|
V#355: Waarom voel ik doodsangst en paniek?
Ik ben
sinds tien jaar een toegewijde student van Een
cursus in wonderen (en ook van Kenneth Wapnick) en ik probeer echt te leven
volgens de principes van de Cursus. De afgelopen vier tot vijf jaar heb ik
geleefd in wat ik alleen beschrijven kan als een ‘psychische hel’. Mijn
denkgeest is voortdurend gevuld met doodsangst. Ik ben bang voor een dreigende
ondergang en extreem ongerust. In mijn uiterlijke wereld zijn relatief weinig
problemen, dus ik heb niet eens iets om mijn doodsangst op te projecteren. Hoe
kan ik ermee omgaan te leven in deze ‘cirkel van angst’? A: Als de doodsangst ons in zijn
greep heeft, kan deze bijna tastbaar lijken. En het is geheel in het eigen belang
van het ego om ons ervan te overtuigen dat die angst onontkoombaar is, ongeacht
wat we met ons verstand weten over haar oorzaken en het proces om haar los te
laten. Ik wil niet de intensiteit van jouw ervaringen in de afgelopen vier of
vijf jaar onderschatten of bagatelliseren, maar het ego wil niets anders dan dat
jij gelooft dat doodsangst jouw enige ervaring is geweest. Met andere
woorden, het ego heeft geïnvesteerd in de ontkenning van alle ervaringen van
juist gericht denken, die je wellicht óók gehad hebt in deze schijnbaar akelige
en sombere periode. Ontmoediging en wanhoop zijn even effectieve wapens in het
arsenaal van het ego als woede en haat, want het zijn allemaal eenvoudigweg
verschillende vormen van dezelfde onderliggende inhoud van schuld, die
schreeuwt dat de afscheiding werkelijk is. Het is zeker
waar dat het onze verantwoordelijkheid is het duister in onze denkgeest bloot
te leggen en te erkennen, zodat die kan worden losgelaten. Maar dat betekent niet
dat we de ervaringen van licht, die de correctie bieden voor het duister, over
het hoofd moeten zien of negeren, hoe kort ze nu en dan ook lijken te zijn.
Ontken ze niet, want het is in hun erkenning dat de reddingslijn naar vrede in
jouw bewustzijn versterkt wordt. Eerst lijkt die lijn misschien op een zeer zwakke
draad die je nauwelijks kunt vertrouwen om het gewicht van jouw zware schuld te
dragen, wanneer je probeert uit het moeras te klimmen dat je jezelf hebt
opgelegd. Maar als je die vluchtige momenten van vrede herkent en aanvaardt,
wordt de draad een koord. En het koord wordt een touw, en het touw een kabel. En
de kabel wordt een ladder van vergeving die je stap voor stap kunt beklimmen,
vol vertrouwen en met vaste voet, totdat je de top bereikt en uitstijgt boven
‘de cirkel van angst’, het drijfzand van schuld en de afgrond van wanhoop. En
vergeet nooit de zachte, vriendelijke hand die voortdurend uitgestoken is om je
met iedere stap te helpen, want dit is een klim die je niet alleen hoeft te
maken, en ook niet alleen kúnt maken. En die hand kan in een vorm komen die je
het minst verwacht, als een broeder die je een nieuwe gelegenheid biedt je de
waarheid te herinneren over jullie beiden. Je
geeft niet aan of je angst en ongerustheid zo verlammend zijn dat ze je
functioneren in de wereld verstoren. De Cursus zegt nergens dat je geen hulp
mag zoeken buiten jezelf, in de vorm van een vriendelijke en ondersteunende
therapeut. Die kan je helpen om alle angstsymbolen bloot te leggen die begraven
liggen in je denkgeest en nog altijd een sterk onbewust effect op je hebben, en
je erkenning dat je geluk en vrede verdient in de weg zitten. Deze reis, die
door het hart van de duisternis gaat, is niet gemakkelijk, maar je waakzaamheid
en doorzettingsvermogen zullen je steeds meer een lichthartigheid opleveren die
je zal verrassen. Je hoeft er alleen maar open voor te zijn en het zal je
deel zijn. Vergeet niet dat geduld, ook al is dit een eigenschap van een gevorderde
leraar van God (H4.VIII), niettemin
een kwaliteit is die we ons allemaal nu eigen kunnen maken. |