Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#301 Wat is de speciale betekenis van naamgeving?

Wat betekent het om iets een naam te geven? Kun je uitleggen waarom je er dan macht over krijgt?

Antwoord: Iets een naam geven betekent de identiteit ervan vaststellen. Het is een manier om ‘werkelijkheid’ te verlenen aan iets of iemand. Met andere woorden: als ik vaststel wie jij bent, maak ik die definitie van jou in mijn denkgeest tot werkelijkheid, wat betekent dat ik jou maak tot wie je bent. Dat is de macht van naamgeving. Het is de aard van de afscheiding om alles en iedereen een naam te geven: "Je hebt namen bedacht voor alles wat jij ziet. Elk ding wordt een afzonderlijke entiteit, die jij identificeert met behulp van zijn eigen naam. Daarmee houw je het uit de eenheid los. Daarmee markeer je zijn bijzondere kenmerken en zonder je het van andere dingen af door de ruimte eromheen te benadrukken. Deze ruimte zet jij tussen alle dingen die je elk van een andere naam voorziet, alle gebeurtenissen die je uitdrukt in termen van plaats en tijd, alle lichamen die je met een naam begroet" (WdI.184.1:2-6). Zo misbruikt het ego de scheppende macht. Door dingen en mensen op deze manier een naam te geven ontkennen we in feite hun ware identiteit. Het is een manier om te zeggen: ‘Jij bent wie ik zeg dat je bent, en niet wie God zegt dat je bent.’ Een cursus in wonderen zegt dat, welke namen het ego ook gebruikt om alle dingen die het maakt te identificeren, ze naamloos blijven, tenzij ze worden gezien in het licht van de waarheid.

Een van de belangrijkste doelen die we als student van de Cursus nastreven, is onze definitie van onszelf ongedaan te laten maken. We hebben onszelf allemaal dezelfde naam gegeven: ‘zondaar’. Wanneer we bereid zijn dit in twijfel te trekken en te erkennen dat we niet weten wie we zijn, zullen we beseffen we onze naam niet kennen. Als we alle namen loslaten die we onszelf gegeven hebben en de Heilige Geest vragen ons te leren wie we zijn, samen met alles en iedereen in de droom, beginnen we open te staan voor de aanvaarding van het feit dat Gods scheppende macht onze identiteit vaststelt. We zijn wie Hij zegt dat we zijn en dus hebben we een andere naam: ‘Gods schuldeloze Zoon’. Zijn Naam is de Naam die we delen: "Een vader geeft zijn zoon zijn naam en identificeert aldus zijn zoon met hem. Zijn broeders delen zijn naam en zo zijn ze verenigd in een band waartoe ze zich wenden voor hun identiteit. Jouw Vaders Naam brengt je in herinnering wie jij bent, zelfs in een wereld die niet weet, en zelfs al ben jij het vergeten" (WdI.183.1:3-5).