|
V#131:
Heeft God ons verlaten? Ik ben al jaren volgeling van Een cursus in wonderen. Mijn vragen
zijn: God moet weet hebben van onze pijn en ons lijden. Hij is God, hoe kan Hij
niet de kreten van Zijn kinderen horen? Waarom heeft Hij ons verlaten? Er moet toch
zeker een betere manier zijn. A: Het pad van de
Cursus is anders dan de traditionele bijbelse paden, die gekenmerkt worden door
gebed en smeekbeden aan God om iets de doen aan onze ellendige omstandigheden. Een cursus in wonderen presenteert
zichzelf als een correctie op de traditionele bijbelse spiritualiteit. Het is
kenmerkend voor de Cursus dat hij ons leert dat het probleem in onze relatie
met God alleen maar aan ónze kant bestaat. Ons leven is een afspiegeling van
het denksysteem in onze denkgeest waaraan we verkiezen vast te houden. God is alleen maar (WdI.169.5) en weet niets van deze wereld van afscheiding. Wij blokkeren het bewustzijn van de
aanwezigheid van liefde in onze denkgeest (T.In.1:7).
Daarom is de Cursus er nadrukkelijk op gericht duidelijk te maken hoe we de
liefde blokkeren en wat we kunnen doen
om hem weer in ons bewustzijn terug te brengen. “Het is niet jouw taak om op zoek te gaan naar liefde, maar enkel in
jezelf alle hindernissen te zoeken die jij ertegen opgeworpen hebt, en die te
vinden” (T16.IV.6:1). De Cursus leert dat verlossing onze
verantwoordelijkheid is en binnen ons bereik ligt. De spil van dit onderricht
is de beoefening van vergeving binnen de context van het Verzoeningsprincipe,
dat stelt dat de afscheiding van God nooit heeft plaatsgevonden; het was alleen
“een nietig dwaas idee” dat in
werkelijkheid nooit ontstond. We dromen eenvoudigweg een droom over zonde,
schuld en angst, wat heeft geleid tot levens gedomineerd door lijden en dood.
De rol van Jezus of van de Heilige Geest is ons te helpen door hun ogen naar ons
leven te kijken. Met hun hulp kunnen we uiteindelijk ontwaken uit deze
nachtmerrie. De eerste stap in dit ontwakingsproces is evenwel verantwoordelijkheid
nemen voor de omstandigheden die ons leven domineren, want deze zijn het
directe gevolg van het denksysteem van het ego in onze denkgeest, waaraan we
heimelijk eeuwige trouw hebben gezworen. De 'andere manier' is ons tot Jezus wenden
voor hulp bij het kijken naar onze heimelijke wens om afgescheiden te zijn van
God en van elkaar. Hij stelt ons gerust: “Ik
zal jou nooit verlaten of in de steek laten, want jou in de steek laten zou
betekenen mezelf in de steek laten, en God die mij geschapen heeft. Je laat
jezelf en God in de steek als jij een van jouw broeders in de steek laat. Je
moet hen leren zien zoals ze zijn, en begrijpen dat ze aan God toebehoren, net
als jij” (T5.IV.6:507). De Cursus leert ons dat de Heilige Geest in onze
denkgeest zowel de herinnering van God is, die we met ons meegenomen hebben de
droom in, als de brug die we zullen oversteken wanneer we tegen het ego kiezen
en inzien dat onze belangen eender zijn en niet los staan van God of van
anderen. “Zijn herinnering is niet
voorbijgegaan om een gestrande Zoon voorgoed achter te laten op een oever
vanwaar hij een glimp opvangen kan van de andere oever zonder die ooit te
bereiken. Zijn Vader wil dat hij wordt opgetild en met zachtheid naar de
overkant gebracht. Hij heeft de brug gebouwd, en Hij is Degene die Zijn Zoon
eroverheen zal dragen. Wees niet bang dat Hij zal falen in wat Hij wil. Noch
dat jij wordt uitgesloten van de Wil die voor jou is bestemd” (T28.I.15:5-9). |