Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#297 Leert de Cursus dat mijn liefdevolle gedachten en mijn gevoelens van verbondenheid niet echt zijn?

Ik vond Werkboekles 4 van Een cursus in wonderen moeilijk, in zoverre dat ik soms zeer liefdevolle gedachten heb. Als ik bijvoorbeeld op straat loop en een onbekende zie die even in mijn ogen kijkt en er plotseling een gevoel van ‘werkelijke’ verbinding is, moet ik dan tegen mezelf zeggen dat deze gedachte niets betekent? Is dit geen ogenblik van ware werkelijkheid? Dit vind ik verwarrend.

Antwoord: Allereerst, het begin van het Werkboek gaat er hoofdzakelijk om ons te helpen onze onjuist gerichte gedachten ongedaan te maken, wat niet wil zeggen dat we geen juist gerichte gedachten hebben. De focus ligt echter vooral op onze onjuist gerichte gedachten. Deze eerste lessen vormen de aanzet om ons te laten begrijpen dat er een innerlijke wereld en een uiterlijke wereld is, en dat de uiterlijke wereld de projectie van de innerlijke wereld is. Jezus helpt ons het proces te beginnen waarin we leren dat we niet zijn wie we denken te zijn, en dat de werkelijkheid niet is wat wij denken dat ze is. Hij wil niet dat we met minder genoegen nemen dan ons ware erfgoed als Gods Zoon. Zo zegt hij in les 4: De ‘goede’ [gedachten] vormen slechts de schaduwen van wat erachter ligt, en schaduwen bemoeilijken het zicht” (WdI.4.2:4). Onze ‘werkelijke gedachten’ worden verborgen door zowel onze ‘goede’ als ‘slechte’ gedachten. De schaduw zal betekenisloos worden als we alleen nog maar dát waarde geven waar het de schaduw van is. En dáár leidt Jezus ons naartoe.

Je beschrijft je “gevoel van ‘werkelijke’ verbinding” niet in detail, noch zeg je iets over wat er op die ervaring volgde. Dus, in het algemeen gesproken, kan dat gevoel van het ego zijn (speciaalheid) of van de Heilige Geest (we zijn allen één). Als juist gerichte ‘verbinding’ zou het een schaduw van je werkelijke gedachten zijn, die niets te maken hebben met deze wereld of dit lichaam. In het heilig ogenblik, wanneer we niet langer afscheiding waarnemen, ervaren we een weerspiegeling van ware werkelijkheid, maar ware werkelijkheid is alleen de Hemel. Nogmaals, dat is het waar Jezus ons naartoe leidt. Waarom zouden we een spiegelbeeld of een schaduw willen, wanneer we de werkelijkheid zelf kunnen krijgen?