|
V#1188:
Hoe kan er verband zijn tussen ‘zaaien’ en ‘oogsten’ als alles illusoir is? Ik ben religieus
opgevoed met het idee: ‘zoals men zaait, zal men oogsten’. Maar het denkbeeld dat
er een oorzaak-gevolgrelatie bestaat met betrekking tot ons gedrag is in Een cursus in wonderen afwezig. Ons wordt alleen gevraagd te vergeven
en onze goede of slechte daden zijn slechts illusies die niet bestaan. Maar als
hieruit volgt dat de Cursus niets voorschrijft over gedrag, waarom is vergeving
dan zo’n belangrijk element? Want vergeving wordt toegepast op ingebeelde
vergissingen, zonden of fouten. Tenslotte, als gedrag niet werkelijk is, hoe
kan er dan vergeving zijn voor wat nooit gebeurd is? Is het niet nauwkeuriger
de gebeurtenissen gewoon te negeren? A: Jouw vragen zijn
wellicht relevant in de context van je vroegere religieuze opvoeding, maar de
Cursus gaat uit van radicaal andere uitgangspunten. Zijn leringen kunnen alleen
begrepen en naar waarde geschat worden wanneer je inziet dat wat hij zegt totaal
anders is dan bijna alle andere spirituele leringen in de wereld (bijv.T18.VII.4-6). Het is juist dat de Cursus zich niet bezighoudt met
gedrag, maar hij houdt zich heel erg bezig met het denken, als de bron van alle
waargenomen gedrag (T2.VI.3; T4.IV.2:1;
T5.V.8:3). Het zijn onze gedachten en niet onze daden die gevolgen hebben,
zo stelt de Cursus (bijv.T12.III.7; WdI.54.1,2). De Cursus zegt dan
wel niet dat we oogsten wat we gezaaid hebben in termen van gedrag, maar hij vraagt
ons dringend om in te zien dat onze gedachten onmiskenbaar leiden tot
ervaringen in onze denkgeest (bijv.WdI.132.1,2). En er zijn in feite maar
twee categorieën van gedachten – juist gerichte gedachten en onjuist gerichte
gedachten – met beide een volkomen tegenovergestelde uitkomst. De focus van de Cursus ligt
op de denkgeest, omdat vanuit zijn perspectief de wereld niets meer dan een
droom is (T4.I.4:4,5; T18.II.5:1-11;
T27.VII.13). Bedenk dat wanneer je ’s nachts slaapt en droomt van gemene
aanvallen en wreedheden die door andere figuren begaan worden tegen jou of je dierbaren,
je in jouw droom misschien wraak wil, of probeert de anderen te laten boeten voor
hun destructieve daden. Maar zodra je wakker wordt, of als je weet dat je
droomt terwijl je nog slaapt, begrijp je dat het nergens op slaat om te
proberen de figuren in je droom verantwoordelijk te stellen voor hun daden, en
dat het in feite nogal dwaas is. Er zijn geen werkelijke figuren die anderen kwaad
doen, maar alleen gedachten of symbolen in je eigen denkgeest die op elkaar
inwerken, overeenkomstig het draaiboek dat jouw eigen onbewuste denkgeest heeft
geschreven. Het probleem zit hem niet in de symbolen in jouw droom, maar in de
gedachten in jouw denkgeest, die achter de symbolen liggen die je lijkt te
ervaren. Als je wist dat je droomde zou je gemakkelijk inzien dat de enige zinvolle
keuze is: blijven dromen of wakker worden (T29.IV.1).
Je druk maken over wat er wel of niet gebeurt met de figuren in je nachtelijke
dromen, betekent alleen dat je blijft toegeven aan fantasieën voor je eigen
ogenschijnlijke plezier en vermaak. De Cursus nodigt ons uit om dit inzicht te
veralgemenen naar onze levens in de wereld, die de Cursus betitelt als onze “waakdromen” (T18.II.5:12-15). Wat onder jouw vraag ligt,
is de overtuiging dat we allemaal de prijs moeten betalen voor onze zonden, en
dat het universum oneerlijk is als mensen weg kunnen komen met bijv. een moord.
Maar als er werkelijk niemand anders is dan ikzelf, dan betekent vasthouden aan
die overtuiging en verlangen naar aardse gerechtigheid, dat het ego mij weer
eens te pakken heeft. Want het ego wil hierdoor aanval en grieven tot
werkelijkheid maken, waardoor de droom van afscheiding in mijn denkgeest nog
steeds echt lijkt, en ik afgescheiden blijf van Gods Liefde. Vergeving is nooit
voor iemand anders dan mijzelf. Het kan nooit een kwestie zijn van het negeren
van mijn ervaringen en dat vergeving noemen, want mijn ervaringen weerspiegelen
altijd welke leraar ik in mijn eigen denkgeest gekozen heb. En wanneer ik
geloof dat ik mijn eigen keuzes eenvoudigweg kan negeren, kies ik heimelijk
voor het ego, met alle onplezierige gevolgen die uit die keuze voortvloeien –
zonde, schuld en angst, en al hun verschillende uitdrukkingen in vorm. Wat
uiteindelijk moet worden vergeven is onze eigen beslissing voor afscheiding, en
niet iemands gedrag binnen de droom, dat we misschien als slecht, verkeerd of
zondig hebben beoordeeld. Ja, de Cursus zegt dat er uiteindelijk niets te
vergeven valt omdat alles een droom is. Maar zolang we nog te bang zijn om te
ontwaken, is een niet-oordelende houding ten opzichte van alles wat we
waarnemen – dat is wat de Cursus bedoelt met vergeving – de enige manier waarop
we de werkelijkheid van de droom in onze eigen denkgeest niet versterken. Jezus
beschrijft dit proces in het Handboek voor leraren: “Gods leraren kiezen
ervoor om een tijdje naar dromen te kijken. Dat is een bewuste keuze. Want ze
hebben geleerd dat alle keuzen bewust worden gemaakt, in het volle besef van de
consequenties daarvan. De droom zegt iets anders, maar wie zou zijn vertrouwen
in dromen stellen als die eenmaal worden gezien als wat ze zijn? Zich van het
dromen bewust zijn is de werkelijke functie van Gods leraren” (H12.6:2-6). Geleidelijk zullen we, door
die niet-oordelende houding van vergeving, onze investering in onze eigen
schuld en in ons gevoel van zondigheid loslaten. Want dát zijn de verborgen
drijfkrachten achter de droom, net zoals onze eigen onopgeloste innerlijke
conflicten en schuld de bron zijn van onze nachtelijke nachtmerries. En naarmate
we de schuld loslaten zal de angst om te ontwaken geleidelijk afnemen, tot het
moment dat we beseffen dat niets ertoe doet behalve Gods Liefde, die de ware
werkelijkheid is – van ons en van al onze ogenschijnlijk afgescheiden broeders. Voor een verwante vraag die
ingaat op je zorg over of we oogsten wat we zaaien, zie V#363, die het onderwerp bespreekt in de context van het principe
van karma en de leer van de Cursus. Wellicht vind je V#514i, V#577 en V#738 – die allemaal over karma gaan –
ook interessant. |