Een Cursus in Wonderen

Vraag- en antwoordservice

V#1385 Richtlijnen voor studie

Ten eerste bestaat er, in lijn met zijn theorie, geen ‘beste’ of enige methode om Een cursus in wonderen te bestuderen. Het is een leerplan dat door de student onder leiding van de Heilige Geest of Jezus gevolgd wordt. En de training is, zoals het Handboek voor leraren specifiek stelt, “hoogstpersoonlijk toegesneden” (H9.1:5; H29.2:6). Bovendien kunnen er geen strikte richtlijnen of regels zijn die op ieder individueel van toepassing zijn, omdat omstandigheden, achtergronden en vaardigheden, naast andere factoren, sterk verschillen.

Jezus zegt met betrekking tot het lezen en bestuderen van de lesstof niet wat het eerst gedaan zou moeten worden, het Tekstboek, het Werkboek of het Handboek. Die beslissing is aan elke student zelf. Er is geen juiste of verkeerde manier om door de lesstof te gaan. Maar om een alomvattend begrip van het denksysteem en een stevige basis voor het beoefenen van de lessen te krijgen, worden studenten op een bepaald punt in hun leerproces aangemoedigd het Tekstboek te bestuderen. Jezus raadt ons aan het zorgvuldig te bestuderen, maar daar niet te snel mee te gaan, om niet onnodig in een overweldigende angst terecht te komen (T1.VII.4,5; zie ook V#1163. Ook legt hij in de Inleiding van het Werkboek uit dat “een theoretische fundering zoals de tekst die verschaft, […] als kader noodzakelijk [is] om de oefeningen in dit Werkboek zinvol te maken.” (WdI.In.1:1). Jezus verwacht dus duidelijk dat zijn studenten op een bepaald moment in hun leerproces tijd besteden aan het Tekstboek.

Een cursus in wonderen: vorm en inhoud

De Cursus gebruikt metaforen en bevat wat betreft de vorm veel tegenstrijdige passages. Om die reden kan hij niet uitsluitend op een intellectueel niveau gelezen en begrepen worden. Zijn inhoud en liefdevolle boodschap van vergeving kunnen alleen begrepen worden met de bereidheid van de denkgeest die zich opent voor de waarheid die hij weerspiegelt. De leer van de Cursus dat de wereld een illusie is en de afscheiding nooit heeft plaatsgevonden, wordt schijnbaar tegengesproken door het feit alleen al dat de Cursus zelf in de vorm bestaat. Het is dan ook duidelijk dat de Cursus vanaf het begin duidelijk zijn vorm liefdevol aanpast, om zo behulpzaam te zijn voor dat deel van de denkgeest van Gods Zoon dat schuldbewust gelooft dat hij reddeloos verloren is vanwege zijn verschrikkelijke zonde. Volgens de logica van het ego brengt de schuld die volgt op de ‘zonde’ van afscheiding een ontzettende angst voort om door een kwade God gestraft te worden. Wanneer de Cursus zegt dat God weent en eenzaam is zonder ons (T5.VII.4; T2.III.5), is de boodschap dat Hij geen kwade, wraakzuchtige God is, maar Een die ons liefheeft en mist.

Deze symbolische beelden zijn nuttig voor ons die zich gemakkelijker met het begrip van een liefhebbende vader verbinden dan met de abstracte aard van God. Zoals Jezus ons zegt: “Je kunt niet eens denken aan God zonder een lichaam, of in een of andere vorm die je denkt te herkennen.“ (T18.VIII.1:7); en “Maar Het [de Leraar van Eenheid] moet wel gebruikmaken van de taal die deze denkgeest begrijpen kan, in de toestand waarin die denkt te verkeren“ (T25.I.7:4).

Deze passages verklaren zowel de metaforen die in de Cursus gebruikt worden, als de niveaus van onderricht. Omdat wij geloven dat we in de wereld verkeren, geeft Jezus ons onderricht vanuit ons belevingsniveau. Omdat wij ervoor hebben gekozen ons met het lichaam te identificeren, denken en handelen en ‘beredeneren’ we als lichamen. Dus komt de Cursus in een vorm tot ons die we kunnen begrijpen, en gebruikt hij tal van metaforen, poëtische beelden en symbolen om tot ons te spreken van de Liefde die we ontkend hebben en vergeten zijn.

