Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1283 Ik vind het moeilijk om te gaan met mensen die kritiek hebben of klagen.

Ik wil niet over anderen oordelen, maar wanneer ik bij mensen ben, hoor ik hen voortdurend oordelen over de president, de regering, godsdiensten, andere mensen, enzovoort. Ik ga hierin niet met hen mee en omwille hiervan valt het me moeilijk een gesprek aan te gaan. Ik wil liefde tonen – en ik voel liefde voor hen – maar het wordt steeds lastiger. Mijn vrienden neigen wel naar verschillende spirituele paden (New Age, yogi’s, enz.) maar ze leveren nog altijd een heleboel kritiek. Ik wil niet de indruk wekken dat ik hen probeer te veranderen of tegen hen preek. Hoe kan ik dit aanpakken?

Antwoord: Een cursus in wonderen zegt ons dat alles in de ogen van de Heilige Geest liefde is of een roep om liefde (T14.X.7:1). Wanneer we anderen een oordeel horen vellen op een kwaadaardige, boze, angstige manier, enzovoort, weten we dus dat ze in werkelijkheid reageren op een vermeend gebrek aan liefde in zichzelf. Ze zien de wereld door de ogen van het ego die hen zeggen dat Gods Liefde vernietigd is. Ieder van ons draagt de onbewuste overtuiging met zich mee dat hij degene is die Gods Liefde vernietigd heeft. Deze gedachte brengt een overweldigend schuldgevoel met zich mee, en dus probeert het ego deze kwijt te raken door voortdurend externe doelen te vinden die de schuld krijgen van het zich ongelukkig voelen dat door dat schuldgevoel veroorzaakt wordt. Doelen die gaan van vrienden en echtgenoten tot politieke leiders, tot ons eigen lichaam. Het ego streeft dus altijd ergens naar, zoekt iets of iemand die zijn vrede kan verstoren. Voor het ego betekent het vinden van zulke doelen verlossing.

Bij nader inzien, is het gemakkelijk de drogredenen van het ego te begrijpen, en het is bijzonder gemakkelijk om ze in anderen te zien. We moeten ons echter bewust zijn van de trucjes van ego. Als we merken dat we reageren op wat iemand anders doet en dat veroordelen – zelfs al is het niet meer dan een oordeel dat hij of zij niet zou moeten oordelen – moeten we inzien dat ons eigen ego in actie is gekomen. De Cursus maakt duidelijk dat verlossing op het niveau van het gedrag er niet van afhangt of je iets wel of niet doet (T12.III.2). Dat komt omdat verlossing niet op gedrag berust. Als Cursusstudent willen we inzien dat het probleem niet het uiten van een oordeel is, maar wel de onderliggende angst voor liefde. Daarom is het niet onze taak anderen ervan te weerhouden een oordeel te vellen. In plaats daarvan moeten we onze eigen denkgeest afwenden van de angst die het in de eerste plaats nodig maakt om te oordelen.

De Cursus zet uiteen dat dit proces inhoudt dat we overschakelen van het ego naar de Heilige Geest als onze innerlijke Leraar. Dat betekent dat we, telkens wanneer we niet weten hoe we liefdevol op iemand anders moeten reageren, de Heilige Geest om hulp moeten vragen. Hij zal ons altijd tonen hoe we met liefde en mededogen naar de ander kunnen kijken; dat wordt dan automatisch omgezet in woorden en daden die een afspiegeling van Zijn Liefde zijn. De vorm van onze woorden of daden zal van situatie tot situatie ongetwijfeld anders zijn, maar de inhoud – omdat het Zijn inhoud is – zal altijd liefde zijn.

Vanuit een liefdevolle plaats kun je misschien wel meedoen met de tirades van je vrienden. Of je vindt misschien een andere manier om naar hen te luisteren zonder ze in het ongelijk te stellen. Uiteindelijk willen de meeste mensen niet dat hun verdedigingsmiddelen weggenomen worden, of dat hen gesuggereerd wordt hoe ze op een andere manier naar hun grieven kunnen kijken (tenzij ze daar rechtstreeks om vragen). De meesten willen eenvoudigweg dat er naar hen geluisterd wordt, dat iemand anders begrijpt dat het moeilijk is met anderen en met het leven in het algemeen om te gaan, en dat ze weten dat wat ze je ook vertellen, je hen onwankelbaar liefhebt en aanvaardt. Wanneer je in staat bent deze liefdevolle toestand in je denkgeest te vinden en het niet noodzakelijk vindt dat anderen anders zijn dan ze zijn, komen de woorden vanzelf en zullen je vrienden het fijn vinden met je te praten.