Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1050 Nu ik de Cursus een jaar lang bestudeerd heb, probeer ik op de een of andere manier de geldigheid van mijn overtuigingen te achterhalen

Nu ik het Tekstboek van Een cursus in wonderen volledig gelezen heb en me ertoe verbonden heb het programma voor de studenten een jaar lang te volgen, bevind ik mij in een positie van ’geloof’, maar ik wil overgaan tot het niveau van ‘kennis’. Ik vraag om iets dat me toont dat ik het juiste pad volg, dat ik in de juiste richting ga. Ik heb verschillende aspecten van mijn leven in ogenschouw genomen, zowel mijn loopbaan, creatieve projecten en relaties, en alles lijkt tot stilstand te zijn gekomen. Ik laat het los en geef mijn toekomst aan God om mij te leiden… en er gebeurt niets… Ik heb geworsteld met angst voor de toekomst en vraag dat wat ik van binnen voel op de een of andere manier aan de buitenkant tot uiting komt, maar er lijkt geen overeenstemming te zijn. Ik zou zo graag de geldigheid van mijn overtuigingen willen zien, want ik geloof niet dat God een van Zijn Zonen die zich zo graag met Hem wil verbinden, geluk en vervulling onthoudt.

Antwoord: De boodschap van de Cursus is eenvoudig en biedt maar één pad aan zijn studenten: het beoefenen van vergeving. Dit leidt tot kennis die voorbij vergeving en voorbij elk pad ligt. Het studieprogramma van een jaar dat het Werkboek biedt, is slechts het begin van het oefenen dat een leven lang duurt: “Deze cursus is een begin, niet een einde” (W.Nw.1:1). Dus hoewel de Cursus een ‘korter pad’ is, is het toepassen op ons leven van wat hij onderwijst een trage weg die geduld en oefening vergt. Dit proces is traag enkel omdat de weerstand groot is, en de gehechtheid aan het denksysteem van het ego intenser dan wij denken. Daarom herhaalt Jezus heel de Cursus door zijn boodschap op veel verschillende manieren.

Wat in jouw proces een gebrek aan overeenstemming lijkt te zijn, is dan ook alleen maar het bewijs van de onvermijdelijke weerstand. Dit is geen reden voor angst. Jezus erkent onze weerstand en raadt ons aan met zachtheid en geduld te werk te gaan. Hij verzekert ons dat God Zijn Zoon niets onthoudt. Er ontbreekt niets in het gelijkstellen van eenheid tussen binnen en buiten; integendeel, er is iets toegevoegd dat de bewustwording van de eenheid in de weg staat: de beslissing een afgescheiden zelf te zijn. De keuze van de denkgeest om in de afscheiding te geloven is het enige dat de kennis van onze eenheid met God uit ons gewaarzijn houdt. Om terug te keren naar kennis en liefde, moeten we dus aanvaarden dat de denkgeest door middel van vergeving genezen wordt van de afscheidingsgedachte. Dat is alles wat er van ons wordt gevraagd. Jezus zegt ons dat het plan niet zal mislukken omdat het succes ervan in de kracht van de denkgeest ligt die voor afscheiding heeft gekozen en een andere keuze kan maken: “Gods garantie zal tegen alle blokkades standhouden, want ze berust op zekerheid en niet op toevalligheid. Ze berust op jou” (T20.IV.8:10-11).

Om onze last verder te verlichten wordt ons niet gevraagd een oordeel te vellen over onze vooruitgang. In feite zegt Jezus ons: “Stel jezelf niet aan het hoofd hiervan, want jij kunt het onderscheid niet maken tussen vooruitgang en achteruitgang. Sommige van je grootste vorderingen heb jij als mislukking aangemerkt, terwijl je sommige van je diepste inzinkingen als succes hebt bestempeld” (T18.V.1:5-6). Het is duidelijk dat we met veel zachtheid met onszelf omgaan als we ermee instemmen op een kalme manier voort te gaan met het oefenen in vergeving, wat eenvoudig, maar niet gemakkelijk is. Vasthoudend oefenen zal ons helpen het innerlijke en uiterlijke meer in overeenstemming te brengen, aangezien elke relatie en ervaring in het dagelijkse leven een gelegenheid wordt om de principes van de Cursus toe te passen, waarbij hun doelstellingen verenigd worden ten dienste van één enkel doel. Als je het juiste pad hebt gevonden en een leerplan dat resultaten garandeert, hoef je je alleen nog maar aan het programma te houden. Het tempo van het leerproces is evenredig aan de bereidheid naar het ego-arsenaal aan weerstandstechnieken te kijken zonder erover te oordelen. Jezus biedt bemoedigende woorden aan elke student van zijn Cursus: “Als de weg lang lijkt, laat hij dan tevreden zijn. Hij heeft beslist welke richting hij zal opgaan. Wat werd er meer van hem gevraagd? En als hij eenmaal gedaan heeft wat werd verlangd, zou God de rest dan achterhouden? (H22.2:6-9)