|
V#809: Wat ervaart een denkgeest bij de dood? Wat
ervaart, gezien vanuit Een cursus in wonderen,
een ‘afgescheiden’ denkgeest bij de uiteindelijke vervulling van de belofte van
het ego: de ‘dood van het lichaam’? Aangezien de denkgeest altijd actief is en voortdurend
kiest, wat zegt het ego dan om de illusie van zijn eigen werkelijkheid in stand
te houden? Het kan niet echt zeggen: “Oeps, sorry maatje, ik denk dat we ons
hebben vergist.” Omdat de meesten van ons denken dat we hier zijn, zijn we niet
voorbereid op wat de overgang naar het ‘niet-hier
zijn’ ons biedt. We geloven nog steeds in de illusie van schuld en afscheiding,
en dus nog steeds in de droom. Hoe redt het ego zichzelf hieruit? En hoe krijgt
het ego ons zover om weer een ‘lichamelijk’ bestaan aan te nemen? Heeft
de afgescheiden denkgeest nog steeds de mogelijkheid om te kiezen voor de
Heilige Geest, ‘tussen twee levens in’? En gaat de keuze voor de Heilige Geest
en het ongedaan maken van de gevolgen van het ego in de periode tussen de
levens nog steeds door voor studenten die bereidwillig zijn? A:
Wat het ego in staat stelt om zijn rookspiegel van illusies te handhaven, is
dat ze verdedigd worden door middel van verdringing of ontkenning (zie bijv. T11.II.3). Als een meester in verwarring en vergeetachtigheid,
laat het ego ons volkomen onbewust van al zijn misleidingen, zolang wij er niet doorheen willen kijken.
Het ego is tenslotte alleen maar een naam voor onze
eigen keuze voor zelfmisleiding en Zelfontkenning. Zolang we willen doorgaan
onszelf voor de gek te houden over wie we zijn, zal een lichamelijke dood net
zomin effect hebben op onze zelf-identiteit en het bewustzijn van de intriges
van ons ego, als elke andere gebeurtenis in het ‘leven’ van dat lichaam. ‘Tussen
de levens in’ is geen tijdsinterval waarin we niet-lichamelijk zijn, omdat we
nooit in een lichaam zijn. Het is gewoon
een kort moment waarin onze denkgeest zich niet langer bewust identificeert met
één bepaalde ego-identiteit en -script, en zijn bewuste identificatie verschuift
naar een reeds bestaand alternatief slachtofferscript.
Dit proces is in
werkelijkheid niet lineair, al spreken we erover alsof dat wel zo is zolang we
ons nog identificeren met tijd en ruimte. Alle mogelijke levens zijn
gelijktijdig en waren in feite al voorbij in dat ene onheilige moment waarin
we, als één Zoon, het nietig dwaas idee van
afscheiding serieus namen. Aangezien
het leerproces zich alleen in de denkgeest afspeelt en niets te maken heeft met
het lichaam, heb je gelijk: de mogelijkheid om de Heilige Geest als onze Leraar
te kiezen is altijd beschikbaar, ongeacht met welk aspect van de ontelbare
ego-misleidingen we ons op enig moment identificeren. Over de aard van tijd, onze denkbeeldige levens en de
keuzes die we kunnen maken kan ons boek A
Vast Illusion: Time according to A Course in Miracles behulpzaam zijn. Zie ook de antwoorden op de vragen V#68, V#187, V#494 en V#604 voor een verdere bespreking van dit onderwerp. |