Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1032 Bouwt de denkgeest de fysieke wereld?

Zou het volgende concept verenigbaar zijn met het onderricht van Een cursus in wonderen: ‘We leven in de geest, de denkgeest is de bouwmeester; en de fysieke wereld is het gevolg’?

Antwoord: Niet bepaald. De denkgeest die zichzelf kent als geest leeft in God; daarom zou het nooit een wereld bouwen om naar te ontsnappen. Omdat alleen de denkgeest werkelijk is (T6.V.A.3:2) en de wereld slechts een hallucinatie (T20.VIII.7:3), kunnen ze niet als gelijkwaardig achter elkaar geplaatst worden. Het is accurater te zeggen dat de denkgeest de wereld hallucineert, om zijn keuze voor het ego te verdedigen. Dus zou de bewering als volgt begrepen kunnen worden: wij zijn Denkgeest/geest, de denkgeest kiest tegen zijn identiteit als Denkgeest/geest, vergeet zijn keuze, projecteert de schuld buiten zichzelf, en ervaart een illusoire wereld die het vervolgens gebruikt om te bewijzen dat hij niét een denkgeest is. Daarin ligt de waanzin van het ego denksysteem. Als de denkgeest eenmaal gelooft dat dit denksysteem werkelijk is, is zijn enige activiteit het kiezen tussen dit systeem en het denksysteem van de Heilige Geest. Wanneer de gespleten denkgeest kiest voor afscheiding, wordt de schuld over die keuze naar buiten geprojecteerd, met als resultaat de illusie van de fysieke wereld. Dus ‘bouwt’ de denkgeest alleen in die zin dat de wereld het gevolg is van zijn projectie van schuld. Vervolgens identificeert hij zich met het lichaam waarin hij denkt te leven, en vergeet dat hij een denkgeest is.

Wanneer de denkgeest voor de Heilige Geest kiest, identificeert hij zich met het deel dat weet dat de afscheiding niet werkelijk is. Vervolgens wordt deze keuze uitgebreid, en in de wereld als juist-gericht denken ervaren. Wanneer de denkgeest uitsluitend voor de Heilige Geest kiest, is hij totaal genezen en neemt hij niets meer buiten zichzelf waar. Dan leeft hij in de geest, zich alleen bewust van zijn eenheid met God. Zo verdwijnt de wereld uit het bewustzijn (VvT4.4).

In werkelijkheid is niets van dit alles waar, omdat de afscheiding nooit heeft plaatsgevonden (T6.II.10:7). Er is geen afgescheiden denkgeest, geen wereld (WdI.132.6:2), niets te bouwen. Zolang we ervoor kiezen te geloven dat de afscheiding werkelijk is, blijft de wereld in onze waarneming werkelijk. Geloof in afscheiding en geloof in de wereld gaan hand in hand, als oorzaak en gevolg. Elk is afhankelijk van de ander voor zijn ogenschijnlijke bestaan. Het doel van de Cursus is ons te leren inzien dat de wereld de projectie van de denkgeest is, en de achteloosheid van het lichaam te vervangen door opmerkzaamheid, door aandacht te besteden aan de gedachten van afscheiding waardoor onze dagen vol oordeel zijn. Naar deze gedachten kijken met de bereidwilligheid ze door de Heilige Geest te laten transformeren, is het enige nuttige doel voor de wereld die we waarnemen. Het is de manier waarop we in de geest leven, tot we terugkeren naar ons ware leven in de Geest van God.