Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1298 Waarom is schuldgevoel over je ouders altijd zo intens?

Waarom lijkt schuld zo intens, in de omgang met je ouders? Kun je me alsjeblieft helpen en hier wat licht op werpen? Ik realiseer me nu bijvoorbeeld, dat ik de relatie voor de vorm in stand houd, omdat ik me intens schuldig voel als ik hen niet bezoek. Wat is de ‘zonde’, vanuit metafysisch perspectief, die de schuld veroorzaakt, en waarom is het zo’n grote zonde binnen het egodenksysteem als je de fysieke relatie (de vorm) met je ouders verbreekt?

Antwoord: De ‘zonde’ die het intense schuldgevoel binnen relaties tussen ouders en kinderen veroorzaakt, wortelt in het meesterplan van het ego: God vervangen door zichzelf. Als gevolg van de keuze van de denkgeest om zich te identificeren met het ego, ervaren we de relatie met onze ware Bron niet meer. We hebben deze vervangen door dat andere zelf, dat dan volledig afhankelijk wordt van de menselijke ouders of hun equivalent. De wortel van onze schuld is dus ons geloof (nu verborgen voor ons bewustzijn) dat we God hebben weggegooid en dat we een surrogaat hebben gemaakt voor onze ware Identiteit als Zijn Schepping, eeuwig Eén met Hem. We hebben afgekondigd dat we God niet nodig hebben en dat aan al onze behoefte voldaan wordt via deze nieuwe relatie tussen ouder en kind, die het paradigma of voorbeeld wordt van alle speciale relaties in de wereld. Speciaalheid brengt altijd schuld met zich mee. Als de relatie dus nooit voorbij gaat aan speciaalheid (hulpbehoevendheid, afhankelijkheid, verwachtingen, enzovoort) zal de schuld een belangrijke factor blijven. Dit geldt voor elke relatie waarin gezag een rol speelt: baas, leraar, politicus, held, enzovoort.

Kenneth behandelt, vanuit het oogpunt van zowel ouder als kind, in zijn uit twee delen bestaande boek Parents and Children: Our Most Difficult Classroom, een hele reeks kwesties die voortvloeien uit deze fundamentele relatie. Een treffende uiteenzetting hierin, die rechtstreeks verband houdt met jouw vraag, gaat over Freuds inzicht: “Voor een opgroeiend individu is de bevrijding van het ouderlijk gezag een zeer noodzakelijk en tegelijkertijd een uiterst pijnlijk gevolg binnen zijn ontwikkeling.” De sleutel voor het met succes overstijgen van speciaalheid is het onderscheid tussen vorm en inhoud. Bevrijding van gezag is een kwestie van inhoud. Je kunt bijvoorbeeld bij je ouders wonen (vorm) en hetzij vrij zijn van, hetzij gebonden zijn aan hun gezag (inhoud). Hoewel dit om uitgebreide uitleg vraagt, kan in het kort gezegd worden dat je hen geleidelijk niet langer als ouders ziet, maar als Zonen van God, die samen met jou en met iedereen de reis terug naar God maken. Ze voelen dezelfde pijn en angst in hun onjuist gerichte denkgeest en ervaren dezelfde genezing en vrede in hun juist gerichte denkgeest, en ze hebben dezelfde macht om tussen die twee te kiezen als jij en iedereen. Dan herken je het schuldgevoel in de relatie met je ouders als een reflectie van je schuldgevoel vanwege je afwijzing van God en je acceptatie van een substituut voor deze enige werkelijke relatie. Je weet dan vanzelf wat je moet doen op het niveau van vorm: je blijft trouw aan de vorm (ouder-kind) en je gedraagt je gepast, aardig en verantwoordelijk, maar je doet dat alles op een andere manier (inhoud).