Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#368 Ik heb leiding nodig over vergeving en het loslaten van haat en oordelen

Ik heb drie weken lang je workshop: ‘Regels voor beslissingen’ bestudeerd. De laatste week is mijn dagelijkse doel geweest te leren vergeven. Wat ik alleen niet begreep is: ‘Wie moet ik vergeven?’ en ‘Wat moet ik ze vergeven?’ Welke blokkades staan in de weg om de ware liefde die de mijne is te ervaren? Ik heb geleerd dat er een heel diepe haat in mij is. Ik geloofde niet dat er haat in mij was, totdat ik al mijn gedachten en opmerkingen begon te analyseren en besefte dat vele of de meeste ervan op haat gebaseerd waren. Ik heb mezelf dit vergeven, en geloof dat ik anderen kan vergeven zoals ik mijzelf vergaf. Welke uitleg en welk advies kun je geven om me verder te helpen? Mijn instinct zegt dat ik deze brief moet schrappen omdat het allemaal ego is. Wat betekent dit allemaal?

Antwoord: Zoals je ervaring aangeeft, is de eerste stap in vergeving het herkennen van de haat waarvan het egodenksysteem doortrokken is, en hoe die tot uitdrukking komt in ons leven, in al onze relaties. Jouw keuze om vergeving te leren heeft je precies naar de plaats gebracht waar vergeving moet plaatsvinden – jouw zelf. Het proces houdt in om eerlijk te kijken naar je gedachten en oordelen, zoals je gedaan hebt, en ze te zien als het gevolg van een keuze in je denkgeest om afgescheiden van God te zijn (en daarom van al je broeders). Hoewel we onszelf hierom als zondig beoordelen en ons schuldig voelen, zegt Een cursus in wonderen dat we ons vergissen en correctie nodig hebben. We worden gevraagd om deze oordelen aan de Heilige Geest te geven, zodat ze getransformeerd kunnen worden. Dus vergeven we onze broeders voor wat ze niet gedaan hebben, omdat alles waar we hen van beschuldigen een projectie is van onze eigen schuld: “Wees bereid de Zoon van God te vergeven voor wat hij niet heeft gedaan” (T17.III.1:5). We vergeven ook onszelf voor wat we niet gedaan hebben, omdat noch de afscheiding noch de schuld werkelijk is.

De blokkades om liefde te ervaren worden gevormd door al de overtuigingen die we er over onszelf op nahouden, als een zondig, schuldig, afgescheiden zelf die in een lichaam leeft en Gods straf verdient. Wanneer je de leer van de Cursus in praktijk gaat brengen, is de eerste stap om deze overtuigingen te herkennen, en vervolgens om hun geldigheid in twijfel te trekken en te onderzoeken, en de enorme prijs te zien die we ervoor betalen: het verlies van vrede, en het verlies van het bewustzijn van onze ware Identiteit en, zoals je aangeeft, van de ervaring van liefde. Naarmate de pijn van het vasthouden aan haat en het geloof in schuld steeds intenser wordt, worden we bereidwilliger om ze los te laten, en dan zal de waarheid van wie we zijn in ons bewustzijn terugkeren: “Wanneer ieder concept in twijfel is getrokken en bevraagd, en erkend wordt dat dit op geen enkele veronderstelling berust die standhoudt in het licht, dan is de waarheid vrij om in haar heiligdom binnen te treden, zuiver en vrij van schuld” (T31.V.17:5).

Het deel van de denkgeest dat zich vastklampt aan het geloof in afscheiding verzet zich tegen iedere poging die je doet om dit geloof ongedaan te maken. Jouw beslissing om vergeving te begrijpen en te beoefenen bedreigt het egodenksysteem. Dat verklaart de ‘verleiding’ om je vraag te schrappen. Gelukkig weerstond je de verleiding, en niet de keuze voor vergeving.