|
V#169:
Hoe moet ik omgaan met mijn ambivalentie ten opzichte van werk? In het verleden heb ik problemen gehad met het
krijgen van werk. Ik vond dat het leven te kort was om te werken, of dat het
niet de moeite waard was tijd te besteden aan geld verdienen. Ik ging me realiseren
dat mijn uitvluchten verband hielden met mijn minderwaardigheidscomplexen,
verlegenheid, gevoelens van ongelijkwaardigheid en dergelijke, en dat ik de
verwachtingen van een werkgever of de sociale druk op de werkplek niet aankon. Hoewel
ik belangrijke vooruitgang heb geboekt met Een
cursus in wonderen en met vergeving, kan ik blijkbaar geen onderscheid
maken tussen het ego en de Heilige Geest als het over werk gaat. Het lijkt alsof
werken geen zin heeft en dat ik mijn tijd beter aan vergeving kan wijden. Maar
het zou ook kunnen dat ik mijn Grootste vergevingsles kan leren door te werken.
Wat is ego en wat is de Heilige Geest? A: Onderscheid maken
tussen het ego en de Heilige Geest kan soms een ontmoedigende taak zijn, en toch
is het een van de belangrijkste, zo niet de allerbelangrijkste taak die je je
meester moet maken als student van Een
cursus in wonderen. Totdat de tijd gekomen is dat je zeker weet dat al je
gedachten en handelingen voortkomen uit de Heilige Geest (de werkelijke wereld),
is het beste dat je kunt doen je best doen, en vervolgens de ‘vruchten van je
inspanningen’ observeren. Of, zoals de Cursus het noemt ‘De waarheidstest’ doen: “Je beschikt over één test, zo betrouwbaar als God, waardoor jij kunt
uitmaken of wat je geleerd heb waar is. Als je volkomen vrij bent van iedere
vorm van angst, en als al degenen die jou ontmoeten of zelfs maar aan je denken
delen in jouw volmaakte vrede, dan kun je er zeker van zijn dat je Gods les
hebt geleerd en niet die van jou” (T14.XI.5:1-2). Hoewel je op verschillende gebieden in je
leven vergeving hebt ervaren, lijkt deze onvolledig waar het om werk gaat, wat gedeeltelijk
komt door je schijnbare ambivalentie erover. Voordat je je ervan bewust kunt
worden wat de Heilige Geest je wil laten doen (of niet) moet je bereid zijn om
niets te verbergen: “Je zult niet in
staat zijn volmaakte communicatie te aanvaarden zolang je die voor jezelf
verborgen wilt houden. Want wat jij wilt verbergen is voor jou verborgen. Probeer dan ook in je oefening alleen
waakzaam te zijn tegen misleiding, en wees er niet op uit gedachten te
beschermen die je voor jezelf wilt houden. Laat de zuiverheid van de Heilige
Geest ze wegschijnen en breng heel je bewustzijn in gereedheid voor de
zuiverheid die Hij jou biedt” (T15.IV.9:6-9). Met andere woorden: onderzoek
alle gedachten over werk die je in je denkgeest vasthoudt. Maak een lijstje met
‘goed en slecht’, ‘voor en tegen’; laat gewoon wat er ook is bewust in je
gedachten opkomen. Als al het gekwebbel over dit onderwerp eenmaal zijn stem
heeft laten horen, ben je beter in staat om de Stem te horen die je leiding zal
geven. Je zult merken dat je minder op de vorm van het antwoord zult focussen
naarmate de inhoud – schuldig of onschuldig zijn – belangrijker wordt. Zo’n oefening zal je
helpen met het verleggen van je focus: van de vorm naar de inhoud, van het
gevolg naar de oorzaak. En denk ook aan de belangrijke les, die Jezus ons leert
over ons doel: “In elke situatie waarin
je onzeker bent, is het eerste wat je dient na te gaan heel eenvoudig: ‘Wat wil
ik dat hiervan komt? Waartoe dient
het?’ Opheldering over het doel hoort thuis aan het begin, want dat zal de
afloop bepalen. In de handelwijze van het ego is dit omgekeerd. De situatie
wordt bepalend voor de afloop, die om het even wat kan zijn. De reden voor deze
ongeorganiseerde aanpak is evident. Het ego heeft er geen benul van wat het als
resultaat van de situatie wil. Het beseft wat het niet wil, maar dat is dan ook
het enige. Het heeft volstrekt geen positief doel” (T17.VI.2). Maar nu heb jij een onmiskenbaar doel, en als je
ruimte maakt in je denkgeest, zodat je de zachtaardige leiding van de Heilige
Geest kunt horen, zul je dat doel zeker bereiken. |