|
V#25: Angst bij het bestuderen van de Cursus Ik ben nu al een heel lang student van de Cursus. Ik begin te ontdekken
dat speciaalheid een hol begrip is, en de aversie, manoeuvres en manipulaties
van het ego te doorzien. Maar toch merk ik een zekere mate van verdriet en/of
angst, vanwege de leegte die er is wanneer ik de speciaalheid loslaat die door middel
van materiële ‘zaken’ of relaties enz. in stand gehouden wil worden. Heb je
suggesties om me over dit obstakel, of voorbij de sluier, te helpen, zodat ik iedereen
met een genezen waarneming kan bezien? De leegte kan wijd en diep lijken, en
dus beangstigend. A: Vertrouwen is van wezenlijk belang als je hier doorheen gaat. Op
een bepaald punt legt Jezus ons voor: “…blaas
je falend ego geen leven in” (T17.V.8:4); en hij stelt ons gerust: “De dood van speciaalheid is niet jouw
dood, maar jouw ontwaken tot het eeuwige leven” (T24.II.14:4). Wanneer we
een moeilijke periode doormaken helpen deze en veel andere passages ons op de
eerste plaats te herinneren dat Jezus weet wat we doormaken, en op tweede plaats
dat alles goed zal aflopen als we gewoon doorgaan met vergeving beoefenen. De meeste studenten maken mee wat jij hebt beschreven. Iemand vergeleek
het eens met aan de kade staan met één voet op de kade en de andere op de rand
van een boot die plotseling van de kade wegdrijft. Onplezierig, op zijn zachtst
gezegd! Soms is deze ervaring de afspiegeling van de welbekende ‘donkere nacht
van de ziel’ waarover in de spirituele literatuur wordt gesproken. Dit wordt in
het Handboek voor leraren besproken in de alinea: “Het ontwikkelen van vertrouwen,” waar Jezus de vijfde fase als een
“periode van destabilisatie”
omschrijft. Je zit niet langer stevig geworteld in speciaalheid, maar bent er
ook nog niet helemaal doorheen, omdat je diep in je denkgeest wel weet dat als
je speciaalheid loslaat, dit het loslaten betekent van je identiteit als een
afgescheiden, onafhankelijke individu. Dat is de onderliggende angst. Als je
dat eenvoudigweg erkent en deze angst naar de liefde van Jezus in je denkgeest
brengt, zul je je beter gaan voelen. Je kunt deze fase in het proces op geen enkele manier ontwijken,
als je op de ‘juiste plaats’ wilt eindigen. Het gaat er niet om jezelf te forceren
om een relatie of iets in de wereld waar je nog altijd van geniet, op te geven.
En ook niet om jezelf te forceren om iedereen met een genezen waarneming te
bezien. Als je werkelijk voorbij zou willen gaan aan het zien van afzonderlijke
belangen, zou je er al voorbij zijn. Eerlijkheid over je tegenzin om
speciaalheid los te laten is dan ook uiterst behulpzaam. Je kunt jezelf ook de
vraag stellen hoe het zou zijn om zonder speciaalheid in relatie met anderen te
staan. Dat kan soms een element in jezelf naar boven brengen waar je je niet
bewust van was, een bron van weerstand die je onbekend was. Tot slot: wees
gewoon geduldig en heb vertrouwen in het proces. |