaten, op zijn minst tijdelijk, de schuld te bedekken die we voelen omdat we in de afscheiding geloven, en die we allemaal in onze denkgeest begraven hebben zodat die niet genezen kan worden. Maar zulke situaties zijn ook waardevolle gelegenheden om onze lessen in vergeving te leren als we de leiding van de Heilige Geest aanvaarden.

Dat betekent niet dat je geen vreugde of plezier mag beleven in het volgen van wat jij gelooft dat je ware werk is. Maar als student van de Cursus, zou je je er op zijn minst bewust van willen zijn dat alle dingen in de wereld dubbelzijdig zijn; dat wil zeggen: ze kunnen zowel de oorzaak van pijn als van plezier lijken te zijn. En hierin kan de leiding van de Heilige Geest het meest behulpzaam zijn. Want Zijn rol is niet om ons te leiden bij de beslissingen die we in ons leven nemen, maar ons in plaats daarvan te helpen leren hoe we alle levensomstandigheden kunnen gebruiken om te oefenen in vergeving. Dat wordt in Les 64 bedoeld waar wordt gezegd “dat de Heilige Geest voor alle illusies die jij gemaakt hebt een andere toepassing heeft, en daarom ziet Hij er een ander doel in. Voor de Heilige Geest is de wereld een plaats waar jij leert jezelf te vergeven wat jij als je zonden beschouwt. Zo bezien wordt de fysieke verschijningsvorm van verzoeking de geestelijke erkenning van verlossing” (WdI.64.2:2-4). Met andere woorden: Zijn doel is ons te helpen ontwaken uit de droom, niet om er een gelukkigere droom van te maken, door wat wij gemaakt hebben om af te scheiden en voor speciaalheid te gebruiken als een middel om te genezen.

Wanneer je dus zegt dat God wil dat wij gelukkig zijn, is het belangrijk om er duidelijk over te zijn dat deze les zegt dat we alleen maar waarlijk gelukkig kunnen zijn als we vergeven, en ons geluk niet zoeken in situaties en omstandigheden buiten onszelf. Dit zegt Les 64 heel duidelijk: “Het doel van de wereld die jij ziet is je vergevingsfunctie te verdoezelen. ... Alleen door de functie te vervullen die God jou gegeven heeft, zul jij gelukkig zijn. Dat komt doordat het jouw functie is gelukkig te zijn, door het middel te gebruiken [vergeving] waardoor geluk onafwendbaar wordt. Er bestaat geen andere manier. Daarom, elke keer dat jij kiest om je functie al dan niet te vervullen, kies je in feite om al dan niet gelukkig te zijn.” (WdI.64.1:2; 4:1-4; onze cursivering)