|
V#74 Een vraag over
preoccupaties Ik heb in Absence
from Felicity gelezen dat Helen winkelen gebruikte als een verdediging
tegen Jezus. Het nam haar bijna volledig in beslag en het hield Jezus op een
veilige afstand, buiten haar gedachten. Voor mij hebben werk en verplichtingen
dezelfde functie. Toch was ik me er nooit van bewust dat ik ze als een
verdediging gebruikte. Ik vond mijzelf juist heel normaal. Kan ik dit
voorkomen? A: Een
belangrijke focus in het onderwijs en de training van de Cursus is om ons te
laten nadenken over wat het doel van iets is: “Wat wil ik dat hiervan komt? Waartoe dient het?”(T17.VI.2:1.2);
“Het antwoord maakt het tot wat het voor jou is. Het heeft van zichzelf geen
betekenis, maar naargelang het doel dat het dient kun jij er werkelijkheid aan
verlenen” (T24.VII.6:1-3). Er staan ons maar twee
mogelijkheden ter beschikking in onze denkgeest waar we uit kunnen kiezen. Of
we kiezen ervoor ons geloof in de afscheiding te versterken of om dit geloof
ongedaan te maken. En er is geen enkel moment dat we deze keuze niet maken. Een andere manier om dit te
zeggen is dat we voortdurend kiezen om de liefde van Jezus weg te duwen of ons
ermee te verbinden. Dat betekent dat het nooit de activiteit zelf is die het
probleem is of ervoor zorgt dat we niet in vrede zijn, maar onze keuze om de
activiteit te gebruiken als middel om de afscheiding of het conflict in stand
te houden. De Cursus vertelt dat we de wereld hebben
gemaakt als een afleiding, als een rookgordijn om te vergeten dat we een
denkgeest hebben die er op ieder moment voor kiest zich te vereenzelvigen met
het ego of met de Heilige Geest. We worden opgeslokt door ons werk, familie
enz. zonder ons ooit te realiseren voor welk onderliggend doel we kiezen binnen
de denkgeest. We worden totaal in beslag genomen door ons leven in de wereld en
rechtvaardigen dat door te zeggen: “Iedereen doet het zo”, of: “Dat is toch
normaal”. Maar het is allemaal heel doelbewust, zoals blijkt uit deze
uitspraak: “Iedere speciale relatie die
jij hebt gemaakt, heeft als fundamenteel doel je denkgeest zó volledig in
beslag te nemen, dat je de roep van de waarheid niet zult horen” (T17.IV.3:3). We zijn ons natuurlijk niet van dit proces bewust. Daarom is de Cursus ook zo
behulpzaam. In dat licht gezien, is
je vraag hoe je kunt voorkomen dat je werk of andere bezigheden als een
verdediging gebruikt tegen de liefde van Jezus, eigenlijk de verkeerde vraag,
omdat de focus niet juist is. Zoals het citaat hierboven
aangeeft, is dat nu het juist het doel van ons bestaan in de wereld en van al
onze verplichtingen en verantwoordelijkheden: dat we voortdurend bezig zijn met
wat zich buiten de denkgeest afspeelt, en zo totaal vergeten dat we een
denkgeest hebben die elk moment opnieuw een keuze maakt. Vanuit dat
standpunt bekeken kunnen we niet voorkomen dat we de wereld als verdediging
gebruiken, omdat we nu juist om die reden hier zijn. Dus wat je het meeste zou
helpen is heel eerlijk te zijn over je onderliggende intentie wanneer je het druk hebt. Het doel is niet wat je denkt dat het is, net
zoals Jezus in werkboekles 5 vertelt dat we nooit onvrede voelen om de reden
die we denken. Helen wist van zichzelf heel goed dat haar koopgedrag een manier
was om Jezus op afstand te houden. Als je hier voor jezelf duidelijkheid in kan
krijgen, zal het probleem niet vergroot worden doordat je schuld voelt over je
oneerlijkheid. Bang zijn om dicht bij liefde te komen is geen zonde en dus is
er geen reden voor schuld en schaamte. Angst is geen zonde, en het heeft geen
enkel effect op de liefde van Jezus voor jou. Toen Helen wist dat ze er klaar
voor was om de liefde van Jezus te aanvaarden, bemerkte ze dat Jezus haar
vertelde dat ze niet meer hoefde te gaan winkelen, en dat voelde niet als een
opoffering. Ze was altijd heel duidelijk over het doel dat ze wilde bereiken
als ze iets deed. Dat is waar we allemaal naar zouden moeten streven. We hebben
het nooit druk om de reden die we denken! De correctie kan plaatsvinden als we herkennen
welk doel we hebben gekozen in onze onjuist gerichte denkgeest. We kunnen dan
hulp vragen aan Jezus of de Heilige Geest om een ander doel te kiezen. Zo
kunnen we alles gebruiken als middel om de afscheiding ongedaan te maken en
onze gezamenlijke belangen met iedereen te zien in plaats van strijdige
belangen. De uitdaging ligt in het doen van beide: ons bewust
zijn van wat er zich in onze denkgeest afspeelt en tegelijkertijd zorgvuldig en
zo goed we kunnen onze verplichtingen vervullen en verantwoordelijkheid dragen
in de wereld. Het is mogelijk om dat te doen, maar het vraagt heel veel
oefening. Daar zijn de lessen van het Werkboek voor bedoeld. We leren effectief
in de wereld te functioneren, terwijl we tegelijkertijd leren dat we niet van
deze wereld zijn. |