|
V#500: Ben ik in jouw droom
of ben jij in de mijne? A: Beide en geen van
beide. Ik ben in jouw droom als jij op enigerlei wijze op mij reageert, en jij
bent in mijn droom als ik op jou reageer. Strikt gesproken – want we moeten ons
herinneren dat we spreken over een illusoir proces – is er slechts één dromer
die een droom van afscheiding van God droomt. Deze droom houdt de ontkenning in
van de verantwoordelijkheid voor de keuze om een speciaal, individueel leven te
hebben – een leven dat gelijkgesteld is aan zondigheid en verdient om gestraft
te worden. De manier om dit doel uit te voeren – het in stand houden van
individualiteit terwijl de verantwoordelijkheid ervoor vermeden wordt – is om een
veelvoud aan individuen te hebben in een of andere vorm van dader-slachtofferrelatie.
Het innerlijke gevoel van zondigheid kan zo geprojecteerd worden op iemand
anders, die dan als de schuldige zondaar wordt waargenomen. Dus wanneer jij en
ik ons in een relatie bevinden, komt dat doordat een groter zelf zich in deze
relatie tussen twee mensen heeft opgesplitst, om te verbergen wat er werkelijk
gaande is in zijn denkgeest. |