Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#192 “Ik vergis me niet als ik Gods kanalen uitkies” (T4.VI.6:3)

“Ik vergis me niet als ik Gods kanalen uitkies”(T4.VI.6:3). Deze zin roept bij mij altijd hele sterke emoties op (ik ben tot tranen toe bewogen, het heeft mijn vertrouwen versterkt, enzovoort), maar soms denk ik dat deze zin misschien alleen voor Helen persoonlijk was bedoeld.

Antwoord: Je moet nooit vergeten dat Een cursus in wonderen doorkwam als antwoord op het feit dat Helen en Bill zich met elkaar verbonden hadden om een betere manier te vinden voor hun omgang met elkaar. Dus veel van de opmerkingen – vooral in de eerste hoofdstukken – waren voor hen bedoeld. Maar het is duidelijk dat ze van toepassing zijn op ons allemaal, want wij worstelen met dezelfde problemen als zij. De uitspraak waar jij naar verwijst, betekent dan ook niet dat Helen en Bill speciaal waren, een betekenis die ons ego er prompt in wil zien, aangezien het ego alleen maar afscheiding kent. Helen zag zichzelf op geen enkele manier als speciaal gezegend, en corrigeerde heel snel iedereen die haar als speciaal zag.

Als je deze uitspraak in verband brengt met twee andere belangrijke uitspraken, “Al mijn broeders zijn speciaal” (T1.V.3:6; ) en “Allen zijn geroepen” (T3.IV.7:12), dan wordt de betekenis duidelijker. Hoewel Jezus de taal van de Bijbel gebruikt, is het duidelijk dat hij hier het traditionele gezichtspunt corrigeert dat bepaalde speciale mensen of groepen mensen worden uitgekozen, zoals in: ‘Velen zijn geroepen, maar weinigen uitverkoren,’ en ‘het uitverkoren volk’. Hij zegt ons in principe dat we ons niet vergissen als we denken dat wij hem dierbaar zijn.

Aan het begin van Les 93 beschrijft hij het afschuwelijk negatieve zelfbeeld dat we diep in onze denkgeest koesteren – soms zelfs net onder de oppervlakte. En dan zegt hij ons dat we er zo van overtuigd zijn dat dit de waarheid over ons is, dat het moeilijk voor hem is ons te helpen inzien dat dit op niets gebaseerd is (WdI.93.1,2). Dat verklaart waarom we geneigd zijn om te denken dat Jezus alleen naar Helen en Bill verwees en niet naar ons, een tendens in ons denken die hij later arrogant noemt. Wanneer we op die manier denken, zouden we hiermee moeten ophouden en erover nadenken waar deze gedachten vandaan komen, en hoe we door ons onwaardig te voelen, Jezus eigenlijk zeggen dat hij zich in ons vergist.

Vervolgens moeten we ook in gedachten houden dat, hoewel we ons misschien in eerste instantie uitverkoren voelen, dit in werkelijkheid niet zo is. Naarmate we verder de ladder op gaan, zullen we merken dat we onszelf werkelijk toestaan steeds meer liefde te ervaren, en ons daar steeds minder tegen verzetten.