Nogmaals, de Cursus moet ons tegemoetkomen waar wij zijn, en we zijn in een wereld die heel complex is. Maar dat is zo omdat onze wereld afkomstig is van een heel complex denksysteem dat onze denkgeest domineert. Wil Jezus in staat zijn ons te helpen, dan moet de context van zijn onderricht deze immense complexiteit van zowel onze uiterlijke als innerlijke wereld zijn. Dat bedoelt hij wanneer hij zegt: “Deze cursus blijft binnen het kader van het ego, waar hij nodig is” (VvT.In.3:1). Gecompliceerdheid is de naam van het egospel, zegt hij in het Tekstboek (T15.IV.6:2). Zijn onderwijs moet deze gecompliceerdheid aan de orde stellen om haar ongedaan te maken.

Dus wanneer we met de Cursus beginnen, kan hij inderdaad hopeloos complex lijken. Maar nogmaals, dat komt omdat hij ons ontmoet op het punt waar wij zijn. Zijn doel is echter, ons uit die gecompliceerdheid naar de “eenvoud van verlossing” te leiden (T31.1), wanneer we tenslotte allemaal zullen beseffen “dat het onware onwaar is, en het ware nooit is veranderd” (WdII.10.1:1). Dat is de simpele waarheid, verborgen achter de enorme complexiteit van zowel het egodenksysteem in onze denkgeest als van de wereld die daaruit is voortgekomen.

Absoluut iedereen kan profiteren van Een cursus in wonderen. Je hoeft geen intellectueel te zijn om ervan te leren en hem als spiritueel pad te gebruiken. Niettemin is het duidelijk dat hij op hoog intellectueel niveau geschreven is en dat hij geavanceerde metafysische, theologische en psychologische concepten integreert in zijn onderricht, zoals in de drie boeken uiteengezet. Veel ervan is in blanke verzen geschreven. Een lezer/student die niet intellectueel is aangelegd en op deze gebieden geen achtergrond heeft, zou dan ook moeite kunnen hebben met het begrijpen van een groot deel van de lesstof. Dit betekent evenwel niet, dat zo iemand niet geholpen kan worden bij het doorlezen ervan en de oefeningen van het Werkboek doen. Als men dankzij de Cursus vriendelijker en liefdevoller wordt en zich verzekerd weet van Gods Liefde, en zich minder boos, gedeprimeerd of angstig voelt, dan heeft de Cursus zijn het doel bereikt. Aan de andere kant zijn er veel hoogopgeleide mensen geweest die helemaal niet in staat waren zich met de Cursus te verbinden. Zij zullen een ander pad vinden dat voor hun behoeften en geaardheid meer geschikt is.

De Cursus zegt van zichzelf dat hij alleen een van de vele duizenden andere vormen van de universele cursus is (H1.4). Hij hóeft niet voor iedereen te zijn. Sommige religies beweerden de enige ware religie te zijn; de enige weg om verenigd te worden met God. Een cursus in wonderen valt daar niet onder. Veeleer is door de hele Cursus heen de duidelijke implicatie aanwezig, dat alle mensen uiteindelijk een pad vinden dat hen tot God zal leiden. Het hoeft niet dit pad te zijn.

Tenslotte, de structuur en het verloop van het Tekstboek kunnen eerder vergeleken worden met een symfonie - met thema’s die geïntroduceerd, terzijde gelegd, opnieuw opgepakt en uitgewerkt worden - dan met een lineaire ontwikkeling van ideeën die systematisch in complexheid toenemen, zoals gewoonlijk in een wetenschappelijk boek. Dit leidt tot een in elkaar grijpende matrix waarin elk deel integraal en essentieel is voor het geheel, terwijl het impliciet dat geheel in zichzelf bevat. Zo komt hetzelfde materiaal voortdurend terug, zowel in de Cursus als denksysteem, als in de leermogelijkheden in ons persoonlijke leven. Het leerproces lijkt daarom op het omhooglopen van een wenteltrap, waarbij de lezer in een circulair patroon wordt gevoerd en iedere omwenteling hoger leidt - totdat de top van de spiraal is bereikt, die opengaat naar God. Het lieflijk ritme van het blanke vers in grote delen van het Tekstboek verhoogt de impact van terugkerende thema’s.

