Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1177 Hoe ga ik om met een toenemende onthechting van de alledaagse ‘werkelijkheid’?

Door het bestuderen van Een cursus in wonderen, begint mijn identificatie met en belangstelling voor dagelijkse gebeurtenissen en activiteiten op een ongemakkelijke en soms alarmerende manier af te nemen. Is dat de bedoeling, als gevolg van de omslag in denken dat het doel van de Cursus is? Hoe zijn deze gevoelens van onthechting van de droom te rijmen met deelname aan het leerplan van mijn levenservaringen, zodat ik kan onderwijzen en zodoende leren me te verbinden, zoals Jezus beschrijft?

Antwoord: Leren jezelf niet al te serieus te nemen is inderdaad een van de beloningen die je krijgt wanneer je de principes van vergeving gaat toepassen op je leven. Het is het gevolg van het inzicht dat alles wat voorvalt een projectie van de denkgeest is. Hoewel het klopt dat gebeurtenissen in ons dagelijkse leven deel uitmaken van de illusie, zijn ze - totdat de denkgeest genezen is van alle geloof in afscheiding - belangrijke kansen in het klaslokaal van vergeving. Het onderwijs in het Tekstboek en Werkboek is bedoeld om toe te passen op de specifieke ervaringen in het leven. Al die gebeurtenissen en activiteiten verliezen inderdaad de betekenis die ze hadden vóór het bestuderen van de Cursus, maar kunnen nu het leerplan van de Heilige Geest dienen om de denkgeest te genezen van de gedachte van afscheiding: “De Heilige Geest leert jou wat het ego gemaakt heeft te benutten om het tegenovergestelde te onderwijzen van wat het ego heeft ‘geleerd’ ” (T7.IV.3:3). Er kan geen hoger doel zijn voor de activiteiten die onze dagen vullen. Het enige wat je kwijtraakt wanneer de denkgeest overstapt op de lessen van de Heilige Geest, is het verwoestende leerplan van afscheiding van het ego. Leren om alles te zien als een klaslokaal om vergeving te oefenen compenseert ruimschoots het verlies aan belangstelling.

Eén van de doelen voor een Cursusstudent is om een “gelukkige leerling” te worden. De energie die niet langer gebruikt wordt voor het najagen van achterhaalde belangen, kan nu worden aangewend om aandacht te hebben voor de activiteit van de denkgeest, die vaak heel druk bezig is om ‘interessante’ blokkades voor de aanwezigheid van de Liefde op te stellen (T.In.1:7), in de vorm van aanvalsgedachten en oordelen die gebaseerd zijn op afscheiding. Zij zijn de weerspiegeling van de angst van de denkgeest om de herinnering van Gods Liefde, die door de Heilige Geest vertegenwoordigd wordt, volledig te aanvaarden. Als we bereid zijn om naar deze blokkades te kijken zonder ze te beoordelen, rechtvaardigen, veranderen of verdedigen, kunnen ze ter genezing aan de Heilige Geest worden gegeven. Zoals Jezus in het Tekstboek zegt: “Wil je een gelukkige leerling zijn, dan dien je al wat je geleerd hebt aan de Heilige Geest te geven, opdat het voor jou wordt afgeleerd” (T14.II.6:1). Door op deze manier vergeving te beoefenen verbinden we ons met Jezus en reizen we met hem naar het einddoel van zijn Cursus.