Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1165 Moet ik om speciale dingen bidden? De Cursus lijkt hierover tegenstrijdig

In “Regels voor beslissingen” van Een cursus in wonderen wordt ons gezegd: “Houd door de dag heen […] jezelf opnieuw voor welk soort dag je wenst, de gevoelens die je zou willen hebben, de dingen die je wilt dat jou overkomen en die je zou willen ervaren, en zeg dan: Als ik uit mezelf geen beslissingen neem, is dit de dag die mij zal worden gegeven” (T30.I.4:1,2). Echter, Het lied van het gebed stelt: “Het geheim van het ware gebed is de dingen te vergeten die jij meent nodig te hebben. […] in gebed [zie je] voorbij aan je specifieke behoeften zoals jij die ziet, en geef je ze over in Gods Handen” (L1.I.4:1,3). Dit lijkt een beetje met elkaar in tegenspraak te zijn. Kun je dit alsjeblieft verhelderen?

Antwoord: Wat betreft de passage uit “Regels voor beslissingen” …. Aan het begin van de voorafgaande paragraaf heeft Jezus uitgelegd dat ons hoofdprobleem is, dat wij eerst bepalen wat ons probleem is en dan pas om hulp vragen. In de passage die je citeert onderwijst hij ons dus om niet op eigen houtje beslissingen te nemen. Hij wil dat we leren dat wij uiteindelijk slechts één probleem hebben, en dat is dat wij het ego gekozen hebben in plaats van de Heilige Geest. Dus door niet te veronderstellen dat wij de oorzaak van onze onrust en beroering weten, geven wij Jezus een kans ons te leren waar we moeten zoeken naar de werkelijke oorzaak: de beslissing die wij in onze denkgeest maken om het denksysteem van het ego in stand te houden. Het is belangrijk te beseffen dat hij door de hele paragraaf van de “Regels voor beslissingen” heen, over inhoud spreekt en niet over vorm. Dus wanneer hij ons vraagt na te denken over wat voor soort dag wij willen hebben, spreekt hij erover of wij willen dat onze dag verloopt op de manier van het ego of op zijn manier. Hij heeft het niet over het hebben van een succesvolle dag in termen van het winnen van de loterij of iets dergelijks. Hoe wij onze dag ervaren zal direct samenhangen met onze beslissing het ego als onze leraar te kiezen – met meer schuld, angst, speciaalheid en afscheiding – of Jezus als onze leraar te kiezen – met meer vrede, mededogen, vriendelijkheid en liefde.

Dit komt overeen met wat hij in Het lied van het gebed onderwijst. Voorafgaand aan de passage die je citeert, herinnert hij ons eraan dat hij in het Tekstboek en in het Werkboek een paar uitspraken deed (eigenlijk zeer weinig), waarin hij ons opdroeg de Heilige Geest om specifieke hulp te vragen, en dat wij op onze verzoeken specifieke antwoorden zouden ontvangen. Toch benadrukt hij in twee lessen dat er slechts één probleem is en één antwoord (WdI.79, 80). “In gebed is dit geen tegenspraak”, stelt hij in Het lied van het gebed (L1.I.2:3); en wel omdat gebed een proces is – zoals een ladder met treden. Op de onderste treden voelen we ons alleen op ons gemak met het vragen om speciale dingen, wat het punt is van Jezus’ uitspraak in les 161: “De denkgeest die zichzelf geleerd heeft om concreet te denken, kan abstractie niet langer vatten in de zin dat ze alomvattend is” (WdI.161.4:7). Naarmate wij echter spiritueel groeien worden we steeds minder aangetrokken tot het specifieke en steeds meer tot de liefde zelf die het wezen van het antwoord is. Dit is kenmerkend voor de zachte aard van het genezingsproces van de Cursus. “Jou kan niet worden gevraagd antwoorden te aanvaarden die uitgaan boven het behoefteniveau dat je herkent. Daarom is het niet de vorm van de vraag die van belang is, noch hoe die wordt gesteld. De vorm van het antwoord, mits door God gegeven, zal aan jouw behoefte voldoen zoals jij die ziet. Dit is slechts een echo van het antwoord van Zijn Stem. De werkelijke klank is altijd een lied van dankzegging en Liefde” (L1.I.2:5-9).