Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1153: Wat wordt bedoeld met “geheime zonden”?

Antwoord: “Geheime zonden en verborgen haat” (T31.VIII.9:2) zijn de afscheidingsgedachten in de denkgeest, die bedekt zijn met zware lagen van ontkenning en projectie. In feite bouwt de denkgeest verdedigingsmuren rond zijn plot om de afscheiding in zijn bewustzijn voor werkelijk te houden. Het cement dat de boel bij elkaar houdt is ontkenning. Vrijwel tegelijkertijd met zijn keuze om afgescheiden te zijn, veroordeelt de denkgeest die keuze als zondig, voelt zich daar enorm schuldig over, projecteert de schuld op het lichaam, en ontkent vervolgens dat hij ooit iets gedaan heeft. Bovendien ontkent hij zijn macht om te kiezen en vooral zijn identiteit als denkgeest. De sleutel tot het succes van dit plot is het verborgen te houden voor het bewustzijn, zodat de denkgeest zichzelf ervan kan overtuigen dat hij machteloos is en geen andere keus heeft dan de egodroom van afscheiding te aanvaarden. Wanneer de denkgeest eenmaal verwikkeld is in de illusie van het lichaam, blijft hij zijn zonde en schuld verborgen houden voor zijn bewustzijn, door ze naar buiten te projecteren en uiterlijke factoren de schuld te geven van zijn netelige positie. Het belangrijkste doel van deze intrige is de verzonnen God van het ego. Het vertelt een zeer overtuigend verhaal om de denkgeest vrij te pleiten en te garanderen dat zijn macht en vooral zijn keuze verborgen blijven: God heeft de wereld en het lichaam gemaakt, verleidde zijn scheppingen om te zondigen, en spoort ze nu op om ze te straffen met de dood. Deze waanzin is het fundament van het egoplan voor verlossing door middel van opoffering en dood, ondersteund door schuld en angst, en bedacht om de Zoon van God buiten zijn eigen denkgeest te houden.

Het verbergen van de activiteit van de denkgeest door middel van ontkenning, is de kern van de waanzin van het ego. Daarom begint het genezingsleerplan van de Heilige Geest met het blootleggen van wat verborgen was en het herstellen van de macht om te kiezen in het bewustzijn van de denkgeest. Dat is de reden waarom een groot deel van het onderwijs van de Cursus gewijd is aan de beschrijving van de dynamiek van het ego. De sleutel tot de ontrafeling van de dikke lagen van ontkenning is het trainen van de denkgeest om de streken van het ego in je leven te herkennen. Het herkennen van projecties brengt de bron van een probleem terug naar de denkgeest, waar het thuishoort. Dat is de eerste stap in het vergevingsproces. We vinden in Een cursus in wonderen veel teksten waarin Jezus ons aanspoort om te kijken: “Je moet naar je illusies kijken en ze niet verborgen houden, want ze rusten niet op hun eigen fundament. In het verborgene doen ze dat ogenschijnlijk wel, en zo lijken ze zichzelf te ondersteunen. Dit is de fundamentele illusie waarop de andere rusten. Want daaronder, verscholen zolang ze verborgen zijn, ligt de liefdevolle denkgeest die dacht dat hij ze in woede had gemaakt. En de pijn in deze denkgeest is zo duidelijk, dat wanneer die aan het licht wordt gebracht, zijn behoefte aan genezing niet kan worden ontkend. Geen van alle foefjes en trucjes die jij hem voorschotelt, kan hem genezen, want hier vindt de werkelijke kruisiging plaats van Gods Zoon” (T13.III.6:1-6).

In deze tekst worden diverse lagen van het ontkenningsnetwerk van de denkgeest onthuld: illusies worden verborgen worden door projecties, die een eigen leven lijken te leiden. “Verborgen onder de illusies ligt de liefdevolle denkgeest’, maar ook de pijn die voortkomt uit de keuze van de denkgeest. De intense pijn om de ontkenning van Gods Liefde ligt verborgen achter alle krankzinnige pogingen van het ego (zijn ‘foefjes en trucjes’) om de illusie van de afscheiding werkelijk te maken en Gods Zoon ervan te overtuigen dat geluk buiten de Hemel te vinden is. Maar hoe hard het ego het ook probeert, het kan de kwelling van zijn vergissing niet ongedaan maken, en door zichzelf te verwarren met het ego kruisigt de denkgeest de Zoon van God. Dit is het ego-arsenaal van ‘geheime zonden’.

Verborgen onder al het puin van de met schuld besmette geheime zonden ligt het best bewaarde “zondeloze geheim” van de denkgeest: de herinnering van Gods Liefde. Het genezingsproces van de Heilige Geest is gericht op het ongedaan maken van de geheime zonden van de denkgeest, zodat de Liefde die eronder begraven ligt wordt bevrijd. Terwille van dat doel wordt ons gevraagd om met de Heilige Geest te kijken naar wat verborgen is: “Laat geen enkele pijnlijke plek voor Zijn licht verborgen blijven, en doorzoek je denkgeest zorgvuldig op elke gedachte die je misschien niet aan het licht durft te brengen [de “zondige” zowel als de zondeloze]. Want Hij zal iedere nietige gedachte die je behouden hebt om jezelf te kwetsen, genezen en zuiveren van haar nietigheid, waardoor ze wordt teruggebracht tot de grootheid van God” (T13.III.7:5-6, cursivering van ons).