|
V#1067: Is
pijn een manier van het ego om ons op het lichaam geconcentreerd te houden? Ik begrijp
dat het proces van Een cursus in wonderen
inhoudt dat we kijken naar gevoelens van pijn, begrijpen dat ze niet het
gevolg zijn van de situatie waaruit ze lijken voort te komen, maar dat zij de
manier van het ego vormen om ons op het lichaam geconcentreerd te houden in
plaats van op onze denkgeest. Zie ik dit goed? Ik dacht dat Ken zei dat wanneer
we op die manier naar onze gevoelens kijken, we automatisch met de Heilige
Geest kijken. Echter, als in de praktijk de negatieve gevoelens niet verdwijnen
en we geen gevoel van vrede ervaren, doen we het dan verkeerd? Ik vraag dit
vanwege de volgende passage in de Cursus: “Hoe
kun je weten of je de trap naar de Hemel of de weg naar de hel gekozen hebt?
Heel gemakkelijk. Hoe voel jij je? Is er vrede in je bewustzijn?” (T23.II.22:6-9) A: Ter verduidelijking
van het proces zoals jij dat hebt beschreven: niet de pijnlijke gevoelens op
zichzelf worden door het ego gebruikt om ons op het lichaam geconcentreerd
houden, maar de interpretatie door het
ego van de gevoelens, die het lichaam en de wereld op een misleidende manier ervoor
verantwoordelijk houdt. Pijn is in feite een gedachte in de denkgeest (T13.III.6,7) die voortkomt uit het
omarmen van het kleine dwaze idee van afscheiding (T8.IV.5:7,8) en heeft niets te maken met het lichaam en de wereld (WdI.132.10). Zoals Jezus
ondubbelzinnig opmerkt: “De oorzaak van
pijn is de afscheiding, niet het lichaam dat daar alleen het gevolg van is”
(T28.III.5:1). Maar zolang we blijven proberen onze pijn te verlichten door
alleen maar dingen te veranderen die met ons lichaam en de omstandigheden in de
wereld te maken hebben, blijven we onbewust van de denkgeest. En de pijn –
evenals de gedachte van afscheiding, wat het ego is – blijven dan beschermd
en buiten bereik van verandering. Telkens als we verder
kijken dan de misleidende truc van het ego en onderkennen dat wijzelf verantwoordelijk
zijn voor wat we voelen, en dat de keuze voor pijn zich in onze denkgeest
bevindt (T21.II.2), dan moeten we in
dat ogenblik van bewustzijn de Heilige Geest als onze Leraar hebben gekozen in
plaats van het ego. Anders zouden we nooit de echte bron van onze pijn herkend
hebben. Echter, onze angst om alles los te laten wat met die pijn vergezeld
gaat, inclusief het zelf dat we geloven te zijn, kan ons tussen de Heilige
Geest en het ego doen aarzelen. Als gevolg daarvan kan er in ons bewustzijn en onze
ervaring pijn blijven bestaan, totdat we dat alles in een heilig ogenblik
volkomen over kunnen geven aan de Heilige Geest in onze denkgeest. In het
algemeen: als we eerlijk zijn en de waarheid erkennen van wat we voelen en
waarom, beginnen we een bevrijding te ervaren van de stevige grip die deze
gevoelens op ons leken te hebben, zelfs als die gevoelens niet helemaal
verdwijnen. En dan hebben we ten minste de eerste stap gezet op de trap naar de
Hemel. Want de mogelijkheid voor vrede zal nu in ons bewustzijn aanwezig zijn. |