Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#518 “Alleen mijn veroordeling verwondt me”

Ik ben sinds 2 jaar student van Een cursus in wonderen en heb onlangs een boek gelezen: ‘I am David’ (‘Ik ben David’). In het boek zit een jongen twee maanden lang in de gevangenis. Hij vraagt God waarom hem dit overkomt. Hij wordt op een morgen wakker en beseft dat het de haat was die hij jegens een andere jongen koesterde, die hem tot gevangene heeft gemaakt. Zoals ik het begrijp, heeft God hem in zijn slaap de reden getoond van zijn gevangenschap. Als hij wakker wordt, begrijpt hij dat en schrijft een brief naar die jongen waarin hij zich verontschuldigt. Dan vindt hij een manier om te ontsnappen. Is het juist als ik begrijp dat Les 198 “Alleen mijn veroordeling verwondt me” (WdI.198) precies hetzelfde zegt? Wanneer er bij mij iets verkeerd loopt, probeer ik te zien waar dat door mijn toedoen is, en probeer ik de dingen recht te zetten. Maar maak ik mijn vergissingen niet werkelijk als ik dat doe? Moet ik ze gewoon begrijpen, ze aan de Heilige Geest overlaten en ze niet opnieuw begaan, of moet ik proberen ze recht te zetten?

Antwoord: De les waar jij naar verwijst, leert ons dat onze overtuiging dat we in waarheid over anderen of onszelf kunnen oordelen of anderen of onszelf kunnen veroordelen het probleem is. De overtuiging dat we rechtmatig kunnen oordelen en veroordelen maakt dat we ons kwetsbaar voelen, omdat we dan geloven dat anderen datzelfde vermogen hebben en tegen ons kunnen gebruiken om ons te kwetsen. Maar Jezus helpt ons in te zien dat aanval in werkelijkheid onmogelijk is; dat kan geen deel van ons zijn zoals God ons heeft geschapen, en kan dus alleen maar deel zijn van een illusoir bestaan: “De stilheid van jouw Zelf blijft onbewogen, onaangetast door dergelijke gedachten en zich niet bewust van enige veroordeling waarvoor vergeving nodig zou zijn” (WdI.198.8:1). Jezus spreekt dus over een dikke laag overtuigingen in onze denkgeest, die ongedaan gemaakt kunnen worden, eenvoudig door onszelf te vergeven dat we ooit gedacht hebben dat dit waar kon zijn – het is niets meer dan een dwaze gedachte.

Om dit toe te passen in ons dagelijkse leven moeten we eerst de oorzaak-en-gevolgrelatie zien tussen onze niet-vergevende gedachten (onze oordelen en veroordelingen) en ons lijden (WdI.198.9:5) en vervolgens de genezende kracht van de vergeving (WdI.198.9:6). Vergeving kan al dan niet uitgebreid worden tot het gedrag (om de dingen in de vorm recht te zetten). Het belangrijke aspect van dit proces is de waarneming van afzonderlijke, tegenstrijdige belangen – dat we onze eigen belangen als afzonderlijk zien van die van iemand anders. Als die waarneming niet eerst in onze denkgeest aanwezig is, zou aanval en veroordeling onmogelijk zijn, ongeacht wat er in de wereld is gedaan. Als het gedrag wordt gecorrigeerd zonder dat de waarneming overeenkomstig gecorrigeerd wordt, is er niets bereikt dat werkelijk waarde heeft, ook al lijkt het van buiten of de relaties hersteld zijn. Verdere uitbarstingen zijn onvermijdelijk als iemands waarneming niet gecorrigeerd is. En dat gebeurt eenvoudig door de liefdeloze gedachten van afscheiding naar de liefdevolle aanwezigheid in onze denkgeest van Jezus of de Heilige Geest te brengen, waar zal worden gezien dat ze geen betekenis en geen gevolg hebben.

Tenslotte nog één opmerking: Je zegt: ‘Wanneer er bij mij iets verkeerd loopt, probeer ik te zien waar dat door mijn toedoen is, en probeer ik de dingen recht te zetten’. Het is niet duidelijk wat je bedoelt met “wanneer er iets verkeerd loopt’. Er kan van alles verkeerd lopen in iemands leven – je kunt bijvoorbeeld beroofd of bedrogen worden, je werk verliezen, ten onrechte beschuldigd worden – maar dat wil niet per se zeggen dat die persoon vasthoudt aan grieven of oordelen. (Het liep met Jezus ook niet zo goed af aan het einde van zijn leven, maar zijn denkgeest was volledig zonder schuld). De wereld werd gemaakt om een plaats te zijn waar van alles verkeerd loopt, en ego’s kunnen heel kwaadaardig zijn. Maar als je jezelf niet als slachtoffer ziet, zul je ook geen lijden ervaren. Dus we moeten heel voorzichtig zijn als we alleen op basis van een vorm of een uiterlijke verschijning een oordeel vellen.

Wat David heeft meegemaakt, moet dan ook niet als norm voor vergeving genomen worden. Als jij je er bewust van bent dat je iemand anders hebt aangevallen, is het altijd beter, voor jij je gaat verontschuldigen om leiding te vragen om te weten wat voor alle betrokkenen het beste is. Met andere woorden, neem het niet als vanzelfsprekend dat een letterlijke verontschuldiging altijd de beste manier is waarop vergeving wordt geuit. Op een ander niveau, kun je het verhaal van David als symbool zien van de behoefte van de Zoon om zichzelf te vergeven, omdat hij zichzelf beschuldigd heeft van het begaan van de ‘onvergeeflijke’ zonde dat hij de Eenheid van de Hemel heeft vernietigd om zijn eigen speciale bestaan als individu te verkrijgen. Vergeving zoals die in de Cursus wordt onderwezen, is totaal verschillend van de versie van de wereld, die zonde altijd als werkelijk ziet maar die in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden vergeven kan worden. Het begrip zonde is een complete uitvinding van het ego, en ons innerlijke werk is er uiteindelijk dus op gericht deze verkeerde overtuiging aan het licht te brengen en dan los te laten.