Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1195 Welke les moeten we leren als we onbedoeld leed veroorzaken?

Als je onbedoeld een vergissing begaat die leed veroorzaakt bij anderen, hoe moet je dan naar zo’n situatie kijken? Welke les valt hieruit te leren?

Antwoord: Als de situatie het toelaat, is het allereerst zaak om op een normale manier excuses aan te bieden. Vervolgens is het van groot belang om te kijken naar de gedachten die als gevolg van de vergissing opkomen. Er kan zelfbeschuldiging zijn, arrogantie omdat je gelooft dat je verantwoordelijk bent voor het geluk of de ellende van anderen, schuld, schaamte, zelfverdediging (‘het was niet mijn bedoeling’) enzovoort. Het zijn allemaal vormen van onvrede die het ego uitstekend dienen voor zijn spelletjes de denkgeest op uiterlijke zaken gericht te houden, heen en weer gaand op de getijden van schuld. Deze gedachten die de strategie van het ego steunen zijn de werkelijke vergissing.

De werkelijke correctie begint met de bereidheid de verborgen onjuiste overtuigingen te zien in een ogenschijnlijk ‘onschuldige’ vergissing. Dit betekent bereid zijn te herkennen dat als je in enige situatie in onvrede bent, dit komt omdat je in onvrede wílt zijn. Als je merkt dat na een verontschuldiging de gevoelens van onvrede voortduren, dan heb je een duidelijke aanwijzing dat de denkgeest ervoor kiest om in onvrede te zijn. Dit betekent alleen dat hij een doelbewuste keuze maakt om de afscheiding werkelijk te maken, en schuld teweeg te brengen zodat het conflict in stand blijft, in plaats van de vrede van de Heilige Geest te aanvaarden. Dat is de belangrijke les die geleerd moet worden. Zo wordt de situatie een les in vergeving, waarin de Heilige Geest de denkgeest eraan herinnert dat niets buiten zichzelf de bron van zijn onvrede is, wat óók waar is voor het leed dat door de anderen ervaren wordt. Dit is een heel belangrijke les die moeilijker te leren is dan het lijkt. Want het bestaan van het fysieke universum hangt af van de overtuiging dat de denkgeest buiten zichzelf kan treden en beïnvloed kan worden door uiterlijke zaken.

Een cursus in wonderen noemt het geloof dat iets van buiten de denkgeest er invloed op kan hebben, magie. Het wonder leert ons de macht van oorzakelijkheid aan de denkgeest terug te geven: “Het wonder is de eerste stap om aan de oorzaak [de denkgeest] de functie van oorzakelijkheid terug te geven, niet van gevolg” (T28.II.9:3). Dit principe van oorzaak en gevolg is fundamenteel voor het denksysteem van de Cursus. Het is belangrijk om het in gedachten te houden bij het toepassen van vergeving in iedere specifieke situatie. De sleutel is om je te herinneren dat, wélke omstandigheden ook de oorzaak lijken te zijn van enige vorm van onvrede, een keuze in de denkgeest de werkelijke oorzaak is. Werkboekles 5 verkondigt dit in niet mis te verstane taal: “Ik voel nooit onvrede om de reden die ik denk” (WdI.5). Het volstaat als je bereid bent jezelf eraan te herinneren dat dit waar is, ongeacht hoe werkelijk en overtuigend de uiterlijke ‘oorzaak’ ook mag lijken. Deze herinnering versterkt het geloof van de denkgeest in zijn macht om te kiezen, en vermindert zijn geloof in de macht van uiterlijke zaken. In deze eenvoudige toepassing wordt meer geleerd dan zo op het eerste gezicht lijkt. In feite bevat dit het enige doel van de wereld – te dienen als een leerschool voor vergeving. De les die in iedere situatie geleerd moet worden is dus dezelfde: “Het is onbestaanbaar dat de Zoon van God louter gedreven wordt door voorvallen buiten hemzelf. Het is onbestaanbaar dat de gebeurtenissen die hem overkomen niet zijn keuze waren. Zijn beslissingsmacht is de bepalende factor voor iedere situatie waarin hij zich bij toeval of willekeur lijkt te bevinden” (T21.II.3:1-3). Dit is waar, wát ook de omstandigheden, gevoelens of oorzaak van een gebeurtenis lijken te zijn. Al wat ons gevraagd wordt is ons dit te herinneren, en te weten dat als we dit doen de Heilige Geest uitgenodigd wordt om de onjuiste overtuigingen aan de wortel van ieder conflict te corrigeren.