De enige gerichte aanwijzingen voor de Werkboeklessen worden in de Inleiding gegeven: “Doe niet meer dan één stel oefeningen per dag” (WdI.In.2:6). Het is als student raadzaam deze inleiding te lezen voordat je met de lessen te begint, en hem daarna zo af en toe opnieuw te lezen. Een ander belangrijk principe in de inleiding heeft betrekking op je oriëntatie als student: “Onthoud alleen dit: je hoeft de ideeën niet te geloven, je hoeft ze niet te aanvaarden, laat staan toe te juichen. Tegen een aantal ervan zul je je misschien heftig verzetten. Dit alles is niet van belang en zal hun uitwerking niet verminderen. Maar sta jezelf niet toe uitzonderingen te maken in de toepassing van de ideeën die het Werkboek bevat, en wat je reacties op de ideeën ook mogen zijn gebruik ze. Meer wordt er niet gevraagd.” (WdI.In.9)

Lessen mogen desgewenst herhaald worden. Als het een bijzonder betekenisvolle of moeilijke les is, kan het een goed idee zijn om er een paar dagen mee bezig te blijven. Maar er zit een risico in te denken dat je een les perfect gedaan moet hebben voordat je naar de volgende kunt. Dit zou een valkuil zijn, want het is in de meeste gevallen onwaarschijnlijk dat je een van de lessen perfect doet. Als je dat zouden kunnen, dan heb je zo’n gevorderde staat van spirituele groei bereikt dat je de lessen helemaal niet nodig zou hebben.

Om te weten wat te doen als je enkele dagen of weken verzuimt de lessen te oefenen, zijn de middelste passages van les 95 behulpzaam. Belangrijk punt: het is niet nodig helemaal opnieuw te beginnen. De instructie in les 95 legt de nadruk op het herkennen van de manieren waarop het ego het proces binnensluipt, en dat je met vergeving zou moeten reageren “wanneer onze ijver verflauwt en we nalaten de aanwijzingen […] op te volgen” (WdI.95.8:3). Dat is de sleutel. Jezus houd niet bij hoe punctueel je bent in het volgen van de dagelijkse instructies, hij is er alleen in geïnteresseerd je te helpen je denkgeest erin te trainen meer en meer in termen van vergeving te denken, en dan uiteindelijk het geleerde te veralgemenen tot elke aspect van je leven en je ervaring.

Het kernidee is om oprecht te zijn in je pogingen om wat het Werkboek onderwijst te bestuderen en te oefenen, terwijl je je ervan bewust blijft dat wij allemaal sterke weerstand hebben, en toch bereid bent jezelf voor de vaak ontoereikende inspanningen te vergeven. Zolang je doorgaat de lessen te bestuderen en toe te passen zoals voorgeschreven wordt, zul je vooruitgang boeken. Het is belangrijk je op de inhoud te concentreren in plaats van op de vorm. Het gaat erom dat je een oprechte poging doet de instructies zo nauwkeurig als je kunt te volgen, zonder jezelf te veroordelen wanneer je faalt. Je kunt eigenlijk zeggen dat het doel van het doen van de lessen is dat je ze verkeerd doet en vervolgens je fouten vergeeft. Dit is een weerspiegeling van je uiteindelijke vergeving van jezelf voor de vergissing van afscheiding van onze Schepper en Bron.

