|
V#987
Houdt het huwelijk niet tevens een speciale relatie in? Hoe kunnen getrouwde
mensen dan “leraren van God” zijn? Zijn Gloria en Kenneth Wapnick getrouwd? Als
ze getrouwd zijn, betekent dat dan niet dat ze nog steeds ego’s hebben? A: Om je eerste vraag
te beantwoorden: Ja, ze zijn getrouwd. Je tweede vraag lijkt voort te komen uit
enkele misverstanden: de veronderstelling dat we iets over anderen kunnen
zeggen naar aanleiding van de uiterlijke omstandigheden van hun leven, en wellicht
ook wat vereist is om leraar van Een
cursus in wonderen te zijn. Veel studenten van de Cursus zijn ten onrechte
tot de conclusie gekomen dat het huwelijk – of elke andere intieme relatie –
een vorm van een speciale relatie is en dat je daarom spiritueel verder
gevorderd bent als je geen relatie hebt. Dit is echter absoluut niet wat Jezus
ons met zijn Cursus probeert te leren. Hij houdt zich niet bezig met de vorm van onze relaties. Hoe kan hij, hoe
dan ook, geďnteresseerd zijn in iets waarvan hij weet dat het niet werkelijk
gebeurt? Als student van de Cursus kunnen we een hoop vergissingen vermijden
als we deze centrale lering in gedachten houden: “Al jouw tijd [hier] wordt
doorgebracht met dromen” (T18.II.5:12). Met andere woorden: in feite
gebeurt hier niets. Zo probeert Jezus
ons te helpen terugkeren naar waar de actie is: in onze denkgeest. Hij definieert de speciale relatie als onze
poging om datgene wat we denken te missen buiten onszelf te halen. Het is een
poging de Liefde van God – die we denken te hebben vernietigd en voor altijd
verloren – te vervangen. Houd in gedachten dat dit een beschrijving kan zijn van
onze relatie met een andere persoon, maar net zo goed met dingen als voedsel,
lucht en water. En Jezus vertelt ons beslist niet dat we op moeten houden met
ademen (en ook niet dat we ons daar schuldig over moeten voelen). Hij wil liever
dat we langzamerhand gaan herkennen dat de speciale relaties die we in deze
wereld lijken te hebben, alleen maar afspiegelingen zijn van de speciale
relatie die we met de droom zelf hebben. Hij wil dat we leren dat we niet door
hoeven te gaan met dromen over verbanning omdat onze schuld verzonnen is. De methode die hij ons geeft om ons doel te
bereiken, betekent dat we van innerlijke leraar veranderen: we laten de hand
van het ego vallen en pakken de hand van de Heilige Geest. Hij zegt ons: “In Zijn functie als Interpreet van wat jij
hebt gemaakt, benut de Heilige Geest speciale relaties, die jij hebt gekozen om
het ego te ondersteunen, als leerervaringen die de weg naar de waarheid wijzen.
Onder Zijn onderricht wordt iedere relatie een les in liefde” (T15.V.4:5-6). En
dus kan elke relatie speciaal zijn of heilig. Niet de vorm maakt hem speciaal
of heilig, maar of we de relatie gebruiken om schuld te projecteren of om
liefde uit te breiden. En nogmaals, dit is een innerlijke keuze, niets iets
waarover we kunnen oordelen bij iemand anders. Bovendien, zolang er nog schuld
of angst in onze denkgeest is, zullen we meestal, in onze pogingen Jezus’
leerplan te volgen, heen en weer gaan tussen een juist en een onjuist gericht
doel binnen al onze relaties. Voor het geval je je vraag stelde omdat je
denkt dat een leraar vrij moet zijn van zijn ego om de Cursus te kunnen
onderwijzen, bedenk dan dat in het Handboek staat dat: “Een
leraar van God ieder is die ervoor kiest er een te zijn. Zijn geschiktheid
bestaat louter hierin: ergens, op een of andere manier, heeft hij een
doelbewuste keuze gemaakt, waarbij hij zijn belangen niet los zag van die van
iemand anders” (H1.1:1-2). Dus liever dan je aandacht richten op of een
leraar al dan niet vrij is van zijn ego (nogmaals, dit kunnen we nooit van
iemand anders weten), is het veel nuttiger je af te vragen of hetgeen hij
onderwijst onze schuld triggert of ons helpt ons liefdevoller te voelen. Per
slot van rekening hoeven we ons niet bezig te houden met waar anderen staan in
hun proces, en zelfs niet met waar we zelf staan. Waar het om gaat is of we nu kiezen voor liefde. |