Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1275 Wat is de betekenis van ‘trouw zijn aan het klaslokaal’?

Ik heb onlangs naar de reeks cassettes geluisterd over de verschillende stadia van spiritualiteit: ‘Over de drie metamorfosen’. Ik vind het moeilijk om te begrijpen wat het betekent een kameel te zijn. Heb ik genoeg levenservaring om verder te gaan en een leeuw te zijn? Heb ik toegang tot Jezus’ liefde, of ben ik alleen onderworpen aan de haat van het ego? Ik heb het overleefd. Dat is het zo ongeveer. Geen overwinning behaald. Het is me gelukt om drie jaar aan het werk te blijven en ik drink nauwelijks meer. Ik denk dat ik veel van mijn fouten geleerd heb en ik leer liefdevol tegenover mezelf te zijn en minder over mezelf te oordelen. Ik voel me wat meer in vrede. Wat betekent het trouw te zijn aan het klaslokaal dat ik voor mezelf heb gekozen zodat we de schuld van binnen los kunnen laten? Betekent trouw zijn aan het klaslokaal ook volkomen mens te zijn volgens het ego? Betekent gewone functionaliteit dat ik onderworpen ben aan het idee dat alleen echte mannen gevochten hebben en dat ik om een ware kameel en heel te zijn ik dan mijn mannelijkheid moet bewijzen en moet vechten om trouw aan het klaslokaal te zijn?

Antwoord: We kunnen in het algemeen spreken over wat het betekent trouw te zijn aan het klaslokaal dat we gekozen hebben, maar uiteindelijk is dat iets dat door iedere persoon zelf bepaald moet worden, omdat er zoveel verschillende soorten klaslokalen zijn en zo veel variaties in elk type klaslokaal. Bovendien is het ook praktisch onmogelijk om een definitie van normaal te vinden waar iedereen akkoord mee is, net als het begrip een echte man geen duidelijke betekenis heeft waar iedereen akkoord mee is, hoewel ik denk dat we rustig kunnen zeggen dat je niet hoeft te vechten om je mannelijkheid te bewijzen – dat is gewoon dwaas.

Je kunt dit voor jezelf aanpakken door naar het negatieve te kijken – naar iets waar je van wegloopt of wat je in jezelf krachtdadig vermijdt. Dit omvat meer dan alleen maar bepaalde voorkeuren hebben, die we allemaal hebben. Als je je tamelijk goed bent gaan voelen met je leven in de maatschappij, is de kans groot dat je als mens in de wereld trouw bent aan je klaslokaal. Nogmaals, wat dit specifiek betekent is praktisch onmogelijk om uiteen te zetten omdat het niet alleen over de vorm gaat: je kunt een kluizenaar in de wildernis zijn en toch een goed aangepaste persoon zijn of je kunt een beroemdheid zijn die in de publieke belangstelling staat en toch een neurotisch wrak zijn, niet in staat zelfstandig te functioneren. Uiterlijke omstandigheden duiden niet noodzakelijk de staat van iemands innerlijke leven aan.

Onze klaslokalen zijn ook persoonlijk toegesneden, wat betekent dat we niet alleen menselijke wezens zijn – we zijn ook ouder, kind, man, vrouw, burger, werknemer, werkgever, teamgenoot, buur, vriend, enz. Als je bijvoorbeeld een ouder bent, moet je trouw zijn aan dat klaslokaal en je verantwoordelijkheden jegens je kinderen vervullen; als je op je werk hoofd van een afdeling bent, moet je in die functie je gezag laten gelden; als je getrouwd bent, moet je de verantwoordelijkheden in die relatie naleven. Je hoeft op geen enkele van die niveaus volmaakt te zijn, en je hoeft niet vrij te zijn van obsessies en neuroses, maar het is wel belangrijk dat je je bewust bent van je zwakheden en neurotische neigingen. Wat nadelig is voor de vooruitgang is spiritualiteit gebruiken als een manier om te ontsnappen aan die aspecten van jezelf of van de wereld die je te overweldigend vind om mee geconfronteerd te worden en mee om te gaan. Dit komt heel vaak voor, en ook studenten van Een cursus in wonderen zijn daar niet tegen bestand.

Maar nogmaals, je hoeft niet volmaakt te zijn; daar herinnert Jezus ons aan: “…wees er niet over verstoord dat schaduwen haar [je bereidwilligheid] omringen. Daarom juist ben je gekomen. Als jij zonder ze kon komen, zou je het heilig ogenblik niet nodig hebben” (T18.IV.2:4-6; zie ook H26.4:1-2). Wat geheeld moet worden, brengen we naar de helende liefde van Jezus, maar dat kunnen we niet doen als we ons niet bewust zijn van onze beperkingen, onze schuld en onze haat, onze behoefte aan speciaalheid, enz. We moeten ons er toch enigszins bewust van zijn hoe ons ego in ons leven functioneert, en we zouden door ervaring geleerd moeten hebben dat de wereld niet voor de heling kan zorgen waarvan we nu opmerken dat we die nodig hebben. Dat is de overgang naar de toestand van de leeuw.

V#1126 bespreekt enkele aspecten van het thema kameel-naar-leeuw; en ons artikel The Healing Power of Kindness – Deel 2: Forgiving our Limitations (De helende kracht van zachtaardigheid – Deel 2: Het vergeven van onze beperkingen) kan je ook helpen bij dit probleem.