Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#425 Hoe kan mededogen belangrijk zijn als lijden zelf een illusie is?

Mijn vraag gaat over mededogen. Volgens het Boeddhisme is mededogen de meest goddelijke eigenschap, en een van de middelen die tot verlichting leiden. Maar volgens Een cursus in wonderen zijn lijden en pijn illusies. Dus vanuit dat gezichtspunt lijkt mededogen aan de kant van het ego te spelen, en zo de illusie te versterken. Maar wat zou onze wereld zijn zonder mededogen?

Antwoord: Ter verduidelijking: het is op de eerste plaats zo dat de leringen van de Cursus twee niveaus betreffen. Op het niveau van de absolute waarheid zijn lijden en pijn beide een illusie, omdat alleen God werkelijk is, in de volmaakte Eenheid van Zijn oneindige Liefde, die uitgebreid is in Christus, Zijn schepping, en in de scheppingen van Christus, die voor eeuwig binnen de eenheid van Gods Wezen zijn. Alles op deze eeuwig uitbreidende Liefde na is illusie.

Het tweede niveau van de leringen van de Cursus richt zich, kort gezegd, tot ons als denkgeest die ten onrechte denkt dat de werkelijkheid gedefinieerd wordt door een bestaan afgescheiden van en dus buiten Gods Wezen: als afgescheiden, autonome wezens met gescheiden belangen. Het doel van deze leringen is dan ook om ons te helpen de verkeerde, misleidende overtuigingen dat we van elkaar afgescheiden zijn en tegenstrijdige belangen en doelen hebben, ongedaan te maken. Op dit niveau stemt de Cursus zeker in met het Boeddhisme met zijn hoge achting voor mededogen. De terminologie is een beetje anders, maar leren om compassie te hebben is voor iedere student een noodzakelijk onderdeel van het werken met Een cursus in wonderen. Een workshop die in 2001 door de Foundation gegeven werd had de titel: ‘Het mededogen van het wonder’. En onze nieuwsbrief, The Lighthouse, heeft verschillende artikelen over mededogen en vriendelijkheid gepubliceerd (zie Teaching Materials op onze website). Wanneer mededogen zonder uitzondering uitgebreid wordt naar alle mensen en omstandigheden, is het genezing in spirituele zin, omdat het een omkering is van de afscheiding die we onderling waarnemen. Het versterkt de illusie wanneer het alleen wordt gegeven aan hen die waardig geacht worden, en onthouden wordt aan degenen die naar ons oordeel onze liefde en vriendelijkheid niet verdienen.

Het mededogen in de wereld van vandaag gaat maar al te vaak samen met onvriendelijkheid, omdat het exclusief is. Het gebeurt niet zelden dat juist dié mensen die aanzienlijk veel tijd, energie en geld spenderen aan hulp aan de ene groep, een andere groep, die er even slecht aan toe is, met de nek aankijken - alleen maar omdat deze tweede groep een andere politieke of religieuze opvatting of levensstijl omarmt. Ons mededogen gaat uit naar hen die lijden, maar breidt zich zelden uit naar degenen die dat lijden hebben veroorzaakt. Vanuit het gezichtspunt van de Cursus zouden we ontdekken dat we allemaal identiek zijn, wanneer we maar voorbij het gedrag (vorm) bij de inhoud van de denkgeest van mensen zouden komen. Zelfs degenen die verantwoordelijk zijn voor de meest afschuwelijke misdaden, delen precies hetzelfde denksysteem als degenen die hun leven wijden aan het helpen van de slachtoffers - wat afschuwelijk gedrag natuurlijk niet aanvaardbaar maakt. Wat afgescheiden, autonome wezens lijken te zijn, zijn alleen maar fragmenten van die ene gedachte van afscheiding, mét de schuld en angst die inherent is aan die gedachte. Alle wreedheid, beestachtigheid en barbaarsheid is uiteindelijk terug te voeren tot de dynamiek die uit dit geloof voortkomt. We delen allen in dat geloofssysteem; maar we delen ook allen - zonder uitzondering - in de correctie van die krankzinnigheid. Beide denksystemen, mét de macht om hiertussen te kiezen, bepalen de denkgeest van elk afzonderlijk, schijnbaar individueel wezen. Het ongedaan maken van ons geloof in afscheiding gaat dus gepaard met een groeiend inzicht dat er slechts één Zoon van God is. Als we daarom een persoon of groep veroordelen, veroordelen we in feite onszelf. Dat is de basis van mededogen volgens de Cursus. Tenslotte: als we vorm en inhoud blijven onderscheiden, zullen we de simplistische conclusie vermijden dat de leringen van de Cursus over mededogen een ontkrachting zouden betekenen van rechtssystemen of van verantwoordelijkheid voor gedrag.