Het Handboek voor leraren, het derde boek, is het gemakkelijkste en meest toegankelijke van de drie. De Cursus helpt je te beseffen dat wij allen leraren en studenten van elkaar zijn, en dat er geen scheidslijn bestaat tussen leraren en studenten. Zoals wij onderwijzen leren we, en zoals wij leren onderwijzen we; maar dit heeft niets van doen met een formele onderwijssituatie. De betekenis is dat we onderwijzen door demonstratie. Een cursus in wonderen gaat nooit over de vorm (lichaam), maar alleen over de inhoud (denkgeest). Het Handboek is opgezet in de vorm van vraag en antwoord, waarbij de vragen zich richten op een aantal belangrijke thema’s uit de Cursus zelf. Er is een aanhangsel bij het Handboek dat Helen een aantal jaren nadat de Cursus voltooid was neerschreef. Dat heet de Verklaring van termen. In zekere zin is het een verklarende woordenlijst van sommige kernbegrippen die in de Cursus gebruikt worden, met het ogenschijnlijke doel ze voor de Cursusstudenten te definiëren. Wat je echter ontdekt is, dat als je niet al weet wat het woord betekent, de Verklaring van termen waarschijnlijk niet erg behulpzaam is. Het is echter wel een prachtige en vaak poëtische samenvatting van wat deze uitdrukkingen betekenen - een andere manier om opnieuw te bezien wat we al hebben bestudeerd.

Een verdere uiteenzetting van de hierboven besproken ideeën, en van aanverwante onderwerpen die van belang kunnen zijn om bekend te raken met Een cursus in wonderen volgt hieronder.

Ga naar de index en klik daar op de betreffende vraagnummers voor een volledige bespreking van desbetreffend onderwerp.

De christelijke context van de Cursus en zijn mannelijk taalgebruik: V#001, V#005.

De non-dualistische metafysica van de Cursus: V#006, V#085, V#105, V#923, 1096iv, V#1118

De symfonische aard van de Cursus: V#1145

Het academische, intellectuele niveau van het Tekstboek: V#040, V#1150, #1170

Niveaus van onderwijs: V#217, V#243, V#1068

Het doel van de Cursus: V#204, V#235, V#429, V#885, V#941

Een partner hebben om de lessen mee te leren: V#223

Deelnemen aan een groep: V#012, V#105, V#276, V#493

Het beoefenen van de Cursus terwijl je deel uitmaakt van een religieuze hoofdstroming: V#023; zie ook: ECIW /andere denksystemen

Jezus als auteur van de Cursus: V#110, V#156, V#479, V#940, V#1096ii

Normaal zijn: V#634

De beste studiemethoden: V#105, V#203, V#782ii, V#1163

Aanbevolen studiemateriaal (Engelstalig) op de website van de Foundation http://www.facim.org/teach.htm

- Glossary of major terms used in the Course (Verklarende woordenlijst van de belangrijkste termen die worden gebruikt in de Cursus): http://www.facim.org/acim/glossary.htm
- Summary of the Theory of A Course in Miracles (Samenvatting van de Theorie van Een cursus in wonderen): http://www.facim.org/acim/theory.htm
- Excerpts Series (Uittreksels), “The Metaphysics of Separation and Forgiveness.”:
http://www.facim.org/excerpts/mpseries.htm

Alle door Kenneth Wapnick geautoriseerde publicaties:

Online te bestellen via: http://www.facim.org/bookstore.

Nederlandse uitgaven van Kenneth Wapnick zijn verkrijgbaar via de webwinkel van Miracles in Contact

- Introductieprogramma’s:

A Talk Given on “A Course in Miracles” (boek in Nederlandse vertaling: Inleiding tot Een cursus in wonderen is te bestellen in de webwinkel);
What Is “A Course in Miracles”? - Theory and Practice (cd, mp3);
An Introduction to “A Course in Miracles” (dvd).

- Regel-voor-regel commentaren (boeken):

  • Journey through the Workbook of “A Course in Miracles”;
    Journey through the Manual for Teachers of “A Course in Miracles”;
    “What It Says”: From the Preface of “A Course in Miracles.”
    Journey through the Text of “A Course in Miracles.” 

- The scribing of A Course in Miracles: Absence from Felicity: Helen Schucman and Her Scribing of “A Course in Miracles.” (boek in Nederlandse vertaling Een leven geen geluk is te bestellen in de webwinkel)

- Diepgaande analyse van theorie en praktijk: The Message of “A Course in Miracles” - Vol. One: All Are Called; Vol. Two: Few Choose to Listen (boek).