|
V#175 Is er vrede na de dood? De
volgende drie vragen gaan over het onderwerp ‘de dood’ en zullen daarom
gezamenlijk beantwoord worden. i: Ik zou graag meer willen weten over de uitspraak: “de dood lost niets
op”. ii:
Wanneer iemand sterft wordt vaak gezegd dat hij of zij eindelijk “in vrede” is.
Maar is het niet de dood van het ego die ons verlost van zijn op angst
gebaseerde denken en ons vrede schenkt? iii:
Wat onderwijst Een cursus in wonderen over
het vinden van vrede na de dood? A: Iedereen in deze wereld lijdt
onder de martelende pijn die ontstaat door het geloof afgescheiden te zijn van zijn
ware Thuis en Schepper. En dus zijn er soms momenten in het leven dat de
gedachte te ontsnappen aan deze pijn een zegen lijkt. Op zo’n
moment staat de dood voor ontsnapping aan de pijn. Maar Een cursus in wonderen leert ons dat we niet ons lichaam zijn. “Het lichaam is het symbool van wat jij
denkt te zijn. Het is onmiskenbaar een afscheidingsmiddel, en bestaat daarom
niet. (T6.V-A.2:2,3) Het is daarom niet nodig te
ontsnappen aan ons lichaam, noch aan ons fysieke lichaam, noch aan ons
psychologische, emotionele of astrale lichaam etc. Waar we echter wel aan
moeten ontsnappen is de gedachte van afscheiding. Dit wordt bereikt door het
proces van vergeving. Wanneer het lichaam ‘sterft’ terwijl de denkgeest niet
volledig genezen is van de gedachte van afscheiding, zal de gezindheid van
niet-vergeven die in de denkgeest is opnieuw worden uitgespeeld, in andere
tijden en andere vormen, tot vergeving vervolmaakt is. “Wanneer je lichaam, je ego en je dromen
verdwenen zijn, zul je weten dat jij eeuwig duurt. Misschien denk je dat dit
bereikt wordt door de dood, maar niets wordt door de dood bereikt, omdat de
dood niets is” (T6.V-A.1:1,2). Sommige
mensen zien deze wereld als een spiritueel testgebied en de dood symboliseert dan
het einde van de beproevingen en is ons kaartje terug naar Huis. Of er wordt
gedacht dat wanneer je overlijdt, je ego automatisch getranscendeerd wordt en
je zo vrede bereikt. Dit soort overtuigingen kunnen je ertoe verleiden te
wensen dat de dood liever eerder dan later komt. “Er is een risico aan verbonden te denken dat dood vrede betekent,
omdat de wereld het lichaam gelijkstelt aan het Zelf dat God geschapen heeft”
(T27.VII.10:2). Het is belangrijk om in gedachten
te houden dat de ‘dood van het ego’ niet het gevolg is van de dood van het
lichaam. Het is het gevolg van het proces van vergeving dat zich uitsluitend
afspeelt binnen de denkgeest. En wanneer je lichaam sterft kan het zijn dat je
dit proces afgerond hebt, maar ook dat je dit nog niet afgerond hebt. Op momenten dat we denken dat de dood
ontsnapping betekent, blijkt hoe groot de verleiding is om pijn toe te
schrijven aan ons lichaam in plaats van aan onze denkgeest. Wanneer we eenmaal geleerd
hebben waar het werkelijke probleem ligt, kan de Heilige Geest beginnen ons
lichaam te gebruiken om ons bewust te maken van onze ware identiteit als denkgeest.
“Zoals altijd neemt de Heilige Geest wat jij gemaakt hebt en zet het om in
een leermiddel… Hij geeft aan wat het ego als argument voor de afscheiding
gebruikt de nieuwe interpretatie van een bewijs ertegen” (T6.V-A.2:4,5). Dus de dood (die niets is) van het lichaam (dat ook niets is) verlost ons
van niets (de afscheidingsgedachte: ook die is niets). Niets plus niets is
gelijk aan niets! |