|
V#340:
Kunnen huisdieren echt wonderen aanvaarden en ervan leren? Ik ben heel erg in
verwarring over iets. Het idee dat huisdieren deel zijn van het Zoonschap houdt
me enorm bezig. Bedoel je echt dat een huisdier, mijn hond bijvoorbeeld, een
Zelf heeft net zoals ik en in staat is een wonder te aanvaarden? Als je je lichaam
verlaat en terugkomt om je vergevingslessen te leren, kun je dan als hond of
kat terugkomen om die te leren? Is dat echt zo? A: Het eenvoudige en directe
antwoord op je vraag is, dat noch jij noch je hond een wonder aanvaardt. In de
droom gebeurt er op het niveau van vorm niets. Het is in de denkgeest van de
slapende Zoon dat een wonder wordt aanvaard en lessen worden geleerd. Noch
menselijke wezens in lichamen, noch honden of katten leren lessen. De denkgeest
die zichzelf in de illusie projecteert geeft vorm aan alle aspecten van het
fysieke universum, inclusief honden en menselijke lichamen, die geen van allen
enig vermogen bezitten om een wonder kiezen (T28.IV.9). De wereld en
alles daarin neemt vorm aan als resultaat van de keuze van de denkgeest van het
Zoonschap om te geloven dat afscheiding van God mogelijk is, aldus zijn
werkelijke identiteit als geest ontkennend. Die ene gedachte in de denkgeest
wordt naar buiten geprojecteerd, wat de wereld van vorm doet ontstaan. [zie o.a.
WdI.16.2:2 – vert.] Een
van de allerbelangrijkste metafysische principes van Een cursus in wonderen leert ons: “Ideeën verlaten hun bron
niet” (T26.VII.4:7; zie ook WdI.132). Daarom gebeurt er niets buiten
de denkgeest. Wat wij zien als solide en werkelijk, is een illusie (WdI.155.2:1)
en daarom aanvaarden menselijke lichamen, honden en katten geen wonderen,
vergeven ze niet en leren ze geen lessen. Het is dus niet zo dat jouw hond een
Zelf heeft, maar het afgescheiden zelf ontkent zijn waarheid als geest. Dan
splitst hij in miljarden en miljarden vormen die samen de illusoire wereld vormen,
en vervolgens identificeert hij zich met die wereld. “Er is geen wereld!”
(WdI.132.6:2). De Zoon blijft slapen terwijl
hij droomt over menselijke lichamen, honden, bomen en oceanen en gelooft dat de
droom werkelijk is. In werkelijkheid is er alleen de denkgeest en niets anders.
Onderdeel van de droom is dat lichamen sterven en in verschillende vormen terugkeren.
Deze droom gaat door zolang de denkgeest ervoor blijft kiezen in de afscheiding
te geloven. Niets van dit alles heeft echter enig gevolg voor de waarheid en alles
zal eindigen wanneer de denkgeest ervoor kiest om iedere vorm van onjuiste vereenzelviging,
in elk aspect van de droom, te vergeven. Intussen is het onze functie om alle
manieren te herkennen waarop we proberen onze verkeerde identiteit werkelijk te
maken door niet te vergeven. Zo kunnen we die manieren naar de Heilige Geest brengen
om ze te laten corrigeren door vergeving. |