Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#019 De aard van schuld

Zoals ik de Cursus begrijp, zegt hij dat schuld aan de basis van al ons lijden ligt en dat deze schuld onderdrukt wordt. De Cursus lijkt dan te suggereren dat je met deze schuld afrekent door de uiterlijke wereld te vergeven (en niet zozeer door de schuld bloot te leggen zoals bij psychoanalyse). Als dat zo is, wat heeft dit idee van schuld dan voor zin, als het kennelijk op een zuiver theoretisch niveau blijft?

Antwoord: De schuld waar de Cursus over spreekt, is een ontologische schuld die het gevolg is van onze overtuiging dat wij afgescheiden kunnen zijn van God. Maar daardoor moest Hij vernietigd worden, want een afgescheiden individueel bestaan en totale Eenheid zijn toestanden die elkaar wederzijds uitsluiten en niet naast elkaar kunnen bestaan. Aangezien de afscheiding van God slechts een illusie is, en daarbij nog een hele wankele, was er ogenschijnlijk een krachtige verdediging nodig om de schijnbare werkelijkheid ervan in stand te houden. Een allesverterende schuld over onze dodelijke aanval op het Al werd dat verdedigingsmiddel. De vraag of we in werkelijkheid wel hadden aangevallen en of dat überhaupt mogelijk was, werd daardoor toegedekt. Deze schuld is echter volgens de Cursus niet simpelweg een theoretisch concept. De Cursus zegt dat de uiterlijke wereld letterlijk werd gemaakt vanuit die ontologische schuld, als een ogenschijnlijke projectie naar buiten van wat te verschrikkelijk was om binnen in de denkgeest te houden. Wanneer we onze relaties buiten ons - in de wereld - vergeven, zijn we dus eigenlijk bezig om aspecten van de oorspronkelijke ontologische schuld aan te pakken, zij het met stukjes en beetjes. Het is een indirecte benadering met een praktische en directe uitwerking op het onderliggende probleem. Door te zien dat het om projectie gaat - wat we in onze uiterlijke wereld werkelijk hebben gemaakt is een projectie van wat begraven ligt in ons onbewuste - zijn we in feite bezig om die begraven schuld gaandeweg bewust te maken. Hierdoor wordt de strategie van het ego ongedaan gemaakt om ons af te leiden van de schuld in onze denkgeest door middel van de problemen en daarmee gepaard gaande schuld in de wereld. Daardoor kunnen we geleidelijk tot het besef komen dat de onderliggende veronderstelling waar de fundamentele schuld uit voortkomt – namelijk dat we afgescheiden zijn en dat Liefde vernietigd is – gewoonweg niet waar is.

Wanneer schuldgevoelens aan het licht worden gebracht via de gebruikelijke methoden van de psychoanalyse, speelt dit feitelijk het verdedigingssysteem van het ego in de kaart, hoewel het ook gericht kan worden op hetzelfde doel als dat van de Cursus. De schuld die psychoanalyse wil blootleggen is immers nog altijd deel van het uiterlijke rookgordijn van de wereld dat door de ego-denkgeest is opgetrokken om ons te beletten naar het werkelijke probleem in de denkgeest terug te gaan. Het gaat nog altijd over schuld die betrekking heeft op het lichaam en diens relatie tot andere lichamen, en deze schuld is een gevolg en niet de onderliggende ontologische oorzaak waar de Cursus zich op richt.